null Beeld

EssayMysterie van de Randweg

Wat dreef Pim Fortuyn naar de Rotterdamse probleemwijk Hillesluis?

Oud-verslaggever van Trouw Adri Vermaat, geboren en getogen in Rotterdam-Zuid, loopt met regelmaat langs het huis in Hillesluis waar Pim Fortuyn in de jaren negentig woonde. Waarom zocht hij zijn heil hier, in deze achterstandswijk? Was het toeval of strategie?

Adri Vermaat

Een paar keer per jaar wandel ik in Rotterdam-Zuid door mijn oude buurt Hillesluis. Na de meer dan dertig mooie jaren die ik er doorbracht, is dat niet alleen uit nostalgie. De buurt verandert aanhoudend en dat maakt elk onregelmatig terugkerend consult fascinerend.

Op mijn willekeurige route trek ik met plezier tijd uit voor de Randweg, waar Pim Fortuyn tot 31 juli 1998 woonde. Steevast blijft mijn blik daar even rusten op dat verder onopvallende huis. Het staat tussen andere, al net zo onopvallende huizen ingeklemd aan wat ooit ‘op Zuid’ de rijke kant werd genoemd van de door een stadssingel en trambaan gescheiden weg.

Adri Vermaat (1953) werkte van 1982 tot 2019 bij Trouw, vele jaren als verslaggever in Rotterdam. In de periode dat Pim Fortuyn zijn intrede deed in de politiek was hij chef van de verslaggeverij. Momenteel werkt hij aan een boek over Feyenoord, de voetbalclub waar hij sinds zijn vroege jeugd komt.

De term rijk was eigenlijk niet op zijn plaats. Die ­dateert van vijftig jaar of langer geleden, toen bewoners van achterstandswijk Hillesluis nog opkeken tegen artsen, notarissen en therapeuten die op dat deel van de Randweg hun praktijk hielden. Ik herinner mij dat een van hen claimde banden te onderhouden met de keizerlijke familie in Japan. In een van de lokale kranten stond er een artikel over. De inhoud versterkte het aanzien van dit stukje Randweg. Na de publicatie gonsde het in de buurt van de geruchten en kon de tandarts om wie het ging op nog meer status rekenen.

Meer passend wordt dit gedeelte van de Randweg nu al weer jaren de ‘betere’ kant genoemd. ‘Rijk’ ligt Hillesluizers toch al niet voor in de mond. De meesten hebben nooit rijkdom gekend. Ze zijn niet in weelde opgegroeid en hebben er feitelijk niets mee. Of het moet een of andere geluksvogel zijn die met een paar geleende euro’s de hoofdprijs in de Staatsloterij heeft gewonnen. Voor wie dat geluk níet is beschoren, is het doorgaans hard werken en zuinig leven om het hoofd boven water te houden.

Op zich zitten bewoners van Hillesluis, door idealisten liever kracht- of prachtwijk genoemd, daar niet zo mee. Ze zijn hun relatief beperkte woon- en leefomstandigheden gewend. Het is maar net waar een mens tevreden mee is. Wie goed om zich heen kijkt, ziet bovendien het licht aan de horizon sterker worden. Al blijft een gemiddeld jaarinkomen over 2021 van 17.800 euro per persoon beslist geen vetpot.

Zorgenkindje Hillesluis

Ik kom hier op, omdat over de vraag waarom Fortuyn zijn heil juist in deze achterstandswijk zocht verschillende theorieën bestaan. Op het oog is het verbazingwekkend dat hij chique Rotterdamse wijken als Hillegersberg, Kralingen en het Scheepvaartkwartier links liet liggen ten faveure van het lokale zorgenkindje ­Hillesluis.

De simpelste verklaring voor zijn keuze is natuurlijk dat het koophuis aan de Randweg hem bij de eerste bezichtiging zo goed beviel, dat hij er meteen werk van maakte. Zo bekoorlijk en uitnodigend kan hij de niet overdreven grote woning hebben gevonden, dat hij in zijn enthousiasme geen acht sloeg op de rauwe, hectische leefomgeving.

De Randweg in Hillesluis. Beeld Boudewijn Bollmann
De Randweg in Hillesluis.Beeld Boudewijn Bollmann

Evengoed kan het zijn dat hij de buurt met haar sobere aanblik en niet geringe hoeveelheid minpunten voor lief nam. Als hoogleraar arbeidsvoorwaardenvorming aan de Erasmus Universiteit in Kralingen zocht hij een huis in Rotterdam. Dat vond hij aan de Randweg, met aan de achterzijde in de Hollandsestraat zelfs een garage waar hij zijn Bentley veilig kon stallen. Met de buurt had hij verder geen bal geen te maken. Als het tegendeel toch een keer gebeurde, was het contact onschuldig. ­Zoals met de ‘chocoladebruine kindertjes’ uit de buurt die, zoals hij collega Andrea Bosman en mij in dat huis eens vertelde in een interview, bij het wegrijden nieuwsgierig rond zijn bolide dromden. Basta. Prima verder als dat het enige is, kan hij hebben geredeneerd.

De rest zou hiermee geschiedenis zijn geweest. Alleen geloof ik niet in deze theorie. Ze spot met hoe ­Fortuyn in het leven stond. Ze rammelt met zijn latere, publiek geworden drijfveren, ambities en karaktereigenschappen.

Een grote generale repetitie

Een scenario waarin Fortuyn vanaf zijn veilige thuisbasis aan de Randweg in betrekkelijke rust en nauwgezet zijn plan smeedde voor een politieke loopbaan snijdt meer hout. Daar zijn meerdere aanwijzingen voor. Voormalig Tweede Kamerlid en voormalig gemeenteraadslid Peter van Heemst (PvdA) in Rotterdam opperde tien jaar geleden al eens dit scenario. Hij vermoedde dat de jaren voor Fortuyns politieke doorbraak één grote generale repetitie voor hem waren. Van Heemst was daarmee de eerste politicus die een direct verband legde tussen Fortuyn, zijn politieke toekomst én de Randweg.

Evenals andere, soortgelijke buurten in Rotterdam verkeerde Hillesluis in de jaren tachtig en negentig in grote crisis. De buurt kende op vrijwel alle fronten krampverschijnselen. Ze verloederde en inwoners voelden zich thuis en op straat onveilig. Angst regeerde. Harde criminaliteit domineerde, met relatief jonge daders. Het woningbestand verpauperde in hoog tempo. Het onderwijs kampte met forse taalachterstanden onder leerlingen en onevenredig veel schooluitval. De werkloosheid onder jongeren groeide naar ongekende hoogte. Fundamentalisme veroorzaakte onderhuidse spanningen in de buurt.

Winkelcentrum Boulevard Zuid in de Rotterdamse wijk Hillesluis. Beeld Boudewijn Bollmann
Winkelcentrum Boulevard Zuid in de Rotterdamse wijk Hillesluis.Beeld Boudewijn Bollmann

De politiek, met name de van oudsher in deze wijken sterk vertegenwoordigde PvdA, werd verweten zich ­afzijdig te houden van de deplorabele staat waarin Hillesluis en vergelijkbare wijken in de stad verkeerden. Bewoners voelden zich niet gehoord en in de steek gelaten. Het leidde tot frustraties. Pikant detail is dat criminologen Cyrille Fijnaut, Hans Moerland en Jolande uit Beijerse, in het jaar dat Fortuyn naar Hillesluis verhuisde, een lijvig rapport publiceerden over misdaad en achterliggende oorzaken rond winkelcentrum Boulevard Zuid. De Randweg grenst aan dit langgerekte winkelgebied.

In dit scenario keek Fortuyn vanuit zijn zelfgekozen proeftuin Hillesluis als een meer dan gemiddeld geïnteresseerde toeschouwer op dit alles toe. Geen wonder dat PvdA’er Peter van Heemst dat naderhand opvatte als een generale repetitie. Feitelijk ontbeerde Fortuyn iedere vorm van politieke concurrentie. Over de problematiek en de aanpak of juist het ontbreken ervan vormde hij zich een politieke mening die hij tussentijds in de media, onder meer in Trouw, uitdroeg. Soms liet hij proefballonnetjes op om reacties te kunnen peilen.

Politieke munt slaan

Vanaf 2000 kon hij uit al zijn in en over Hillesluis vergaarde kennis en inzicht daadwerkelijk politieke munt slaan. Gesterkt door de 17 zetels die nieuwkomer Leefbaar Rotterdam bij de gemeenteraadsverkiezingen van 6 maart 2002 won, bracht hem dat met de Tweede Kamer-verkiezingen in het vooruitzicht dichter bij zijn ­beoogde doel: het premierschap van Nederland.

In een interview met Arjan Visser in diens serie Tien Geboden in Trouw gaf Fortuyn eerder al, in 1998, onthullend inzicht in datgene wat hem bewoog. Niet eerder vertelde hij zo openhartig over zijn persoonlijke drijfveren en zielenroerselen. Het bijzondere van zijn bijdrage was dat hij die eigenschappen meteen uitvoerig analyseerde. Alle componenten die hem maakten tot wie hij was, kwamen erin samen. Het was Fortuyn ten voeten uit. Soms ongemeen hard voor vriend en vijand, dan weer begripvol en voorkomend voor zijn omgeving. Shockerend en kwetsend in bepaalde citaten. Provo­cerend op andere momenten.

Aan de Riederlaan in Rotterdam heeft de gemeente plantenbakken neergezet, die door buurtbewoners worden onderhouden. Beeld Boudewijn Bollmann
Aan de Riederlaan in Rotterdam heeft de gemeente plantenbakken neergezet, die door buurtbewoners worden onderhouden.Beeld Boudewijn Bollmann

De climax in het vraaggesprek school in zijn reactie op het tiende en laatste gebod ‘Gij zult niet begeren wat uw naaste toekomt’. “Toen ik klein was, wilde ik paus worden”, vertelde Fortuyn. “Het was een jongensfantasie die ik in mijn puberteit heb opgegeven, maar hij staat misschien wel model voor mijn gedrevenheid. Waar een ander katholiek knaapje nog het ambt van bisschop ambieerde, wilde ik het allerhoogste bereiken. Ik heb het weleens mijn devies genoemd: alles of niets. Zo zou ik het nu niet meer willen omschrijven. Ik weet inmiddels dat mijn leven zo in elkaar steekt. Zo ben ik. Ik ben in de loop der jaren niet minder begerig geworden. Ik ben nog altijd even mateloos. Niet in materiële zin. Je kunt ook in emotioneel opzicht het onderste uit de kan willen halen.”

Een ander dan Fortuyn zou zijn karaktereigenschappen en ambities vermoedelijk niet beter hebben kunnen vertalen. Het lijkt er, weliswaar achteraf, sterk op dat hij met zijn tekst stilzwijgend een voorschot nam op zijn hunkering naar het Torentje. Dat was het hoogste dat hij begeerde. In zijn eerzucht nam hij met minder geen genoegen. Dit verklaart ook zijn uitspraak van 9 februari 2002: “Ik word de nieuwe minister-president. Vergis je niet, ik word de nieuwe minister-president.”

Er is nog een argument dat het vermoeden sterkt dat zijn verhuizing naar de Randweg een strategische keuze was. In het eerder genoemde interview dat Andrea Bosman en ik met hem hadden en dat op 31 maart 1995 in Trouw verscheen, over de mêlee aan problemen waarmee veel oude stadswijken kampten, verkondigde hij als altijd een uitgesproken mening, Bestuurders en politici verweet hij dat zij het intellect van de wijkbewoners zwaar onderschatten. Hij wees op de eenzaamheid die in de buurten heerste, maar ook op de creativiteit en het talent onder bewoners. Er viel zo veel méér te maken van deze buurten. “Die Kok, die over de ‘verdrukten’ praat, vreselijk”, foeterde hij over de toenmalige premier. “Dat beeld van het getto, van ziek, zwak en misselijk. Veel mensen hier nemen dat gelukkig niet over, maar zijn zich er wel van bewust.”

Vermoord door Volkert van der Graaf

Twintig jaar geleden, op 6 mei 2002, werd Pim Fortuyn vermoord door Volkert van der G. Dat gebeurde op het Media Park in Hilversum, negen dagen voor de parlementsverkiezingen. De maanden daarvoor had de even flamboyante als omstreden politicus de verkiezingsstrijd gedomineerd met zijn gepeperde uitspraken over vreemdelingen­beleid en de islam. Eerst als lijsttrekker van Leefbaar Nederland, waar hij werd ontslagen na uitspraken over de ­islam als ‘achterlijke cultuur’, daarna als oprichter van de Lijst Pim Fortuyn, kortweg LPF.

Fortuyn, die socio­logie studeerde, was eerder bijzonder hoogleraar aan de Erasmus Universiteit, columnist van Elsevier, actief lid van de PvdA en directeur van OV-studentenkaart. Hij schreef een aantal boeken, waardonder Tegen de islamisering van onze cultuur (1997) en De puin­hopen van acht jaar Paars (2002).

De aanvallen op zijn persoon en standpunten werden door Fortuyn en aanhangers ervaren als demonisering; hij werd door velen ook gezien als de man die Nederland wakker schudde. Hoe dan ook had hij grote invloed op het debat over de multiculturele samenleving. De LPF kreeg bij de Kamerverkiezingen kort na zijn dood 26 zetels. Vier jaar later waren dat er nul.

Meer lezen over Pim Fortuyn?

De politieke erfenis van Fortuyn
Fortuyn mag dan nooit actief Kamerlid zijn geweest, noch minister-president, zijn verhaal is in de hoofden van de bewoners van het Binnenhof gekropen. Dat schrijft Bart Zuidervaart, chef van de redactie politiek.

‘Een profeet wordt in het eigen land niet gewaardeerd’
Interview met Pim Fortuyn van Adri Vermaat en Andrea Bosman, die hem bezochten in zijn woning aan de Randweg. Dit stuk stond op 31 maart 1995 in Trouw.

Saucijzenbroodje

In deze context was het opvallend hoezeer Fortuyn zich toen, gevraagd naar zijn persoonlijke ervaringen in Hillesluis, op de vlakte hield. “Ik ben nationaal en internationaal bezig”, legde hij uit. Dat verklaarde volgens hem dat hij geen ‘hechting’ had met de buurt, waar hij nochtans acht jaar zou wonen.

In die jaren deed hij er net als ieder ander boodschappen en haalde hij op zaterdagochtend bij de toenmalige luxe banketbakkerij Van der Stelt op de Groene Hilledijk zijn saucijzenbroodje en krakelingen. Hij ervoer zélf hoe een wijk kon ontsporen en waar pijnpunten lagen. Dat gaf hem, ongeacht politieke en soms ook (te) vergaande journalistieke aanvallen en oordelen over hem, recht van spreken. In zijn politieke optredens kopieerde hij Hillesluis als het ware, zonder de nadruk op juist deze wijk te leggen of die zelfs maar te noemen. Ter illustratie: waar Fortuyn jarenlang in Hillesluis proefondervindelijk woonde, baarde het vijf jaar na zijn dood opzien dat een bewindsvrouw er één nacht doorbracht, om te ervaren hoe dat voelde. Twee jaar voor zijn politieke opmars verhuisde hij naar het G.W. Burgerplein in de wijk Middelland, dichtbij de binnenstad. Hij wist genoeg.

Veel vaker dan op de Randweg wandel ik door de ­Korte Hoogstraat in Rotterdam. Op een mooi, maar stil plekje staat daar zijn standbeeld. Maar hoe levensgroot het beeld ook is, mijn blik blijft er nooit op rusten. Alleen na 6 mei, als er elk jaar een of meer kransen en bloemen zijn gelegd vanwege zijn sterfdag, voelt het er wat minder kil. Het is goed dat het beeld daar staat, in het centrum. Alleen zegt het mij minder dan het huis waar ik Fortuyn met liefde een duik in de sigarendoos zag nemen, om nog een Hajenius op te steken.

De wijk Hillesluis in Rotterdam-Zuid

Hillesluis telde in 2021 volgens de gemeente Rotterdam 12.110 inwoners. Een derde van de inwoners is tussen de 25 en 45 jaar. Slechts 10 procent van de buurtbewoners is ouder dan 65 jaar.

Volgens de laatst bekende cijfers registreerde de politie in 2020 937 misdrijven. Vooral fraude scoorde hoog, met 115 gevallen. De WOZ-woningwaarde steeg in 2020 tot gemiddeld 138.000 euro, 19.000 euro meer dan in 2019.

Sinds een aantal ­jaren maken over­heden werk van het verbeteren van het woningbestand, de infrastructuur en andere voorzieningen in de buurt. Straten en pleinen worden daarnaast beter schoon gehouden. Overlast van jongeren is verminderd.

In de Riederlaan, die op de Randweg uitkomt, heeft de gemeente bloembakken op het trottoir geplaatst. Bewoners kregen aan de gevel van hun woning elk een hangplant, die de meesten zelf verzorgen. Zo lijkt de rust in de voorheen roerige laan grotendeels teruggekeerd.

Het winkelcentrum Boulevard Zuid, dat de Beijerlandselaan en Groene Hilledijk met elkaar verbindt, is tot 2029 onderwerp van een zoveelste ingrijpende renovatie. Alliantie Hand in Hand, waarin onder meer Nationaal Programma Rotterdam Zuid, ­politie en justitie, ondernemers, pandeigenaren en bewoners participeren, wil van Boulevard Zuid weer een ‘vitaal, aantrekkelijk stuk stad’ maken.

Het winkelcentrum was begin vorig jaar toneel van hevige rellen, na de afkondiging van de lockdown in coronatijd.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden