TussenstandCoronatijd

Voorzichtig terugblikken op de lockdown

De Dam in coronatijdBeeld Amsterdam Museum

De coronacrisis drukt haar stempel op het leven van alledag. Hoe zullen we terugkijken op deze tijd? De eerste golf in vier herinneringen, van stille straten tot kraamhulp op afstand.

Lege straten, videogesprekken en rouwen op anderhalve meter. Deze en meer coronataferelen zijn gebundeld in ‘Corona in de Stad’, een digitale collectie door het Amsterdam Museum. Daarvoor konden Nederlanders zelf een souvenir insturen. Vier keer het verhaal achter zo’n inzending.

Alleen met de duiven op de Dam

Steevast op donderdag fietst vader Kim van Rossum van IJburg naar Amsterdam, met zijn zesjarige dochter Manou achterop. Van Rossum is hobbyfotograaf en een geboren Amsterdammer. Normaal toog hij ook regelmatig naar het centrum voor de drukte en de gezelligheid. Sinds de lockdown gaat hij er juist heen voor de stilte. “Ik heb zoiets nog nooit meegemaakt. Op de Kalverstraat, de Leidsestraat en de Dam ziet het anders zwart van de mensen. Nu was er geen ziel.”

Samen met zijn dochter fietste Van Rossum wekelijks door de eenzame straten om zich te verwonderen en het lege stadstoneel op beeld vast te leggen. “Normaal mag je daar helemaal niet fietsen. Dat maakte het bijzonder, maar ook erg onwerkelijk.”

Die bewuste dag nam het duo een zak oud brood mee. “De duiven op de Dam worden doorgaans gevoerd door toeristen, of leven van een gesneuveld patatje op straat. Maar dat blijft nu uit.” Dochter Manou stond erop ze te voeren. Ze is een echte dierenliefhebber en wil later dierenarts worden, vertelt vader trots. In een mum van tijd was het meisje omringd door de hongerige duiven. Van Rossum maakte er vlug een foto van.

Carla Franssen, gezien op de rug, en familie.Beeld Lucas Reggers, Amsterdam Museum

Rouwen op afstand

Carla Franssen (68) duikt weg in haar capuchon. Op het bankje tegenover haar zitten haar broer en haar twee dochters. Haar andere broer en schoonzus staan ernaast – allemaal op afstand van elkaar. Het gezelschap heeft net afscheid genomen van Jean, een dierbare familievriend die vijf dagen ervoor aan diabetes overleed. Ze moeten dan nog allerlei keuzes maken over de uitvaart, waar slechts een handjevol mensen bij mag zijn. “Jeans zussen hebben gezondheidsproblemen en konden niet zomaar komen, dus ik heb alles geregeld”, zegt Franssen. Hoe was de sfeer op de foto? “Bedompt en heel verdrietig. Je kon niet even stoom afblazen door elkaar een knuffel te geven.”

Jean lag wekenlang op een geïsoleerde afdeling omdat hij een ziekenhuisbacterie had opgelopen. Daardoor mocht er maar één bezoeker per dag komen: “Die moest net als de verplegers een isolatiepak aan inclusief mondkapje, bril en handschoenen.” Bezoekers moesten ook afstand houden. “Maar ik heb hem toch vastgepakt”, zegt Franssen. “Toen wisten we al dat het voorbij was.”

De begrafenis was uiteindelijk in besloten kring met twaalf mensen. “Dat was eigenlijk wel prettig. We waren alleen met directe familie en goede vrienden, daardoor was het heel intiem.” Afstand moeten bewaren was nog het zwaarst, vertelt Franssen: “Dat je aankomt op de begraafplaats en uit elkaar moet blijven, niet even een arm om elkaar heen slaat. Dat is heel gek.”

Anne-Sophie de Graaf geeft via een videolijn taalles aan de Afghaan Hazrat, die onlangs een verblijfsvergunning kreeg.Beeld Sake Rijpkema, Amsterdam Museum

Taalles via de webcam

Ze praten over hun liefde voor wandelen en voetbal, maar ook over hoe bepaalde supermarktartikelen ook alweer in het Nederlands heten. Anne-Sophie de Graaf (23) kletst twee uur per week met de Afghaan Hazrat. Hij woont nu vier jaar in Nederland en heeft net een verblijfsvergunning gekregen. Ze weten inmiddels alles van elkaar, maar hebben elkaar nog nooit in het echt ontmoet.

De Graaf is stagiaire en vrijwilliger bij Stichting Warm Welkom. Daar werkt ze als ‘taalbuddy’: iemand met wie nieuwkomers Nederlands kunnen oefenen en sociaal contact kunnen hebben. “Als je nog weinig Nederlandse mensen kent en de taal nog moet leren, is dat ontzettend waardevol.”

Door de coronacrisis moeten Hazrat en zijn buddy videobellen. Dat was voor De Graaf ‘heel gek’, want normaal zouden zij taalboeken uitwisselen en samen activiteiten ondernemen. “Je spreekt elkaar wel elke week. Daardoor heb je het gevoel dat je elkaar door en door kent, maar tegelijkertijd ken je elkaar niet écht.” Naast de fysieke afstand komt daar nog de taalbarrière bij. “Dan is de webcam onmisbaar: dan kun je iets uitbeelden of een voetbal pakken als je het over voetballen wilt hebben, bijvoorbeeld.”

Ondanks de nodige belemmeringen, is het contact met Hazrat uitgegroeid tot een waardevolle vriendschap, aldus De Graaf. “Je kunt elkaar misschien niet in de ogen kijken, maar je kunt wel contact maken. Daardoor voelt iemand zich gezien.”

Barbara Hernandez met een pasgeboren baby.Beeld Amsterdam Museum

Kraamverzorger Barbara: Je kan de baby niet zomaar oppakken

“Je ziet de emotie in mijn ogen”, zegt Barbara Hernandez (46) over de foto van haar als kraamverzorgende met een mondkapje en handschoenen, en een pasgeboren baby in haar armen. Het was een angstige tijd aan het prille begin van de lockdown, herinnert zij zich: “Elke ochtend appte mijn werkgever mij met de nieuwste maatregelen. Niemand wist nog wat er ging gebeuren”.

De foto is gemaakt door de oma van een uit Amerika verhuisd gezin, vertelt Hernandez. “Zij was eerder overgevlogen om haar kleinkind te zien, maar opa kon niet meer naar Nederland komen. En zij kon ook niet meer terug.” De grootmoeder verbleef daarom enkele maanden bij haar dochter, schoonzoon en kleinkind.

Haar werk is erg veranderd door corona, zegt Hernandez. “Je kan een kindje niet zomaar oppakken of geruststellen. Daardoor mis je het contact met de baby, maar is het ook moeilijk om voor te doen hoe ouders dat kunnen aanpakken.” Bovendien is emotionele ondersteuning voor de ouders na een ingrijpende bevalling lastiger met een mondkapje. 

Nog steeds draagt Hernandez haar mondkapje en handschoenen. Zij moet zich ook dagelijks temperaturen voordat ze bij een gezin over de vloer komt. “Inmiddels ben ik eraan gewend, en de gezinnen gelukkig ook.”

Lees ook:

Coronagedicht schrijven? Doe het niet! (of gebruik de volgende tips)

Met een mondkapje voor werkt dichter Ingmar Heytze zich door honderden corona­gedichten heen. Hij knapt er niet van op. Voor wie zich toch niet kan beheersen, heeft hij vijf tips.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden