ColumnVS-column

Congresleden mogen weer geld uitdelen

null Beeld

Als je in Amerika woont, je groep aan de beurt is voor de Covid-vaccinatie, maar de staat waar je woont misschien geen genoegen neemt met een Nederlands paspoort, dan klim je in de telefoon natuurlijk.

Als dan de ambtenaar aan de andere kant van de lijn niet wil meewerken, is er een probaat middel om de de bureaucratie alsnog te laten bewegen: je roept de hulp in van je afgevaardigde of senator in Washington.

Voor het vaccin van deze correspondent ziet het er goed uit, na voorspraak van het ‘staatsbureau’ van ‘zijn’ senator. Dat is een kantoor waar een ploegje medewerkers een dagtaak heeft aan het helpen van kiezers bij hun problemen. Gebeurt dat naar tevredenheid, dan vertellen die dat rond, en dat levert stemmen op.

Wat hier lukte op kleine schaal, kan voor een hele staat gebeuren op grote schaal: een nieuwe brug, een hoognodige opknapbeurt voor een snelweg: een brief of telefoontje van een volksvertegenwoordiger naar het ministerie kan de doorslag geven.

En vanaf dit jaar hoeven leden van het Congres niet eens meer subtiel om dat geld te vragen: ze kunnen die uitgave gewoon in de wet zetten. Als hun collega’s het goed vinden, heeft de overheid geen keus, dan wordt dat bedrag uitgegeven.

Oormerken

Die praktijk heet ‘oormerken’, en ze is zo oud als de VS zelf. Maar wel een die in 2011 werd afgeschaft. Ruim tien jaar lang heeft het Congres dat politieke gereedschap vrijwillig in de kast gelaten.

Er was ook wel het een en ander mee mis. In hun ijver om geld naar hun staat of district te sturen, gingen sommige volksvertegenwoordigers wel heel ver. Berucht werd de ‘brug naar nergens’ in Alaska, van de plaats Ketchikan naar Gravina Island, waar zo’n 50 mensen wonen. Eerlijk is eerlijk, er ligt ook een luchthaven op, Ketchikan International Airport, maar daar maken in niet-coronatijden maar enkele honderden passagiers per dag gebruik van. Toch ijverden een afgevaardigde en een senator uit Alaska voor het bouwen van een enorme brug, voor bijna 400 miljoen dollar. Het geld kwam er. Na veel protesten werd die beslissing in 2007 echter weer ingetrokken. Wel mocht Alaska het geld houden en besteden aan wat de staat maar wilde.

Dat het Huis van Afgevaardigden en de Senaat die uitgaaf in eerste instantie goedkeurden, is niet zo vreemd als het lijkt. Zo’n geoormerkt bedrag komt nooit in een losse wet, maar is onderdeel van een grotere wet. Daarin hebben andere congresleden ook hun oormerken gestopt. Ze komen ook terecht in wetten die om politieke of praktische redenen absoluut moeten worden aangenomen, de begroting van een ministerie bijvoorbeeld. De oormerken zijn dan het wisselgeld voor de stem van een afgevaardigde of senator die eigenlijk tegen zou willen stemmen.

Uitnodiging voor corruptie

Dat een individueel Congreslid op die manier miljoenen naar zijn of haar staat kon sturen, was wel een uitnodiging voor corruptie. En daar was ook geen gebrek aan. In 2006 werd voormalig congreslid Duke Cunningham, een Republikein, veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf omdat hij 2,4 miljoen dollar had opgestreken van bedrijven in de defensie-industrie.

En corruptie is niet partijgebonden: justitie kreeg ook de Democraat John Murtha in het vizier. Hij zou doormiddel van oormerken geld naar nep-bedrijven en stichtingen van vrienden en familieleden hebben gesluisd. Maar hij overleed in 2010.

Die zaak rond Cunningham was de directe aanleiding voor het Congres om de oormerken eraan te geven. Het deed de reputatie van het instituut geen goed, was de gedachte. Beide partijen waren daar voor. Maar nu draaien ze dat eensgezind weer terug.

De teugels gaan niet helemaal los

De teugels gaan niet helemaal los. Van het geld dat het Congres dit jaar vrij besteedt (dus afgezien van verplichte nummers als defensie en oudedagsuitkeringen) mag een procent worden besteed aan ‘lokale projecten’. Een Congreslid moet aantonen dat er in zijn district of staat behoefte aan is, en dat de lokale overheid er ook voor is. Het project moet behalve het geoormerkte geld ook nog andere geldbronnen hebben. En elk congreslid mag maar een beperkt aantal voorstellen indienen.

Een belangrijke reden dat beide partijen de oormerken weer terug willen, is de bijna gelijke stemmenverhouding in het Congres. In het Huis van Afgevaardigden hebben de Democraten momenteel maar acht stemmen meer dan de Republikeinen, in de Senaat hebben ze er precies evenveel. Dat geeft individuele congresleden heel wat macht: hun stem kan al snel de doorslag geven in het wel of niet aannemen van een wet. Het toelaten van oormerken betekent dat je zo’n congreslid iets kunt toestoppen om te zorgen dat hij of zij zich schikt naar de fractiediscipline.

Geen neiging tot rebellie

En zelfs als fractieleden geen neiging tot rebellie vertonen, kan het nuttig zijn ze een oormerk te gunnen: zowel onder Democraten als onder Republikeinen zijn er die hun zetel enigszins verrassend wonnen, in een staat die juist overwegend Republikeins, respectievelijk Democratisch stemt. Zij leven in vrees dat het hen bij de volgende verkiezingen niet zal lukken hun zetel te behouden. Het binnenslepen van mooie projecten kan dan net de doorslag geven. Want een kiezer die zich goed geholpen voelt, wil nog wel een stemmen voor iemand die eigenlijk niet van zijn of haar partij is.

Deze correspondent zal niet stemmen voor de senator met haar behulpzame medewerkers. Dat mag hij niet. Maar een heel netwerk van vrienden en kennissen mag dat wel, en zal in de oren geknoopt hebben dat een beroep op hun vertegenwoordiger in Washington niet vergeefs was.

Trouw-correspondent Bas den Hond (standplaats Boston) schrijft wekelijks een column over de Amerikaanse politiek. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden