Uitkeringsgerechtigden

Van Ark zet gemeente onder druk: tegenprestatie wordt verplicht in de bijstand

Staatssecretaris Tamara van Ark van sociale zaken en werkgelegenheid. Beeld ANP

Al jaren wil Den Haag dat uitkeringsgerechtigden een tegenprestatie leveren. Wethouders kiezen liever hun eigen manier om mensen in de bijstand aan de slag te helpen.

Het kabinet zet extra druk op gemeenten om van uitkeringsgerechtigden een tegenprestatie te vragen. Al jaren worstelt de politiek met dit onderwerp. Nu wil staatssecretaris Tamara van Ark (VVD, sociale zaken) in de wet vastleggen dat gemeenten mensen met een uitkering moeten activeren. De vorm mogen gemeenten zelf bepalen. Het kan bijvoorbeeld scholing, een stage of vrijwilligerswerk zijn.

Het idee dat uitkeringsgerechtigden een tegenprestatie moeten leveren voor hun uitkering is een oude wens van de VVD. Die werd in 2012 al opgenomen in het regeerakkoord van het tweede kabinet Rutte. De VVD drong er op aan en de PvdA ging morrend akkoord. Toenmalig staatssecretaris Jetta Klijnsma (PvdA) sprak de gemeenten steeds streng toe, maar twee jaar na de invoering van de maatregel waren er nog maar 35 van de vierhonderd wethouders die de eis om een tegenprestatie te leveren in de praktijk brachten.

Geen dwang, maar ook niet niets doen

Het nieuwe kabinet van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie voert de druk op. Van Ark liet een onderzoek doen naar de publieke opinie. Daaruit blijkt draagvlak voor het vragen van een tegenprestatie. “Men geeft aan dat er geen dwang zou moeten zijn om iets te doen wat mensen niet willen of kunnen, maar tegelijkertijd moet het ook niet te makkelijk zijn om niets te doen en kan weigering van een tegenprestatie niet zomaar zonder gevolgen blijven”, schrijft zij aan de Tweede Kamer. Van Ark wil maatwerk, ‘rekening houden met de mogelijkheden van mensen’.

De PvdA, voormalig coalitiepartner van de VVD, zit nu in de oppositie en kan hardop tegen de plannen van Van Ark ageren. Benader uitkeringsgerechtigden met het vertrouwen dat zij aan de slag willen, en niet met een verplichte tegenprestatie, meent de PvdA.

Participatiewet

Een probleem voor het kabinet is dat de regelingen voor uitkeringen in 2015 zijn gedecentraliseerd naar de gemeenten. De vroegere sociale werkvoorziening, de regeling voor jonggehandicapten en de bijstand zijn samengevoegd tot de Participatiewet. Gemeenten voeren die uit. Hoe zij dat doen mogen zij, tot op zekere hoogte, zelf bepalen. Daarom ligt de wettelijke verplichting van Van Ark gevoelig bij wethouders. Verder signaleren gemeentebestuurders dat veel mensen met een uitkering naast werkloosheid nog een ander probleem hebben, bijvoorbeeld op het terrein van gezondheid.

Het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) concludeerde eerder deze week dat de Participatiewet de kans op werk voor zevenhonderdduizend uitkeringsgerechtigden niet heeft verbeterd. Van Ark denkt dat haar aanpak gaat helpen: “Mensen moeten meer perspectief krijgen om aan het werk te komen en mee te doen”, schrijft zij aan de Tweede Kamer. 

Voor de tegenprestatie opperde arbeidssocioloog Fabian Dekker donderdag in Trouw een alternatief. “Regulier werk is voor veel kwetsbare mensen simpelweg te veel gevraagd. De productie-eisen zijn te hoog. Die mensen zitten nu vast in de bijstand, terwijl ze best willen en kunnen werken. Schep voor deze mensen nieuwe, laagdrempelige en nuttige banen. Banen waarmee we maatschappelijke problemen als eenzaamheid bij ouderen en onveiligheid in achterstandswijken kunnen oplossen.”

Hoogleraar is somber: ‘Oplossingen vragen lange adem’

Hoogleraar Menno Fenger bekeek of een intensieve aanpak van de overgang naar werk resultaat heeft. Hij is somber.

De uitstroomcijfers uit de bijstand vindt hoogleraar bestuurskunde Menno Fenger van de Erasmus Universiteit in Rotterdam ‘bedroevend’. Nog geen zes procent van de mensen die langer dan twee jaar in de bijstand zitten, wisselt naar een betaalde baan. “De groep is nog zwakker dan eerst omdat de arbeidsgehandicapten eraan zijn toegevoegd.” Fenger onderzocht in Amersfoort, Rotterdam, Capelle, Bergen op Zoom en Oegstgeest of een intensieve benadering een positieve invloed heeft

De geteste methode heet FIP: frequente intensieve persoonlijke aanpak. “Eerst kijkt een gemeente hoe het gaat met wonen, financiën, relaties en gezondheid. Bij problemen kan er hulp komen, er volgen opties als vrijwilligerswerk verrichten, mantelzorg, sporten, Nederlands oefenen.”

De Rotterdamse hoogleraar zegt terugkijkend dat hij de problematiek heeft onderschat. “Wij dachten dat we vaker tot een oplossing zouden komen. Maar dit is een groep waar je veel ellende tegenkomt, en die door de overheid ook nog eens jaren is genegeerd.”

FIP helpt volgens Fenger wel degelijk, maar niet direct naar werk. “Toch hebben gemeentes een morele plicht zich in deze groep te verdiepen. Het kan winst zijn als staatssecretaris Van Ark gemeentes verplicht een goed beeld te krijgen van inwoners in de bijstand. Maar zij moet de problematiek niet versimpelen met een verplichte prestatieplicht. Het gaat hier niet om snelle winst, maar om lange adem.”

Lees ook: 

Papier prikken om bijstand te krijgen? In Rotterdam kiezen ze juist voor een positieve prikkel - met succes

De harde aanpak van bijstandsgerechtigden mislukte. Rotterdam krijgt mensen nu uit de bijstand door te focussen op talent.

‘De overheid moet geen inkomen, maar banen garanderen’

De overheid moet mensen geen inkomen garanderen, maar bánen. Dat zegt arbeidssocioloog Fabian Dekker in zijn nieuwe boek, want ‘mensen moeten weer het gevoel krijgen controle te hebben’.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden