Vier vragen Jeugdzorg

Waarom de jeugdzorg geen zwarte cijfers kan schrijven

Een groep jeugdzorgwerkers uit Brabant staakt. De medewerkers eisen onder andere meer geld voor jeugdzorg, minder administratiedruk, een einde aan de inkoopwaanzin en fatsoenlijke arbeidsvoorwaarden voor de 30.000 jeugdzorgwerkers. Beeld ANP

Een kwart van de jeugdzorginstellingen schreef vorig jaar rode cijfers, terwijl de omzet steeg. Vier vragen over de in financiële problemen verkerende jeugdzorg.

Wat is er precies aan de hand?

De omzet stijgt met 6,4 procent, en toch lukt het een kwart van de 268 jeugdzorginstellingen in Nederland niet om zwarte cijfers te schrijven. Die conclusie trekt Intrakoop, de ­inkoopcoöperatie van de zorg, die zich baseert op de Jaarverslagen­analyse Jeugdzorg 2018. Concreet betekent het dat meer instellingen in zwaar weer verkeren dan in 2017. Toen schreven 47 organisaties rode cijfers. Afgelopen jaar waren dat er zestig. 

“Het betekent niet automatisch dat nu een kwart van de jeugdzorginstellingen op omvallen staat”, zegt Harald Bresser van Intrakoop. “Maar sommige houden dit niet nog een paar jaar vol.”

De tekorten komen niet als een verrassing. Begin september legden jeugdzorgmedewerkers voor het eerst in de geschiedenis het werk neer omdat het water hun aan de lippen stond. De bezuiniging van 450 miljoen euro (omgerekend 15 procent) in 2015, toen de jeugdzorg is overgeheveld van het Rijk naar de gemeenten, wordt nog steeds ­gevoeld. “Zeker omdat het aantal cliënten wel toeneemt”, zegt ­Maaike van der Aar van de FNV. Vorig jaar met 5,4 procent.

Hoe kan het dat de omzet stijgt, terwijl een kwart van de instellingen in zwaar weer verkeert?

Intrakoop noemt een aantal verklaringen. De administratiedruk is een belangrijke. Jeugdzorginstellingen moeten veel verantwoording afleggen en de regels verschillen per ­gemeente. Zeker grote instellingen die actief zijn in meerdere steden lijden daaronder. Volgens een studie van adviesbureau Berenschot heeft 29 procent van het totale budget van 3,7 miljard euro betrekking op zogenoemde ‘coördinatiekosten’. Dat komt neer op zo’n 1 miljard euro. 

Waar komt die kostenpost vandaan? “Toen de jeugdzorg in 2015 werd gedecentraliseerd, was Nederland nog verdeeld in 44 zorgregio’s. Daarin werkten verschillende ­gemeenten met elkaar samen, ze ontwikkelden met elkaar het jeugdzorgbeleid”, verklaart Richard Janssen. Hij is als hoogleraar bestuur en ­management van instellingen in de gezondheidszorg verbonden aan de Erasmus Universiteit en Tilburg ­University. Die samenwerking is ­inmiddels min of meer losgelaten, ­omdat volgens de zorgeconoom de gemeentes liever hun eigen koers varen. “Inmiddels heb je 355 verschillende opdrachtgevers.”

Hoge personeelskosten zijn een ­andere verklaring voor de financiële problemen bij jeugdzorginstellingen, concludeert Intrakoop. Dat heeft volgens Janssen te maken met de aanbesteding. “Ieder jaar ­opnieuw wordt er aanbesteed door ­gemeenten en dat zorgt voor veel onzekerheid.” Jeugdzorginstellingen moeten jaarlijks een inschatting ­maken van de kosten. Daarom werken ze vaak met tijdelijke, dure krachten.

Wie zijn de dupe?

Grote jeugdzorginstellingen hebben het moeilijk vanwege de toenemende regeldruk, net als de organisaties die gespecialiseerd zijn in complexere hulp. “Daarvoor heb je hoger ­opgeleid en dus duurder personeel nodig”, zegt Janssen. “Sommige ­gemeenten werken met slechts één uurtarief. Voor instellingen die gespecialiseerd zijn in complexere zorg is dat niet altijd kostendekkend.”

Juzt is daar een voorbeeld van. Deze Brabantse jeugdzorginstelling die in zestien gemeenten actief is, dreigt kopje onder te gaan. Er werken vijfhonderd mensen bij de organisatie die gespecialiseerd is in complexe jeugdzorg en vrouwenopvang. De verkoop aan zorgcombinatie Crossroads ketste op het laatste moment af, omdat het Rijk en de gemeenten niet garant wilden staan voor de ­hoge kosten. Wel zegde minister ­Hugo de Jonge eenmalig 3 miljoen euro toe. 

Deze week besluiten de verschillende gemeenteraden of er voor Juzt, verantwoordelijk voor de zorg aan 1600 kinderen, nog een toekomst is. Grote kans dat de organisatie in een afgeslankte vorm doorgaat. Het stoort vakbond FNV dat de gesprekken achter gesloten deuren plaatsvinden. Daarom staan er de hele week acties op de rol. “We hebben hemdjes en rompers opgehangen, want de medewerkers voelen zich letterlijk in hun hemd gezet”, zegt FNV-bestuurder Janny Koppens.

Wat is de oplossing voor de ­financiële problemen bij ­jeugdzorginstellingen?

Zorgeconoom Janssen en FNV’er Van der Aar denken dat het goed is dat gemeenten verantwoordelijk blijven voor de jeugdzorg. Het is winst dat meer kinderen de loketten van de hulpverlening weten te vinden, zeggen ze. De vakbond pleit voor extra geld. De 450 miljoen die minister Hugo de Jonge eerder eenmalig toezegde is volgens Van der Aar niet voldoende. Alleen de stijgende vraag naar jeugdzorg kost volgens haar al 490 miljoen euro, om nog maar te zwijgen over de 450 miljoen die in 2015 bezuinigd is.

Janssen denk dat er veel te winnen valt bij het vereenvoudigen van de administratie. Gemeenten moeten samenwerken op basis van een gemeenschappelijke visie. Als het aan hem ligt wordt Nederland ­opnieuw ingedeeld in 44 zorgregio’s waarin gezamenlijk beleid wordt ­gemaakt. Ook is hij van mening dat gemeenten minder vaak moeten aanbesteden. “Eén keer in de vier jaar is voldoende.”

Lees ook: 

De jeugdzorg staakt, voor het eerst in de geschiedenis

Het stakingsgen zit niet in het jeugdzorg-DNA. Maar maandag wordt er toch gestaakt, uit protest tegen het jeugdzorgbeleid en de slechte arbeidsvoorwaarden. ‘We stevenen af op een ramp.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden