Drie hobbels

Zo gaat het vaccin van de Pfizer-fabriek naar de Nederlandse arm

Na Engeland zijn ook de Verenigde Staten begonnen met vaccineren tegen Covid-19.  Beeld REUTERS
Na Engeland zijn ook de Verenigde Staten begonnen met vaccineren tegen Covid-19.Beeld REUTERS

Het coronavaccin van Pfizer wordt misschien volgende week al goedgekeurd. Drie te nemen hobbels voordat het vaccineren begint.

Hobbel 1: Distributie

Het vaccin van Pfizer wordt aangeleverd in dozen van 195 flesjes, elk goed voor vijf doses, dus bijna duizend vaccins per doos. Het is diep ingevroren (80 graden onder nul) en blijft, als het is ontdooid, vier dagen goed. Dat stelt hoge eisen aan de logistiek.

Het oorspronkelijke plan, om de vaccinatiecampagne te beginnen bij de meest kwetsbare ouderen, de bewoners van verpleeghuizen, viel daardoor af. Het vaccin zou in kleine porties over het land moeten worden verspreid, met grote verliezen tot gevolg. Daarom krijgen nu de zorgmedewerkers in de verpleeghuizen de eerste prik, zij moeten dan een beschermende ring vormen. Deze inentingen worden op circa dertig locaties toegediend.

De vaccins worden in eerste instantie op een centraal punt opgeslagen, met nog een paar backups, om te voorkomen dat met één brand de totale voorraad verloren gaat.

Intussen moeten op elke priklocatie voldoende medische hulpmiddelen voorhanden zijn, zoals naalden en vloeistof om het vaccin in op te lossen. En voldoende prikkers natuurlijk. De GGD verwacht tweehonderd mensen nodig te hebben om de 225.000 zorgmedewerkers in zes weken tijd van twee vaccinaties te voorzien. GGD-directeur Sjaak de Gouw zei tegen de NOS dat hij gemakkelijk meer mensen zou kunnen optrommelen waardoor deze campagne sneller kan zijn afgerond.

Voor de iets langere termijn, als de rest van Nederland aan de beurt komt, zou Jan Fransoo, hoogleraar logistiek management aan de Universiteit Tilburg, een robuustere planning maken. “We weten niet hoe groot de opkomst zal zijn. We hebben een beperkt aantal vaccins. Logistiek gezien zeg ik dan: zet niet in op de vijfduizend huisartsen, maar op een dertigtal centrale locaties. Dan kun je, naar verhouding, vraag en aanbod veel beter op elkaar afstemmen en zijn de verliezen minimaal. En zorg dat je daar een overcapaciteit in hebt. Dat kost wel wat, maar dan kun je, als het eenmaal zo ver is, veel sneller handelen.” Een paar miljoen mensen zullen niet naar zo’n locatie kunnen komen. “Dat is onvermijdelijk. Voor hen schakel je de huisarts of bedrijfsarts in. Dat grotere verlies moet je accepteren.”

null Beeld Sander Soewargana
Beeld Sander Soewargana

Hobbel 2: Registratie

Het Pfizervaccin komt in twee prikken. Wie is ingeënt, moet drie weken later terugkomen voor een tweede vaccinatie. Pas dan biedt het vaccin volgens de fabrikant optimale bescherming. Dat vereist een goede registratie. Zeker als straks ook de vaccins beschikbaar komen van Moderna of AstraZeneca, die ook in twee doses worden toegediend. Bovendien: het zijn nieuwe vaccins die op een beperkte groep – enkele tienduizenden – zijn getest. Als dat er miljoenen worden, blijken misschien onverwachte bijwerkingen. En ondanks de vele controlemomenten is niet voor honderd procent uit te sluiten dat er bij de productie iets mis gaat. Dan is het van groot belang dat achterhaald kan worden om welke partij het ging – om welke batch, heet dat in vaccintermen.

Het RIVM werkt aan een registratiesysteem dat dit allemaal moet bijhouden en dat eind deze maand klaar moet zijn. De individuele burger kan daaruit, vermoedelijk vanaf eind maart, via zijn DigiD zijn vaccinatiegegevens downloaden. Dat zou als een vaccinatiebewijs kunnen gelden.

Dat wordt nog een hele kluif, verwacht Richard Janssen, oud-directeur van de GGD en hoogleraar organisatie en management van zorg aan de universiteiten van Tilburg en Rotterdam. “Dat systeem heeft twee doelstellingen. Een soort reizigerspaspoort voor het individu en een landelijk experiment op werking en bijwerking van het vaccin. Dat maakt het systeem complex.”

In principe zou het vaccin, als het is goedgekeurd door de EMA, veilig moeten zijn. Janssen: “Ik kan me voorstellen dat men de impact van die verschillende vaccins wil vastleggen, maar daar hebben we in Nederland geen traditie in. Een landelijk patiëntendossier is in 2011 vanwege de privacy door de Eerste Kamer verworpen. Men wil dus iets opzetten wat er nog niet is.”

Hier komen enkele problemen bij elkaar. De minister wil een robuuste registratie waarin de privacy volledig is dichtgetimmerd. Iedereen moet bij zijn eigen gegevens kunnen, en nergens anders bij. Terwijl die gegevens decentraal door de GGD’s worden aangeleverd aan het RIVM. Bij de dagelijkse meldingen van positieve testuitslagen is gebleken dat die aanlevering soms hapert.

Duitsland wil al eind deze maand met vaccineren beginnen en heeft de registratie kennelijk al op orde. Waarom lukt het daar wel? Het RIVM verdedigt zich door te zeggen dat het niet wist op welk vaccin en welke strategie het zich moest voorbereiden. “Dat zou voor mij juist een argument zijn om eerder te beginnen”, zegt hoogleraar Fransoo. “En vraag ik mij in dat geval af welke problemen zich kunnen voordoen, zodat ik zo min mogelijk op het laatste moment moet organiseren. Ik krijg de indruk dat het RIVM pas keuzes maakt als het alle details kent.”

Hobbel 3: Opkomst

Hoeveel zorgmedewerkers komen er straks opdagen voor een coronaprik? Dat is misschien wel de lastigste vraag die het ministerie en RIVM moeten beantwoorden. Iedere dag opnieuw, want het vaccin van Pfizer is na ontdooien vier dagen houdbaar. “Het laatste wat je wilt is dat uitgereden vaccins hun houdbaarheid verliezen omdat er geen prikkandidaten zijn”, zei programmamanager vaccinatie Jaap van Delden (RIVM) vorige week.

Volgens enquêtes zegt 25 tot 40 procent van het zorgpersoneel nu direct ‘ja’ tegen een inenting. Maar goedkeuring van Europese en Nederlandse zorgautoriteiten is er nog niet en kan een effect hebben op dat percentage. En als puntje bij paaltje komt, kan de animo natuurlijk stijgen, of dalen.

Wat uit de enquêtes blijkt is dat zorgpersoneel met veel vragen zit over het vaccin. Dat verbaast hoogleraar ouderengeneeskunde Cees Hertogh (Amsterdam UMC) niet. Hij mist een informatiecampagne gericht op zorgmedewerkers. “Het vaccinatiebeleid heeft twee pijlers, logistiek en communicatie. Terwijl de logistieke operatie met militaire precisie wordt uitgevoerd, moet de communicatie nagenoeg nog starten. Dat loopt dus niet synchroon.”

Het gebrek aan communicatie heeft volgens Hertogh zorgwekkende gevolgen. “Vorige week besloot het ministerie dat niet bewoners maar zorgpersoneel het eerst worden ingeënt. Daar is een logistieke verklaring voor. Maar omdat de communicatie ontbreekt, wordt deze wijziging door medewerkers uitgelegd alsof zij proefpersoon zijn”, zegt Hertogh. “We weten van andere vaccinatiecampagnes dat mensen in de zorg kritisch zijn, dus moet je ze snel en accuraat informeren.”

Volgens het ministerie komt er een gerichte campagne voor zorgmedewerkers. Inmiddels staat op www.coronavaccinatie.nl informatie over de vaccins. Maar sommige vragen zijn nog onbeantwoord of nauwelijks van context voorzien. Zo is een veelgehoorde reden waarom zorgmedewerkers twijfelen over een vaccin het feit dat ze al corona hebben gehad. De website van de overheid geeft geen uitsluitsel. Pas als de vaccins zijn goedgekeurd besluit de overheid of mensen die corona hebben gehad zich ook moeten laten vaccineren.

Een ander punt is de dubbele inenting. Dat vergt naast een strakke organisatie van die tweede prik discipline onder gevaccineerden. De therapietrouw ligt in Nederland laag, zegt hoogleraar Janssen. “Vijftig procent van de mensen slikt niet alle voorgeschreven pillen of maakt een antibioticakuur niet af. Het wordt nog een uitdaging om iedereen zijn tweede prik te laten halen.”

Vaccinatiebewijs vanaf maart te downloaden

Het RIVM werkt aan de mogelijkheid dat gevaccineerden via DigiD hun eigen vaccinatiegegevens kunnen inzien. Het systeem moet eind maart beschikbaar zijn. Dat meldde het instituut woensdag. In het systeem komt te staan of iemand is gevaccineerd en met welk vaccin. Het bewaren van vaccinatiegegevens dient in eerste instantie ter registratie en bijvoorbeeld voor de monitoring van bijwerkingen of de effectiviteit van een vaccin. De gegevens zijn waarschijnlijk ook te downloaden en kunnen dan dienen als ‘vaccinatiebewijs.’ Het is nog niet bekend of het kabinet een ‘vaccinatiepaspoort’ gaat toestaan.

Lees ook:

Inenten: Voor De Jonge gaat zorgvuldigheid boven snelheid

Minister De Jonge wijkt niet af van zijn vaccinatieplan: in januari kan het prikken beginnen. Daarvoor is nog heel wat werk te verzetten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden