Voormalig stierenvechter Pedro José Beneit (l), die gesuikerde pinda’s verkoopt voor het stadhuis van Valencia.

ReportageSpanje

De coronacrisis raakt Valencia keihard: ‘Wij sterven hier nog van de honger’

Voormalig stierenvechter Pedro José Beneit (l), die gesuikerde pinda’s verkoopt voor het stadhuis van Valencia.Beeld Alex tieleman

De coronacrisis zorgt ervoor dat de toeristen uit Spanje wegblijven. Een hard gelag. Zeker omdat de kredietcrisis van 2008 de Spaanse economie al aan de afgrond bracht. In Valencia zijn de gevolgen van die dubbele crises goed zichtbaar. 

Een breeduit lachend konijn, geflankeerd door jonge dames in strak zittende gouden pakjes. Gabriél Román, de eigenaar van club Cream, kijkt weemoedig naar de foto’s van zijn vondst: Cream Bunny, een medewerker die in een konijnenpak gehesen is om aan vip-tafels grote flessen Moët-champagne te serveren. Het bleek een gouden greep om de lokale jeugd en de toeristen warm te maken voor zijn zaak in Valencia: het heeft de façade van een chic herenhuis, een aangebouwde loods doet dienst als danszaal.

Vóór de coronalockdown van halverwege maart dwarrelde in Cream de confetti uitbundig neer op de vele bezoekers van de club die meeliftten op de hervonden vreugde in Spanje’s derde stad. Net als in de rest van het land bloeide het toerisme en zat de economische wind eindelijk weer eens mee.

Maar na een paar zomerse feestavonden ging het nachtleven alweer in de ban en ging de club dicht. Román slijt zijn dagen nu yogaënd met zijn vriendin. Hij is weer een illusie armer; in een vorig zakelijk leven was hij vastgoedondernemer in Valencia, net op het moment dat de huizenbubbel in 2008 uit elkaar knapte (zie box). Zijn bedrijf was binnen een paar maanden failliet.

Jaren van Spilzucht

Románs verhaal schetst een korte economische geschiedenis van Valencia in de eerste twee decennia van deze eeuw: de stad (en delen van de gelijknamige regio) waren het epicentrum van de vastgoedboom. In 2007 werden er meer huizen gebouwd dan in de VS, de huizenprijzen stegen jarenlang met maar liefst 10 procent. Román: “Bankiers stonden letterlijk in de rij voor mijn kantoor om leningen te verkopen: ‘een ton, vijf ton, neem nog wat extra om op vakantie te gaan en een auto te kopen’, zeiden ze dan”. Delen van de vastgoedsector en corrupte politici die willens en wetens de bubbel verder opbliezen, geloofden heilig dat dit feest van overdaad nooit zou eindigen.

Gabriél Román, de eigenaar van club Cream.Beeld Alex tieleman

De uitspattingen van de spilzucht uit die jaren zijn nu nog volop zichtbaar in Valencia: een peperdure en nauwelijks gebruikte jachthaven, een in onbruik geraakt Formule 1-circuit en het betonnen karkas van wat nog steeds het nieuwe stadion voor de Valenciaanse FC moet worden.

Maar het hoogtepunt is toch ‘de Stad van Kunst en Wetenschap’, dat een operahuis, een museum, een bioscoop en het grootste aquarium van Europa herbergt. Het futuristische gevaarte van architect Santiago Calatrava had 300 miljoen moeten kosten, maar de eindafrekening lag een slordige miljard euro boven budget.

Valencia bleef na de jaren van verkwisting met een van de grootste schuldenbergen van alle Spaanse autonome regio’s zitten: bijna een kwart van de begroting wordt gebruikt om schuld af te lossen. Het toerisme bleek in Valencia net als elders in Spanje een belangrijke motor voor economisch herstel. De staat is populair vanwege de stranden en beroemd vanwege de paella. Corona veranderde alles. Dit jaar kwamen er bijna 75 procent minder bezoekers naar Spanje ten opzichte van het jaar ervoor, en in de Valenciaanse regio kromp het toerisme in de zomermaanden met maar liefst 65 procent. De hele Spaanse economie slinkt dit jaar door de coronacrisis naar verwachting met ruim 11 procentpunt.

Twee crises

Toch ziet Matilde Mas, econoom aan de Universiteit van Valencia, een andere economische crisis dan die van 2008: de vastgoedbubbel is niet meer, en menig corrupt politicus uit die jaren zit in de cel. Belangrijker: het Spaanse bankensysteem heeft haar zaken beter op orde. De spaarbanken, die destijds aan de lopende band slechte hypotheken verkochten, zijn grotendeels opgedoekt.

Hoe ontstond de crisis van 2008?

Met een geschiedenis van hoge inflatie en hoge rentes, zorgde de invoering van de euro in 1999 ervoor dat Spanjaarden opeens veel goedkoper konden lenen op de kapitaalmarkt. De toch al opgepompte huizenmarkt raakte nog verder op drift. Terwijl de Spaanse economie tussen 2000 en 2007 gemiddelde 3,8 procent per jaar groeide, verdubbelde ook de hoeveelheid schulden van Spaanse huishoudens en namen hypotheken en leningen aan projectontwikkelaars een hoge vlucht. Meegesleurd in de wereldwijde economische crisis van 2008 klapte de Spaanse vastgoedbubbel uiteen. Die werd gevolgd door de bankencrisis in 2012 die Spanje in een diepe recessie stortte: de werkloosheid in Europa’s vierde economie liep op tot 27 procent, de staatsschuld tot 100 procent van het bruto nationaal product tegenover 40 procent van voor de crisis.

Mas zag zelf, vanuit haar appartement aan het Plaza de Cánovas del Castillo, waar het wemelt van de barretjes en restaurantjes, hoe verschillend de twee crises zich ontvouwden. Na het barsten van de vastgoedbubbel werd het al snel stil op het plein: obers stonden vol ongeloof buiten voor een lege zaak. “Mijn god, dat dit kan gebeuren, hoorde je overal. Mensen hadden geen geld meer in de zakken, geen creditcard, niets”, vertelt ze. In het strandoord Javéa, waar zij een tweede woning heeft, hingen de tekoopborden destijds overal aan de gevels.

Tijdens dit coronajaar is de horeca op haar plein al maandenlang grotendeels dicht. De oorzaak is anders: de Valencianen hebben nog wel geld in tegenstelling tot twaalf jaar geleden, maar ze kunnen niet naar het café vanwege de opgelegde coronarestricties. In Javéa hangen er vooralsnog geen verkoopborden en werd er deze zomer uitbundig vakantie gevierd, zij het vooral door Spanjaarden en buitenlandse huizenbezitters.

Door werktijdverkorting en andere steunmaatregelen van de regering is de koopkracht nog grotendeels intact, wil Mas zeggen. “Het is nog steeds vooral een gezondheidscrisis en geen economische crisis, zolang de steunmaatregelen van kracht kunnen blijven. Dat zeg ik er uitdrukkelijk bij. De grote angst voor de toekomst, zoals die er wel was in 2008, zie ik nu nog niet”, stelt de academica.

Valencia’s crisisgeneratie

Voormalig stierenvechter Pedro José Beneit, die gesuikerde pinda’s verkoopt voor het stadhuis van Valencia, merkt de coronacrisis wel in zijn portemonnee. Aan de vooravond van Valencia’s feestdag, is het centrum normaal gesproken afgeladen, maar dit jaar is er geen kip op straat. “Wij sterven hier nog van de honger. Ik heb een luchtwegaandoening, wat moet ik doen als ik corona krijg?”, vraagt hij retorisch, terwijl zijn nootjes in de olie borrelen. Vanwege de pandemie wordt Valencia’s vlag dit jaar maar niet in een processie door de straten gedragen, maar is hij op gepaste afstand te bezichtigen in het stadhuis.

Daar, en in het regiopaleis, waait inmiddels een heel andere politieke wind. Na jarenlang ononderbroken macht van de conservatieve Volkspartij is het nu aan links om Valencia’s volgende crisis het hoofd te bieden. Partijen als het activistische Podemos, die voortkwam uit antibezuinigingsprotesten uit de vorige crisisjaren, en het regionalistisch linkse Compromís hebben nu een grote vinger in de pap.

Neem Adoración Guamán. Zij stond net als andere Valencianen op de barricade bij de protesten van de indignados die zich keerden tegen de door Brussel opgelegde bezuinigingspolitiek tijdens de vorige crisis. Als regiominister voor wonen namens Podemos ziet zij nu dat veel Valencianen in de problemen komen als er even net wat minder binnenkomt, zoals nu door de coronacrisis. “Dan is het soms kiezen tussen de huur betalen of boodschappen doen”, vertelt zij op haar kantoor.

In ruil voor noodsteun

Hoewel de economie de afgelopen jaren groeide en de werkloosheid afnam, zijn veel Valencianen volgens Guamán niet opgewassen tegen een nieuwe crisis. In ruil voor noodsteun om een faillissement af te wenden, moest Spanje van Brussel en het IMF tijdens de vorige crisis ‘concurrerender’ worden. Gevolg was dat salarissen laag werden gehouden, tijdelijke contracten de norm werden en ontslag gemakkelijker werd. Die maatregelen echoën nu door naar de coronacrisis, ziet de politica: “Arbeidstijdverkorting helpt vooral als je een stabiele arbeidspositie hebt”. Zzp’ers en Spanjaarden die van tijdelijk contract naar tijdelijk contract gaan, krijgen nu maar weinig steun.

Fietsverhuurder Javiér Palacios.Beeld Alex Tieleman

Javiér Palacios (30), sinds vorig jaar eigenaar van een fietsverhuur-winkeltje, was ook een indignado. Toch is hij nu kritisch op de huidige Valenciaanse politieke machthebbers. Zo kwam hij in aanmerking voor 3000 euro coronanoodsteun. Maar die bijdrage had volgens hem meer weg van een vrachtwagen met voedsel die naar een crisisgebied rijdt waar alleen de sterksten ervandoor gaan met de buit. “Mijn boekhouder moest urenlang op de verversknop drukken op een website zodat ik kans maakte, anders was het geld gewoon op.”

De jaren dat het vastgoedgeld tegen de plinten klotste en de daaropvolgende klap hebben volgens Palacios zijn generatie gevormd: van zijn studiegenoten met wie hij tijdens de vorige crisis op de universiteit zat, is hij een uitzondering. Niemand heeft een eigen zaak en maar twee vrienden doen werk op niveau. “In de jaren van de boom gingen vrienden van school om in de bouw te gaan werken: ze reden in BMW’s, hadden een maandsalaris van 2000 of 3000 euro. Toen kwam de crisis”, vertelt Palacios. Toen zijn jaar in 2012 van de universiteit ging, was er nog maar weinig te kiezen. Aan een master heb je volgens hem nauwelijks iets in Valencia. “Iedereen was bezig met overleven, sparen voor later zat er niet in.”

De drommen bezoekers die voor coronacrisis fietsen huurden bij Palacios, brachten geld in het laatje. Ze doorkruisten de stad op de ruim opgezette fietspaden. Nu zijn er dagen dat Palacios geen enkele tweewieler verhuurt. “Als dit nog langer duurt, moeten we ons eten uit het bos gaan halen”, zegt hij somber.

Cream bunny

Econoom Matilde Mas ziet ook lichtpuntjes: zolang Brussel Spanje niet maant om te bezuinigen, denkt zij dat de coronacrisis en de miljarden Europese steun een uitgelezen mogelijkheid kunnen zijn om Spanje’s structurele problemen aan te pakken. De logge instituties en de precaire contracten moeten op de schop, de Spaanse productieketen moet efficiënter en de regering moet investeren in de krimpgebieden.

“Wij hebben een hoogwaardige economische infrastructuur. Maar we maken geen succes van wat we al hebben”, zegt Mas. Zij verwacht dat ook de toeristen zullen terugkeren, al zullen niet alle bedrijven die zich daar de afgelopen jaren op hebben gestort dat nog gaan meemaken. “Als je ham of je paella goed is, dan heeft je bedrijf toegevoegde waarde en blijf je open. Helaas wordt in veel horecazaken alleen een biertje op tafel wordt gezet. Zij hebben geen toekomst en zullen over de kop gaan”, zegt Mas.

Clubeigenaar Román hoopt dat hem dat bespaart blijft. Zijn herinneringen aan de lange feestavonden in de Cream zijn zoet: zoals die keer dat hij de inmiddels wereldberoemde Franse dj David Guetta had weten te strikken, die toen nog voor een ‘schamele’ 12.000 euro plaatjes draaide.

Hij eet zijn spaargeld op

Maar de tweede coronagolf die in Spanje nog niet over haar hoogtepunt heen is, een avondklok en de noodtoestand die de regering van premier Sánchez nog maandenlang wil laten duren, beloven niet veel goeds. Hoewel hij als vastgoedman bij de vorige crisis ook deel was van het probleem, kan het er bij hem niet in dat banken die met de meest waanzinnige leningen bij hem op de stoep stonden staatssteun kregen, terwijl hij nu zijn spaargeld opeet: “Toen werden bedrijven gered die iets verkeerd hadden gedaan. Nu hebben bedrijven niets verkeerd gedaan, maar wij worden niet gered.”

Román weet nog goed hoe het Valenciaanse uitgaansleven tijdens de vastgoedcrisis van gekkigheid begon te stunten om de verliezen te beperken. Om gasten naar binnen te krijgen, waren de drank en toegang soms urenlang gratis. Het doet denken aan het nieuwste initiatief van Valencia’s toeristenoord Benidorm. Daar bieden ondernemers nu een week lang een verblijf en maaltijden aan voor 200 euro.

Lees ook: 

De coronacrisis slaat metersdiepe gaten in de Spaanse economie

De Spaanse economie is van alle Europese landen het hardst geraakt door het uitbreken van het coronavirus. Vooral de toeristensector krijgt harde klappen. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden