MegastadJohannesburg

De kelen staan weer open in Johannesburg

Toen het onlangs tegen half december liep, zag ik op sociale media sommige vrienden en kennissen in Johannesburg enthousiast de tekst #ThroatsAreOpen (‘de kelen staan open’) posten. Zuid-Afrika heeft een excessieve drinkcultuur en december is de maand bij uitstek waarin Jo’burgers het op een zuipen zetten. Dan begint voor de meesten van hen de zomervakantie. En dat moet worden gevierd.

Het was in mijn wijk Maboneng, afgezien van de dagen dat het non-stop regende, dan ook razend druk de afgelopen weken. Maboneng is een uitgaansgebied. Zuid-Afrikanen zijn volgens de Wereldgezondheidsorganisatie WHO de op vier na zwaarste zuiplappen ter wereld. De gemiddelde drinker in nuttigt er 28,9 liter pure alcohol per jaar. Dat is omgerekend elke dag 1,5 liter bier per persoon. Want bier is met 56 procent van de totaalinname de populairste alcoholische drank.

Inwoners van Johannesburg zijn uitzonderlijk gezellige, maar ook zeer luidruchtige mensen. Zeker als zij de dagelijkse 1,5 liter bier in hun openstaande kelen hebben gegoten. Dus lag ik de eerste helft van december vaak tot laat wakker door alle housebeats, ruzies, verhitte gesprekken en lachsalvo’s onder mijn raam.

Stilte ná de storm

Maar na 16 december gebeurt er in Johannesburg traditiegetrouw iets vreemds. Opeens sterft al het lawaai vrij snel uit, als een soort stilte ná de storm. Het drinken en feesten gaat eind december natuurlijk heus wel door – totdat iedereen aan het einde van de maand blut is en vervolgens online begint te klagen over alle schulden die in januari moeten worden afbetaald-, maar het verplaatst zich veelal naar buiten de stad.

Veel Zuid-Afrikanen vieren de kerstdagen in de streek waar hun familie vandaan komt, zoals hier ten noorden van Durban. Beeld AFP

Johannesburg stroomt de week voor Kerst leeg. Toen ik eind 2012 naar Zuid-Afrika verhuisde en in de loop van december een huis vond in Maboneng, snapte ik er niets van. Mij was verteld dat ik in de nieuwste hot­spot beland was, een trendy wijk waar het altijd bruiste, maar ik liep er de laatste twee weken van het jaar wat verdwaasd door de straten. Een ‘ghost town’ was het. De restaurants waren gesloten. De mensen waren vertrokken. Verkeer was er niet.

Kerstmis brengen veel Zuid-Afrikanen door met hun familie, op de plek waar hun roots liggen. Dat is voor bijna niemand Johannesburg. De stad werd nog geen 150 jaar geleden gesticht bovenop een enorme ondergrondse goudader. Van heinde en verre kwamen mijnwerkers naar deze plek. Johannesburg groeide uit tot de grootste metropool van Zuid-Afrika. 

Waar je voorvaderen vandaan komen

Nog steeds stromen er jaarlijks duizenden migranten uit binnen- en buitenland heen. Dit betekent dat niemand écht uit Johannesburg komt. Al helemaal omdat ‘je wortels’ in Zuid-Afrika verder teruggaan dan je geboorteplaats. Het gaat erom waar je voorvaderen vandaan komen. De spaarzame uitzonderingen die niet naar familie op het platteland hoeven met de feestdagen, en die geld hebben, boeken bij voorkeur een tripje naar de een van de stranden in Mozambique, rond Durban of Kaapstad. Bier en cocktails smaken nu eenmaal beter aan zee.

En ja, ook ik heb me aangepast. Want ik schrijf dit momenteel op het platteland van Groningen. Ik vertrok op 20 december. Terug naar mijn roots. Er staat een glas wijn naast mijn computer. Ik kom wel terug naar Johannesburg als januari die stad weer tot leven heeft gekust.

Lees ook: 

In Johannesburg is Afrika ver weg

Ik woon al lang genoeg in Johannesburg om te weten dat veel mensen – wit én zwart – hier ­menen dat hun stad van alles is, maar toch zeker geen werkelijk onderdeel van Afrika.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden