Reconstructie Smartegeld

Wie mag het Roma- en Sintigeld beheren?

Honderden Roma en Sinti kwamen afgelopen 19 mei bijeen in voormalig doorgangskamp Westerbork om de Holocaust te herdenken. Beeld Sake Elzinga

Nog voordat een nieuwe adviesraad voor Roma en Sinti is opgericht, is er al ruzie over. Langlopende interne twisten, een eerder mislukt instituut en conflicten over Holocaustgeld liggen eraan ten grondslag.

Over het geasfalteerde landweggetje van het voormalige doorvoerkamp Westerbork wandelen honderden Sinti, Roma en woonwagenbewoners. In een stille tocht lopen ze richting een van de gedenktekens van Westerbork. Op 19 mei 2019 was het precies 75 jaar geleden dat de trein van het zogenoemde Zigeunertransport wegrolde in de richting van vernietigingskamp Auschwitz. In de veewagons zaten 245 Sinti en Roma, slechts 31 van hen overleefden dat kamp.

De Holocaust is onder de Sinti en Roma een collectief trauma, en toch is de gemeenschap op die dag in mei niet compleet. Vertegenwoordigers van de Sinti uit Limburg zijn er niet, net als voormannen en -vrouwen van de Roma uit Friesland, Nieuwegein, Lelystad en Capelle aan den IJssel. Ze zeggen later geen uitnodiging te hebben gekregen of wilden om andere redenen niet komen.

Sinti en Roma 

Sinti en Roma is de officiële Nederlandse benaming van wat in de volksmond ‘zigeuners’ genoemd worden. In Nederland bestaat de groep uit zo’n 10.000 mensen met verschillende achtergronden. Zij behoren tot het Roma-volk, dat wereldwijd bestaat uit 8 tot 10 miljoen mensen.

De oudste groep in Nederland zijn de Sinti. Zij werden al voor 1868 in Nederland gesignaleerd. Later vestigden Piemontse Sinti, Ursari Roma en Kaldarash Roma zich hier. Vrijwel allemaal integreerden ze in de Nederlandse samenleving en werden ze in de Tweede Wereldoorlog slachtoffer van de zigeunervervolging.

Na de oorlog, in de jaren zeventig en negentig, vestigden verschillende grootfamilies uit het (voormalige) Joegoslavië zich in Nederland. Tussen hen leven onderlinge twisten. Maar het schuurt ook tussen de ‘oorspronkelijke’ Sinti en Roma onderling en tussen alle groepen. De Nederlandse Sinti en Roma-gemeenschap is daarom zeer moeilijk te verenigen.

Lees ook:

Onrust onder Roma en Sinti om omstreden onderzoek

Een landelijke raad voor Roma en Sinti dreigt te kapseizen nog voor die van start is gegaan. De gemeenschap is zeer moeilijk te verenigen.

Woonwagenbewoners protesteren tegen het schrappen van standplaatsen

In oktober 2018 voerden woonwagenbewoners actie in bijna dertig plaatsen. Ze eisten meer permanente standplaatsen voor hun huizen. 

Boze opzet

Het is een treffende illustratie van de verhoudingen binnen de Nederlandse Sinti en Roma-gemeenschap. Verstandhoudingen die ervoor zorgen dat zelfs een onderzoek naar het draagvlak voor een nieuw op te richten Landelijke adviesraad Sinti en Roma voor onrust zorgt. Meerdere sleutelfiguren en organisaties voelen zich gepasseerd door het Verwey-Jonker Instituut, dat het onderzoek sinds begin dit jaar uitvoert. Ze zijn niet gehoord, zeggen ze, en zien daarin boze opzet.

Wat niet helpt, is dat in het projectteam dat het Verwey Jonker Instituut aanstuurt twee Roma en Sinti zitten, die bij een deel van de gemeenschap per definitie voor wantrouwen zorgen: Lalla Weiss en Amet Jasar. “Als Lalla Weiss iets opwerpt, dan is er direct weerstand”, zegt Goldson Weiss (geen familie), een bekende Sinti-man in Limburg. Ook anderen hebben zorgen. Ze beschuldigen met name Weiss ervan aan willekeur te doen. Nando Rosenberg van de Limburgse Sinti-organisatie SVS: “De mensen hebben weinig vertrouwen in die vrouw. Ze heeft goede en slechte dingen gedaan maar als Sinti en Roma horen dat Lalla Weiss ergens bij betrokken is, dan hebben ze er geen vertrouwen meer in.”

Dat wantrouwen is diep geworteld in de geschiedenis en heeft voor een groot deel te maken met wat sinds het jaar 2000 is gebeurd met geld dat bedoeld was als genoegdoening voor slachtoffers van de Holocaust. Zowel Weiss als Jasar waren indertijd al actief in stichtingen die binnen grote delen van de gemeenschap omstreden waren.

Gaskamers

Het lot van de Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog, trof ook de Roma en Sinti. Naar schatting een half miljoen Europese Roma en Sinti werd opgepakt en vergast in de gaskamers. Net als de Joden keerden ook Roma en Sinti-overlevenden vaak berooid terug uit de kampen of de onderduik. Ze waren platzak en moesten zonder bezittingen opnieuw beginnen. Boedel en woningen waren afgepakt, ze leefden veelal van venten of handlezen, van deur tot deur. Muziek maken of paardenhandel was er voorlopig niet bij; in de oorlog waren instrumenten en paarden geroofd of in beslag genomen. Hetzelfde gold voor ander kostbaar bezit, zoals juwelen, goud en woonwagens.

Maar waar er vanuit de Joodse gemeenschap al in de jaren zeventig financiële claims kwamen voor het geleden leed, duurde het lang voor doordrong dat ook Sinti en Roma op grote schaal waren vermoord en van hun bezittingen beroofd. Toen de Joden in januari 2000 een schadevergoeding van de Nederlandse staat kregen van 400 miljoen gulden (zo’n 180 miljoen euro), bleven de Roma en Sinti met lege handen achter.

Het is dankzij Lalla Weiss en haar oom Zoni Weisz dat in datzelfde jaar toch gesprekken op gang kwamen met toenmalig minister-president Wim Kok (PvdA) en minister Els Borst van volksgezondheid (D66). Die hadden snel resultaat: een tegemoetkoming van 30 miljoen gulden, zo’n 13,6 miljoen euro. “Dit geld is van jullie en dat is onvervreemdbaar”, zei Borst toen tegen de Sinti en Roma. “Het is alleen voor jullie en kan dus nergens anders voor worden gebruikt.”

Óns potje met geld

Die woorden zijn bijna twintig jaar later nog altijd belangrijk. Het is een belofte geweest, zeggen Sinti en Roma. Een belofte die niet is nagekomen. Zo doet het veel pijn dat het huidige onderzoek dat het Verwey-Jonker Instituut nu uitvoert, betaald wordt uit de pot met Holocaustgeld. Het is één ding dat er een onderzoek wordt gedaan, waarin zij grotendeels niet worden gekend, maar dat daarvoor geld wordt gebruikt dat van de hele gemeenschap is, dat maakt de rapen gaar. “Het is schandalig wat de overheid doet. Ze denken zeker dat wij allemaal stom zijn, gek zijn en niets doen. De staat wil van dat potje af, het leeg maken, want dan hoeven ze zich nergens mee te bemoeien,” zegt voorzitter Rosenberg van de SVS. “Het is óns potje en daar moeten ze van afblijven. Het geld is ons toen door Els Borst toegezegd.”

Al met al helpt het niet dat de geschiedenis van het geld sowieso beladen is, en doorspekt met verdenkingen van belangenverstrengeling en willekeur. Nadat slachtoffers en nabestaanden van de Holocaust per persoon 11.000 euro kregen van de staat, is er nog negen miljoen euro over van het potje. Besloten wordt dat dit geld naar projecten gaat die de hele gemeenschap ten goede komen. Die kampt met werkloosheid, schooluitval, forse laaggeletterdheid, gezondheidsproblemen, financiële problemen en (kleine) criminaliteit.

Maar met de jaren krijgt een deel van de Sinti en Roma steeds meer het idee dat de miljoenen verkeerd worden besteed en dat er sprake is van vriendjespolitiek. Het wekt geen vertrouwen dat de voorzitter van de toenmalige Stichting Rechtsherstel Sinti en Roma, oud-PvdA-Kamerlid Joop Worrell, een adviesbureau inhuurt, waarvan hij zelf bestuurslid is en dat de voorzitter van dat adviesbureau vervolgens weer opduikt als directeur van de Stichting Rechtsherstel. Ook zet het kwaad bloed dat met het geld voor de slachtoffers van de Holocaust opdrachten worden gegeven aan ‘burgers’, onder andere aan de schoonzoon van Worrell. 

Lalla Weiss en Amet Jaser zijn daarbij betrokken, zij adviseren in die periode het bestuur en de directie over het toekennen van Holocaustgeld aan ingediende projectvoorstellen. 

Worrell kondigt in 2008 aan dat de Stichting Rechtsherstel zal stoppen en op 1 januari 2010 wordt het nieuwe Nederlands Instituut voor Sinti en Roma (NISR) opgericht. Dat instituut ligt al meteen moeilijk, omdat zowel de directeur als de Raad van Toezicht uit ‘burgers’ bestaan. Wel komt er een Raad van Advies waarin Sinti en Roma zitting hebben, onder wie Amet Jasar. Lalla Weiss wordt er onder andere woordvoerder.

Ruzies en misverstanden

Salarissen en andere kosten, zoals de huur van het pand, worden vanaf dat moment betaald uit de overgebleven naoorlogse compensatiegelden. Dat is niet tegen de regels, maar voor Sinti en Roma is het pijnlijk dat geld, bedoeld voor de gemeenschap, opgaat aan allerlei zaken waarvan die gemeenschap in hun ogen niet zou profiteren.

Verder kampt het kantoor met ruzies en misverstanden, onder andere tussen Lalla Weiss en de directeur. Ook is er een groot verloop aan personeel. 

Uiteindelijk wordt in 2012 ook dit instituut opgedoekt, door de Raad van Toezicht. Het heeft niet aan de doelstellingen voldaan en mist draagvlak binnen de gemeenschap. Er is dan inmiddels 2,1 van de resterende negen miljoen euro aan Holocaustgeld uitgegeven. Vanuit de gemeenschap is de kritiek groot. Vooraanstaande leiders en familiehoofden beschuldigen onder andere Weiss en Jasar van verboden fruit te hebben gegeten: de pot die bedoeld was voor slachtoffers en nabestaanden van de Holocaust. 

Woede

Nu er anno 2019 een nieuw onderzoek gaande is naar een nieuw op te richten adviesorgaan, blijkt de kater van het NISR groot. Vooral dat voor dit onderzoek wéér 27.590 euro van het Holocaustgeld wordt gebruikt, zorgt voor woede. “Miljoenen euro’s voor de Holocaust zijn verdwenen”, zegt Sabina Achterbergh van de Vereniging Sinti, Roma en Woonwagenbewoners Nederland over die periode. Ze vreest dat geld voor de Roma en Sinti in de toekomst opnieuw niet goed zal worden besteed. Het resterende Holocaustgeld zal weliswaar over een paar jaar op zijn, maar daarna zullen er nieuwe subsidies beschikbaar komen, in ieder geval uit de EU-pot voor minderheden. “Ik ben heel erg bezorgd”, zegt ze. “Ik ben bang dat er opnieuw een instituut komt waar niet de hele gemeenschap achterstaat.”

Amet Jasar benadrukt dat het Verwey-Jonker Instituut alleen bekijkt of mensen behoefte hebben aan een landelijk instituut. “Maar als blijkt dat dat niet zo is, dan zijn we gewoon klaar”, zegt hij. Hij zegt best te begrijpen dat Roma en Sinti gezien de geschiedenis wantrouwend zijn. “We hebben ongeveer achttien namen aan de onderzoeker gegeven, maar niet iedereen wilde worden geïnterviewd over hoe de nieuwe adviesraad eruit moet komen te zien.” Jasar zegt dat Roma en Sinti hem altijd kunnen bellen om alsnog in gesprek te gaan.

Na vragen van Trouw aan het Verwey-Jonker Instituut, heeft dat Achterbergh alsnog benaderd voor een interview. Waarom dat niet eerder is gebeurd, weet ze niet, een vermoeden heeft ze wel. “Wij zijn kritisch ten aanzien van de regering en het ambtelijk beleid. Maar dat is opdat de gemeenschap er beter van wordt.” Het moet duidelijk worden wat er sinds 2000 met ons Holocaustgeld is gebeurd, benadrukt SVS-voorman Nando Rosenberg. “De mensen moeten begrijpen wat er al die jaren gaande is geweest.”

Lalla Weiss laat in een reactie weten dat het haar niet verbaast dat er wantrouwen is richting haar persoon, maar dat ze er niet op wil ingaan.

Lees ook:
Onrust onder Roma en Sinti, plan voor adviesraad dreigt spaak te lopen
Een landelijke raad voor Roma en Sinti dreigt te kapseizen nog voor die van start is gegaan. De gemeenschap is zeer moeilijk te verenigen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden