De 13-jarige Saray Cambray Alvarez in 2014 tussen de tabak die ze helpt te oogsten, dicht bij haar huis in Pink Hill, North Carolina.

Kinderarbeid

Bijna een miljoen Amerikaanse kinderen zwoegen ’s zomers tussen de tabaksplanten

De 13-jarige Saray Cambray Alvarez in 2014 tussen de tabak die ze helpt te oogsten, dicht bij haar huis in Pink Hill, North Carolina. Beeld Hollandse Hoogte / The New York Times Syndication

In de Verenigde Staten mag je als 12-jarige geen sigaretten kopen in de winkel, maar wél op tabaksplantages werken.

Maar liefst 800.000 Amerikaanse kinderen werken op het land in extreme hitte, tussen giftige pesticiden en met gevaarlijke machines. Hoe bizar het ook klinkt, in de Verenigde Staten is intensieve kinderarbeid op het land legaal. In de agrarische sector gelden namelijk geen wetten en regels die kinderen beschermen, terwijl dat in alle andere sectoren wel zo is. 

Daarom diende het Democratische congreslid Lucille Roybal-Allard  al verschillende keren de Children’s Act For Responsible Employment and Farm Safety (Care) in, de wet die kinderen die in de landbouw werken dezelfde rechten geeft als werkende kinderen in andere sectoren. Zonder resultaat. Vorig jaar deed Allard een nieuwe poging. “Het is hoog tijd dat ook de kinderen die in de landbouw werken beschermd worden, net als alle andere kinderen”, vindt Allard.

Nicotinevergiftiging

Onderzoeksjournalist Gabriel Thompson, die onder meer het boek ‘Chasing the Harvest’ schreef, onderzocht de werkomstandigheden van kinderen die tussen de tabaksplanten werken. Hij tekende het verhaal op van Neftali Cuello uit Mexico. Zij kreeg op haar eerste werkdag op een tabaksplantage in North Carolina een nicotinevergiftiging. Ze was toen twaalf jaar. Golven van duizeligheid en misselijkheid overvielen haar, maar ze bleef die zomer elke dag twaalf uur per dag werken om haar moeder financieel te kunnen helpen. Af en toe strompelde ze naar de rand om over te geven.

Plukkers aan de slag op een veld met tabaksplanten in het Amerikaanse Chatham. Beeld AP

Uit een nieuw onderzoek van The Wake Forest School of Medicine blijkt dat de werkomstandigheden van Neftali niet ongewoon zijn. De dertig geïnterviewde kinderen die op het land werken, vertelden dat ze onder druk werden gezet door hun bazen, geen uitleg kregen over machetes, geen bescherming kregen tegen pesticiden en dat ze zich angstig voelden.

Ook Human Rights Watch publiceerde een onderzoek naar kinderarbeid op tabaksplantages. Veel Amerikaanse kinderen brengen de zomervakanties niet spelend, maar zwoegend door tussen de tabaksplanten, stelt de mensenrechtenorganisatie. De 141 geïnterviewde kinderarbeiders kampen dagelijks met dezelfde symptomen als Neftali. Zelf noemen ze de vergiftiging ‘de groene tabaksziekte’. Het is niet duidelijk hoeveel nicotine een kind absorbeert tijdens een dag werken. Schattingen lopen uiteen van een equivalent aan het roken van zes tot dertig sigaretten per dag. Kinderen en volwassenen proberen hun huid tegen de giftige nicotinedeeltjes te beschermen door zich te hullen in plastic vuilniszakken, maar die absorberen warmte; kinderen raken regelmatig bevangen door de hitte.

Racistische oorsprong

Sinds 2014 verbieden sommige tabaksfabrikanten kinderen onder de zestien jaar om in de Amerikaanse tabaksteelt te werken, maar er is nog altijd geen wet die dat centraal regelt. Hoe is het mogelijk dat een westers land als de Verenigde Staten geen wetten heeft die kinderen beschermen tegen zulke uitbuiting op het land? Volgen Thompson is daar een historische reden voor. Sinds 1938 geldt de Fair Labor Standards Act in Amerika, waarmee onderdrukkende kinderarbeid werd verboden. Voor het werken in fabrieken en mijnen moesten kinderen vanaf toen minimaal 18 jaar zijn. “Dat die regels niet in de agrarische sector golden, komt mede door de racistische politici van toen. Op het land werkten destijds vooral donkere mensen. De Amerikaanse politici hadden weinig interesse om hen te beschermen. Ze vonden dat ‘je de donkere en de blanke man niet op dezelfde manier hoefde, of zelfs mocht behandelen’. Kinderarbeid op het land bleef daardoor legaal”, vertelt hij.

Voor zijn onderzoek werkte de onderzoeksjournalist zelf twee maanden op een tabaksplantage. Hij zag dat veel mensen angstig waren. “Vaak zijn de arbeiders illegalen uit Mexico of andere zuidelijke landen. Als illegaal heb je geen poot om op te staan. Plantage-eigenaren betalen hen soms niets of ver onder het minimumloon. Maar de arbeiders accepteren alles, uit angst om het land uitgezet te worden. Ze hebben geen rechten, dus ze doen alles wat ze gevraagd wordt.”

Minder overheidsbemoeienis

De oorzaak voor het ontbreken van wetgeving moet niet alleen in het verleden gezocht worden. De Amerikaanse overheid bemoeit zich steeds minder met bedrijven, waardoor wetten die voor meer regels zorgen nauwelijks door het congres worden goedgekeurd. De Republikeinen pleiten voor minimale overheidsbemoeienis en vertrouwen erop dat bedrijven ook zonder regels goed met hun personeel omgaan.

Thompson denkt dat de kans dat de Care-wet zal worden aangenomen klein is. “Kinderen hebben geen stem waarnaar wordt geluisterd. Daarom is het makkelijk om het probleem te negeren en te ontkennen. Maar wie een sigaret rookt, heeft eigenlijk bloed aan zijn handen. Er moeten regels en wetten komen om deze kinderen te beschermen. Door het debat over de Care-wet komt dit probleem gelukkig wel weer onder de aandacht. Het is een stap in de goede richting voor kinderen die in deze sector werken.”

Lees ook:
Kinderarbeid is alleen uit te roeien als overheid en bedrijven samenwerken

Hoe valt kinderarbeid uit te bannen? De overheid alleen krijgt het niet voor elkaar, zegt hoogleraar Cees van Dam, ook bedrijven zelf moeten er iets aan doen. Maar niet elke ondernemer laat zich daar iets aan gelegen liggen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden