ReportageCalifornië

Californië probeert daklozen van de straat te krijgen tijdens de coronacrisis: ‘Het is extra gevaarlijk buiten’

Pakweg duizend veld bedden, op twee meter afstand van elkaar,  in het congescentrum in het centrum van San Diego. Beeld Eline van Nes
Pakweg duizend veld bedden, op twee meter afstand van elkaar, in het congescentrum in het centrum van San Diego.Beeld Eline van Nes

Bij een uitbraak van hepatitis A overleden in 2017 twintig daklozen in San Diego. Tijdens de coronacrisis heeft de stad gekozen voor een centrale opvang. Een grootschalige uitbraak onder daklozen is tot nu toe uitgebleven. 

Wanneer agent Marck Erickson en de rest van het Homeless Outreach Team van de politie over de heuvel aankomen in het Presidio Park, schrikt de groep op. Bierblikjes worden weggeborgen in een versleten tas. Naast drie jonge zwarte mannen zit een oudere dame met verlopen gezicht, weggedoken onder een deken. De agenten kennen haar naam, vragen hoe ze zich voelt.

Een van de mannen vraagt of ze worden gearresteerd, waarop Erickson hem geruststelt. “Ik wilde praten over de nieuwe opvang. Drie keer per dag eten, veel douches.” Hij toont foto’s op zijn telefoon. “Denk erover na, dan bespreken we het volgende keer. Kan ik je altijd hier vinden?”

Die opvang, dat is het congrescentrum in het centrum van San Diego. Het is geopend aan het begin van de coronacrisis, ter vervanging van kleinere opvanghuizen waarbinnen het virus zich makkelijk verspreidt. In normale tijden zijn de 150.000 dak- en thuislozen in Californië al een complex dilemma voor instanties – in sommige wijken staan rijen van tenten waarin mensen op de stoep wonen. Maar toen het coronavirus zich aandiende was duidelijk dat een uitbraak onder daklozen rampzalig kon uitpakken, aangezien zij vaak al onderliggende aandoeningen hebben.

Rechtszaak

In San Francisco begonnen bewoners met lokale ondernemers een rechtszaak om de stad te dwingen daklozen van straat te krijgen. Los Angeles bracht daklozen onder in leegstaande hotels, San Diego koos voor één grote opvang.

Agent Gary Bowen van het outreachteam vertelt dat de virusuitbraak daarmee een positieve bijkomstigheid heeft: de stad wil zich extra inspannen om mensen van straat te krijgen. “Eindelijk hebben we een centraal punt, met één duidelijk contactpersoon. Eerder hadden we met zo veel instanties te maken dat we het overzicht kwijtraakten.”

George Johnson, 61, in het opvangcentrum in San Diego. De slaapzaal is verdeeld in twee ruimtes, waar de vrouwen aan een kant slapen en de mannen aan de andere kant.  Beeld Eline van Nes
George Johnson, 61, in het opvangcentrum in San Diego. De slaapzaal is verdeeld in twee ruimtes, waar de vrouwen aan een kant slapen en de mannen aan de andere kant.Beeld Eline van Nes

In de haven dobberen fonkelwitte zeiljachten aan de pier. Bij de catering-ingang van het congrescentrum staan mobiele toiletten en douchecabines. Binnen, achter de coronatestruimtes, is het therapiespreekuur. In de volgende zaal staan de pakweg duizend veldbedden op twee meter afstand van elkaar.

“In 2017 hadden we een uitbraak van hepatitis A, waarbij twintig daklozen overleden”, vertelt woordvoerster Ashley Bailey. Voor de toenmalige burgemeester was het duidelijk: de stad moest hard werken om de permanente tentenkampen van de straat te krijgen, vanwege de slechte hygiënische omstandigheden. “Maar je kunt niemand dwingen. Daarom doen de outreachteams hun best vertrouwen op te bouwen op straat.”

Lopend langs de slaapzaal vertelt Bailey dat aan het begin van de corona-uitbraak duidelijk was dat er geen herhaling van 2017 mocht komen. Er kwam budget beschikbaar en de stad koos voor het congrescentrum, dat toch leegstond vanwege de coronamaatregelen. Zo waren niet alleen de achtduizend daklozen van San Diego geholpen, maar ook de medewerkers van het centrum die anders op onbetaald verlof moesten. Het werkte, een grootschalige uitbraak onder daklozen bleef uit. Maar door berichtgeving van lokale krant Union Tribune ontstond kritiek op de kosten van de opvang – geschat op tweehonderd dollar per persoon per dag. “Het is premium hier”, geeft Bailey toe. “Maar wij dachten dat de virusuitbraak hooguit enkele maanden zou duren.”

‘Nu wil ik alleen maar een dak’

Een oudere zwarte man wuift, hij wil zijn verhaal vertellen. De 61-jarige George Johnson leefde door drugsverslaving vijftien jaar op straat, in Dallas en later in Californië. “Nu wil ik alleen maar een dak”, verzucht hij, zittend op zijn veldbed. “Het is extra gevaarlijk buiten, mensen houden geen rekening met het virus. En ik ben al ouder, begrijp je?”

De 61-jarige James Sneed, die verderop in een rolstoel naar een film zit te kijken, vindt dat een dak niet genoeg is. Natuurlijk is hij blij dat de gemeente een tijdelijke opvang heeft opgezet, maar na twintig jaar straatleven is het hem duidelijk dat er meer moet gebeuren. Veel daklozen hebben langdurig zorg en begeleiding nodig, vindt hij, dan kunnen ze zelf hun leven op orde krijgen: “Hulp hebben we nodig, geen aalmoezen”.

Naast een parkeerplaats tussen de hoge flats in het centrum van San Diego woont de 72-jarige Coco in een tentje op straat. Hij is al ruim 30 jaar dakloos.
 Beeld Eline van Nes
Naast een parkeerplaats tussen de hoge flats in het centrum van San Diego woont de 72-jarige Coco in een tentje op straat. Hij is al ruim 30 jaar dakloos.Beeld Eline van Nes

Ook al hopen de betrokken instanties dat de gecentraliseerde locatie blijvend is en de zorg niet versplintert na de coronacrisis, erkennen ook zij dat op langere termijn veranderingen moeten komen in de Amerikaanse samenleving. In Californië is een ernstig woningtekort, terwijl amper wordt bijgebouwd. Daarnaast leidt pakweg de helft van de Californische daklozen aan geestelijke aandoeningen, terwijl geestelijke zorg ontoereikend is.

Therapeute Danielle Franz van het outreachteam verzucht dat een zorgprogramma kan worden gerekt tot maximaal twee jaar, maar dat daarna voor zelfs de zware patiënten geen geld meer is. Zorg in langdurige instellingen is afgeschaft in de Reagan-jaren, vanwege bezuinigingen. Franz: “Nu is het probleem dat mensen verdwijnen uit het zorgsysteem. Ze stoppen met medicijnen en voor je het weet staan ze weer op straat.”

Lees ook:

Daklozen krijgen hun leven weer op de rails vanuit hotelkamer

De coronapandemie zette de belabberde opvang van daklozen in Nederland in het volle licht. Nu heeft het Rijk miljoenen vrijgemaakt en zoeken gemeenten naarstig naar huizen. Intussen zitten veel daklozen in hotels.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden