Opruimen na de vloedgolf in Amsterdam Tuindorp-Oostzaan.

Reconstructie Dijkdoorbraak

Zestig jaar na de vergeten watersnood van Tuindorp-Oostzaan: ‘Er werd thuis nooit over gepraat’

Opruimen na de vloedgolf in Amsterdam Tuindorp-Oostzaan. Beeld stichting hato

Zestig jaar geleden moesten elfduizend bewoners van de Amsterdamse arbeiderswijk Tuindorp-Oostzaan hun woning verlaten. Bij een fototentoonstelling over deze Amsterdamse watersnood komen de verhalen los.

Op 14 januari 1960 zit Gerda Karbet (77) net als iedere ochtend op de fiets naar school. Onderweg ziet ze ineens hoe de putten van de riolering in de grond onderlopen en er overal bruin water omhoog komt. De 17-jarige scholiere fietst door naar school, iets buiten Tuindorp-Oostzaan. Daar aangekomen blijkt haar school een tijdelijk opvangcentrum te zijn geworden. Ze mag niet meer weg. Karbet weet dan nog niet wat er aan de hand is.

Al snel blijkt dat er een zijdijk van het Noordzeekanaal is doorgebroken. Militairen die ’s ochtends in een auto op weg zijn naar een munitiedepot, zien op de plek waar eerst een stuk dijk was een zwart gat. Met kracht stroomt water vanuit zowel het Noordzeekanaal als de grachten Tuindorp-Oostzaan binnen, dat twee meter onder het Amsterdams peil ligt.

Iedereen moet weg

De vader van Cees Laarhoven (72) is al op zijn werk aangekomen als hij een telefoontje krijgt van een collega in Tuindorp, die natte voeten heeft. Op hetzelfde moment rijdt daar een politiewagen door de straat met een geluidsinstallatie op het dak, die alle Tuindorpers oproept tot evacuatie.

Daarop laat de vader van Laarhoven alles uit zijn handen vallen en gaat terug naar zijn vrouw en veertien kinderen, van wie sommigen nog in bed liggen. Cees Laarhoven neemt zijn zusje van vier op zijn schouders en twee broertjes bij de hand. We moeten omhoog, naar bovenop de dijk, is het enige dat hij denkt. Zijn moeder ziet op dat moment het water langs de achterdeur naar binnen lopen.

In een korte tijd stijgt het water tot een meter tachtig hoog. Elfduizend bewoners moeten worden geëvacueerd uit zesentwintighonderd ondergelopen huizen. Ze hebben nauwelijks tijd om iets mee te nemen. “De meesten hadden ook weinig bezittingen”, zegt Laarhoven. “Tuindorp was in die tijd een arbeiderswijk waar grote, arme gezinnen woonden. Sommige mensen hadden de Tweede Wereldoorlog meegemaakt. En nu werd alles wat ze opnieuw hadden opgebouwd weggevaagd.” In de maanden na de dijkdoorbraak worden bewoners in andere wijken of door familie opgevangen. 

Niets meer over

Hulpdiensten hebben twee weken nodig om Tuindorp-Oostzaan leeg te pompen. Als de politie eind januari de eerste deuren openbreekt, zien zij dat meubels en andere bezittingen zijn bedekt met een laag modder. In veel gevallen is niets van de spullen te redden. “Ik heb geen enkel bezit van voor mijn zeventiende,” zegt Karbet. “Nog geen foto.” De totale schade wordt geschat op vijf miljoen gulden. Achterstallig onderhoud van de dijk blijkt de oorzaak.

Enquêteurs gaan langs de huizen om per gezin de schade te inventariseren. Sommigen van hen hadden in 1953 ook de grote watersnoodramp in Zeeland meegemaakt. Volgens Laarhoven en Karbet noteerden de enquêteurs bij een groot, arm gezin dat alles was kwijtgeraakt soms meer schade dan er daadwerkelijk was. Een extra bankstel, een tafel. “Er is af en toe wat gesjoemeld. Zodat we iets meer geld uitgekeerd kregen”,  blikt Laarhoven terug.

Karbet zag haar moeder een keer huilen, toen ze voor het eerst terugkeerden en de verwoestingen zagen. “Je moeder zien huilen is een vreemde ervaring als kind. Er werd thuis nooit gepraat.” Dat herkent Laarhoven. Zijn vader kreeg een hartaanval in de nacht nadat hij voor het eerst was teruggekeerd naar hun huis. “Toen pas wist ik hoe erg dit moest zijn voor hem. Hij werkte zowat vierentwintig uur per dag om zijn gezin te kunnen onderhouden, en dan dit.”

Tuindorpers mogen dan geen echte praters zijn, maar de gezamenlijke wederopbouw toont volgens Karbet en Laarhoven wel de veerkracht, saamhorigheid en trots van hun gemeenschap. “Iedereen zette er meteen de schouders onder. Ook dit gaan we overleven, was het gevoel wat direct overheerste. En er hoefde nooit iets te worden uitgelegd, want we hadden allemaal hetzelfde meegemaakt.”

Lees ook: 

‘Hoe geven rampen de Nederlandse identiteit vorm?’

Ronkende verhalen over de Watersnoodramp in 1953 en de glorieuze bouw van de Deltawerken zitten de aanpak van klimaatproblemen in de weg, denkt hoogleraar Lotte Jensen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden