Interview Rohingya

‘Alle Rohingya willen naar huis, mits het er veilig is’

Rohingya-vluchtelingen bij een herdenking vorige week van de militaire aanval op hun gemeenschap in 2017 die leidde tot hun massale vlucht naar Bangladesh. Beeld AFP

De vele gevluchte Myanmarese Rohingya in Bangladesh durven na twee jaar niet terug. 

Twee jaar nadat 700.000 Rohingya, een moslimminderheid in Myanmar, de grens over waren gevlucht naar Bangladesh, is de situatie nog altijd uitzichtloos. Terugkeren naar het land van vervolging durft nog niemand. En in Kutupalong Balukhali, het grootste vluchtelingenkamp ter wereld, zijn de bewoners wanhopig vertelt hulpverlener Tayab Khan (25) telefonisch. Khan is zelf ook Rohingya, zijn ouders vluchtten 27 jaar geleden naar Bangladesh. Nu werkt hij in het kamp voor Human Relief Foundation, een organisatie die een school runt voor 150 kinderen. 

Hoe is de situatie in het kamp?

“Toen wij twee jaar geleden ons werk begonnen was het ontzettend moeilijk voor de Rohingya. Er was te weinig voedsel en veel mensen hadden medische zorg nodig. Er is nu geen tekort meer. Elke vluchteling krijgt eten op rantsoen: rijst, vis en groente. Medische zorg is wel moeilijk. Er is basiszorg, maar als iemand iets ernstigs heeft is het enorm lastig om diegene te helpen. Vooral de ouderen hebben het zwaar. Zij hebben echt meer hulp nodig.”

Onlangs mislukte een nieuwe poging Rohingya terug te laten keren naar Myanmar – de VN-bussen die hen terug zouden brengen bleven leeg. Waarom wil niemand terug?

“Alle Rohingya willen terug naar huis. Maar alleen als Myanmar ons erkent als Rohingya. We willen gerechtigheid voor wat ons is aangedaan en we willen in veiligheid kunnen leven. Als dat niet kan, hoe kunnen wij dan terugkeren? Veel vluchtelingen vrezen bij terugkeer te worden vermoord. Nu hebben we geen vrijheid. Veel liever dan een dagelijks rantsoen hebben we een plek waar we ons in vrijheid kunnen settelen en ons eigen leven kunnen leiden.”

Hoe is de stemming onder de Rohingya nu terugkeer uitblijft?

“Veel mensen zijn wanhopig. Ik zie dat veel Rohingya proberen een Bengalese identiteitskaart te bemachtigen, zowel echte als valse. Zodra ze die hebben proberen ze het kamp uit te komen en een ander land te bereiken, het liefst de Verenigde Staten of ergens in Europa. Meestal lukt dat niet. En als de soldaten iemand buiten het kamp aantreffen met een valse identiteitskaart, dan geven ze diegene een pak slaag en sturen hem of haar terug naar het kamp. Dat weerhoudt mensen er echter niet van het te proberen.”

Meer dan de helft van de vluchtelingen is jonger dan achttien jaar. Hoe houden zij zich staande?

“De jonge generatie Rohingya heeft het erg moeilijk. Zij vragen zich af wat voor leven dit is. Ze hebben geen werk en mogen nergens naartoe. Omdat ik een Bengalees paspoort heb kan ik het kamp in en uit wanneer ik dat wil, maar zij kunnen dat niet. Het is alsof ze verlamd zijn. Er gaan bovendien verhalen rond van meisjes die uit het kamp worden gesmokkeld en in de prostitutie belanden. En soms wordt er in het geheim een jonge Rohingya-vrouw uit het kamp gehaald om met een Bengalees te trouwen.”

Bangladesh biedt onderdak aan bijna 1 miljoen vluchtelingen. Gaat dat altijd goed?

“Sommige Bengalezen zijn kwaad op ons. Ze zeggen dat we een deel van hun land hebben ingepikt, maar dat is niet terecht. Het land waarop de kampen zijn gebouwd is van de overheid, en die heeft het beschikbaar gesteld voor de Rohingya. Maar er wordt altijd op ons neergekeken, alsof we geen mensen zijn. Maar wij bloeden net zo goed. Wij hebben ook emoties.”

Geen vertrouwen in Myanmarese overheid

Twee jaar geleden kwam er in Rakhine, in het westen van Myanmar, een ongekende vluchtelingenstroom op gang. Ruim 700.000 Rohingya, een moslimminderheid, vluchtten naar Bangladesh toen het Myanmarese leger hun dorpen plat brandde en duizenden mensen doodde. De VN-Mensenrechtenraad beschuldigt het leger van genocide, oorlogsmisdaden en misdrijven tegen de mensheid.

Sinds anderhalf jaar worden er al pogingen gedaan om Rohingya terug te brengen naar Myanmar, maar dat schiet nog niet op. Myanmar zegt klaar te zijn de Rohingya te ontvangen en selecteerde onlangs 3450 vluchtelingen die terug mogen. Maar toen die repatriatie op 22 augustus plaats moest vinden, wilde niemand mee. Volgens de UNHCR hebben de vluchtelingen nog geen vertrouwen in de Myanmarese autoriteiten. 

De VN zien wel positieve ontwikkelingen om het vertrouwen te verstevigen. Zo brachten hooggeplaatste Myanmarese ambtenaren onlangs een bezoek aan de kampen om de Rohingya te ontmoeten. Komt het tot een terugkeer, dan alleen op vrijwillige basis en met de garantie dat de Rohingya veilig zijn, aldus de VN.

Volgens Myanmar zijn er tussen mei 2018 en mei 2019 185 Rohingya teruggekeerd. Volgens The New York Times keerden slechts 31 Rohingya ‘echt’ terug.

Lees ook:

Rohingya Noor (85) vluchtte met negen kinderen en zestig kleinkinderen naar Bangladesh

Uit angst voor het Myanmarese leger en boeddhisten vluchtten 693.000 Rohingya-moslims naar Bangladesh. De familie van Noor Ahmad was in augustus 2017 getuige van het bloedbad van Tula Toli.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden