ReportageBasisschool De Terp

Van oefenvideo’s tot repetitiecoach: de groep 8- musical professionaliseert

Achtstegroepers van basisschool De Terp in Weesp studeren de musical 'Het laatste level' in, onder leiding van leerkracht Janpieter Corbeek. Beeld Patrick Post
Achtstegroepers van basisschool De Terp in Weesp studeren de musical 'Het laatste level' in, onder leiding van leerkracht Janpieter Corbeek.Beeld Patrick Post

Al sinds 1967 kunnen basisscholen afscheidsmusicals voor groep 8 inkopen. Maar het aanbod is de laatste jaren wel enorm geprofessionaliseerd. Van oefenvideo’s tot een repetitiecoach – de leerkracht kan allerlei hulp inschakelen.

Jette Pellemans

In de aula van basisschool De Terp in Weesp hangt meester Janpieter Corbeek (65) met één bil op een tafel. Zijn blik is gericht op het podium waar groep 8 vandaag repeteert voor de afscheidsmusical Het laatste level. Corbeeks hand rust op de pauzeknop van een draagbare stereo.

Dit jaar is een bijzondere editie van de groep 8-musical. Het is de laatste die Corbeek ‘doet’ voordat De Terp volgend jaar gaat fuseren. Daarom heeft hij dit jaar bij wijze van afscheid zelf een rolletje in het stuk gekregen: een korte, grappige scène waarin hij Matje van de Modderpoel speelt, een persiflage op wielrenner Mathieu van der Poel.

Oh, hij moet al op. Corbeek haast zich naar de coulissen en loopt vanachter het zwarte gordijn het podium op, dat door zijn lange gestalte opeens nog kleiner en lager lijkt. “Waar is mijn fiets? Heeft iemand een fiets te leen?”, vraagt hij aan het denkbeeldige publiek.

Meteen daarop grijpt hij zoekend naar zijn hoofd: “Ehh, ja, jongens, hoe ging het daarna ook alweer?” Zijn leerlingen grinniken en bladeren druk door hun script. Half proestend komt Corbeek even later het podium weer af. “Zo, ik was even helemaal van mijn apropootje,” zegt hij enigszins verhit als hij weer op de tafel zit.

Elk jaar een feestje

Voor Corbeek is de musical elk jaar een feestje. Een toetje noemt hij het zelf. Hij doet het nu zo’n 25 jaar, sinds eind jaren negentig. Over twee jaar gaat hij met pensioen, maar hij zou in staat zijn ’s zomers terug te komen voor het instuderen van de musical, zo leuk vindt hij het.

Janpieter Corbeek volgt de repetitie van de leerlingen aan de hand van het script dat de school kant-en-klaar heeft ingekocht. Beeld Patrick Post
Janpieter Corbeek volgt de repetitie van de leerlingen aan de hand van het script dat de school kant-en-klaar heeft ingekocht.Beeld Patrick Post

Corbeek zag het aanbod wel veranderen in dertig jaar. “Vroeger had je altijd wel wat kinderen die boom of cameraman speelden. Best sneu. Tegenwoordig heeft iedereen een gelijk aandeel in plaats van dat er een paar hoofdrollen zijn. Dat scheelt mij ook een hoop gezeur met teleurgestelde ouders.”

Een ander verschil: “Ik kan de liedjes makkelijk met de klas instuderen via karaokeclips op het digibord. Jochem Myjer [de komiek, red.] heeft filmpjes opgenomen om alle typetjes voor te doen; ook zo leuk. En kijk, deze kaartjes kan ik uitprinten, zodat opa’s en oma’s met een echt ticket binnen kunnen komen. Er is overal zo goed over nagedacht; vroeger was het toch vooral gerommel.”

Meester Pennelik in 1967

De eerste professionele afscheidsmusical voor leerlingen van de lagere school kwam van producent Benny Vreden, in 1967. Het stuk heette Meester Pennelik en kwam uit op een langspeelplaat met op de B-zijde het begeleidende verhaal. Leerkrachten moesten er zelf dialogen bij verzinnen.

Lang bleef Benny Vreden de enige aanbieder. Vanaf de jaren tachtig kwamen er langzaam meerdere aanbieders op de markt en sinds de jaren nul brengen zo’n vijf of zes grote producenten jaarlijks een nieuwe afscheidsmusical uit, ieder met net zijn eigen accenten. Zo baseert producent Het Verkeerde Beentje haar musicals op kinderboeken en heeft Spotlight Musical Productions een meer christelijke inslag.

Scholen kopen voor een bedrag tussen de 150 en 200 euro een musicalpakket aan, meestal uit het budget voor de reguliere lesmaterialen. Voor dat bedrag kregen scholen vroeger een cd, een scriptboekje voor iedere leerling en een handleiding voor de docent met wat suggesties voor spel of decor. Maar sinds nieuwe media alomtegenwoordig zijn en bijna alle kinderen in groep 8 een smartphone hebben, is het aanbod een stuk uitgebreider geworden.

Zonder oefen-app tel je niet meer mee

Zo tel je niet meer mee zonder een oefen-app, zeggen verschillende musicalproducenten. Als leerling kun je in die app aangeven welke rol jij hebt en dan krijg je een overzicht met de scènes van jouw personage, de liedjes op Spotify en professionele YouTube-video’s voor alle dansjes en liedjes.

Sommige apps bieden ook een gesproken versie van het script, zodat dyslectische kinderen hun rol goed kunnen instuderen. Scholen kunnen kant-en-klare decordoeken en bijpassende attributen bestellen, een schmink-instructievideo kijken, externe docenten inhuren voor een workshop of zelfs de hele repetitieperiode aan zo’n docent uitbesteden.

Het tekstboek van de musical is nog maar een onderdeel van een uitgebreid pakket, compleet met filmpjes waarin komiek Jochem Myer alle typetjes voordoet. Beeld Patrick Post
Het tekstboek van de musical is nog maar een onderdeel van een uitgebreid pakket, compleet met filmpjes waarin komiek Jochem Myer alle typetjes voordoet.Beeld Patrick Post

De opkomst van al die uitbesteedopties is een kwestie van vraag en aanbod, zegt Maaike Brugman van producent Benny Vreden. “Wij kregen van docenten altijd al veel vragen: wat als ik een speler meer of minder heb, wat doe ik met het decor, hoe kan ik deze scène het beste aanpakken? Leerkrachten hebben tegenwoordig zo’n breed takenpakket: die hebben vaak te weinig tijd om dat zelf uit te zoeken. En waarom zou je dat ook doen, als je het ook kant-en-klaar aangeleverd kunt krijgen?”

Pas naar links, pas naar voren

De smartphone en het digibord in de klas zijn een belangrijke motor geweest voor innovaties. Brugman: “Qua video’s en muziekbestanden zijn de mogelijkheden nu natuurlijk eindeloos. Vroeger bedachten we ook danspasjes, maar die schreven we dan uit op papier: een pas naar links, een pas naar voren. Dat is met een flitsende YouTube- of TikTok-video natuurlijk wel tien keer leuker.”

In de kleine branche houden de musicalproducenten elkaars innovaties nauwlettend in de gaten. “Dus toen een concurrent begon met videoclips voor de liedjes zijn wij dat ook gaan doen,” vertelt Sander Geboers, die samen met zijn vrouw Meike Veenhoven in 2004 Rep en Roer Musicals oprichtte. Inmiddels verkopen zij hun musicals aan ongeveer duizend basisscholen per jaar, waarmee ze één van de grootste spelers in het veld zijn geworden.

Na de videoclips kwamen er drie jaar geleden een Rep en Roer-app, een digitaal oefenlokaal en een Facebookgroep waarin leerkrachten en ouders tips met elkaar kunnen uitwisselen. Geboers: “Vorig jaar hadden we een musical in Efteling-thema met Langnek in het decor. Een ouder had uitgevonden dat de nek handig gemaakt kon worden van een stuk in en uit elkaar schuivend pvc-buis en maakte daar een filmpje van. Dat is daarna op talloze scholen gekopieerd.”

Dit soort zaken maakt het een stuk makkelijker voor de leerkracht. Want, zo zegt Maaike Brugman van Benny Vreden: “Sommigen kunnen zich er helemaal in verliezen, maar voor velen is het instuderen van de musical toch gewoon een behoorlijke kluif.”

Leerkracht Janpieter Corbeek speelt dit jaar ook zelf een minirol in de afscheidsmusical van groep 8. Beeld Patrick Post
Leerkracht Janpieter Corbeek speelt dit jaar ook zelf een minirol in de afscheidsmusical van groep 8.Beeld Patrick Post

De charme van houtje-touwtje

Maar hoe ver ga je in die ‘verluxing’ van het aanbod? Zullen scholen die daar geld voor hebben straks een professioneel musicalteam inhuren, met spelcoaches, grimeurs en op maat gemaakte kostuums? Meike Veenhoven van Rep en Roer Musicals zou daar geen voorstander van zijn. “De charme zit ’m juist in dat houtje-touwtjegevoel: een zelf geschilderd decor, een jasje uit de verkleedkist.

“Leerkrachten kunnen musicaldocenten inhuren voor een masterclass, maar om de musical helemaal door hen te laten instuderen… Het is een laatste ritueel om de school te verlaten, een groepsopdracht om samen te vervullen. Het zou zonde zijn dat helemaal uit te besteden.”

Ook Brugman vindt het groepsproces belangrijk bij een afscheidsmusical, maar zij ziet nog wel mogelijkheden voor professionalisering. “We zouden bijvoorbeeld ons eigen musicaltheatertje kunnen openen, waar scholen naartoe komen om te oefenen met hun eigen leerkracht, ondersteund door een regisseur van ons. Als daar vraag naar is, zie ik geen reden waarom we dat in de toekomst niet zouden kunnen faciliteren.”

De musical maakt alle leerlingen gelijk

Leraar Corbeek van De Terp in Weesp wil niets uitbesteden, hij geniet met volle teugen van elke minuut die hij met musical bezig kan zijn. “Weet je wat ik er het leukst aan vind? Ik heb hier zowel kinderen die uitstromen naar tweetalig vwo als naar het praktijkonderwijs, maar bij het instuderen van de musical is iedereen gelijk.

“Dat groepsproces is zo belangrijk. Als je dan met z’n allen iets hebt neergezet, het geluid doet het en het licht gaat aan, nou, dat is kicken, hoor. Daar kan ik nu al tranen van in mijn ogen krijgen.” En heus, hij vindt het handig dat er tegenwoordig al die hulpmiddelen zijn. “Maar mijn beleving van de musical is in de kern al vijfentwintig jaar hetzelfde.”

Lees ook:

‘Corona de musical’, een afscheid van groep 8 zonder ouders

Een film, livestream of zelfs een speciale coronamusical: door de nieuwe maatregelen moeten scholen creatieve oplossingen bedenken voor de afscheidsmusical van groep 8. Hoe gaan ze daarmee om?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden