InterviewLinda Voortman

Utrechtse wethouder Linda Voortman: ‘We moeten onze geschiedenis niet herschrijven, maar een eerlijker beeld geven’

Wethouder Linda Voortman van Utrecht:
Wethouder Linda Voortman van Utrecht: "We moeten niet de geschiedenis gaan herschrijven of wegpoetsen, maar een eerlijker en vollediger beeld geven."Beeld ANP

Utrecht is een ‘heel grondig onderzoek’ rijker. En een illusie armer: dat de stad weinig van doen had met slavernij. Excuses maken is een optie, vertelt wethouder Linda Voortman (diversiteit).

Het zijn stevige conclusies, die de onderzoekers van de bundel Slavernij en de stad Utrecht trekken, beaamt wethouder Linda Voortman. “Ja, 40 procent van mijn verre voorgangers had belangen in het koloniaal systeem en de slavenhandel, zo blijkt.”

“Heel grondig", noemt ze het onderzoek, dat woensdag werd gepresenteerd aan Voortman en burgemeester Sharon Dijksma. Voortman: “Utrecht had banden met slavernij in West en in Oost, en de winsten uit die investeringen zie je ook terug in de statige huizen van de stad. De VOC was in Utrecht een grote werkgever.”

Soortgelijke bevindingen in Amsterdam en Rotterdam zijn voor die steden reden om excuses te overwegen. Gaat Utrecht dat ook doen?

“Die optie gaan we zeker verkennen. De raad heeft de onderzoeksopdracht ook verstrekt ‘met het oog op mogelijke excuses’. Maar het onderzoek is pas net uit, we willen ons er nu eerst goed op beraden, zoiets moet je niet lichtvaardig doen. In het najaar hopen we daarover samen met de gemeenteraad een knoop door te hakken.”

De opdracht aan de wetenschappers was vervat in een motie uit 2019, ingediend door de fracties van Denk, ChristenUnie en haar eigen partij GroenLinks. De wethouder beaamt dat we bij het thema slavernij eerder denken aan steden als Amsterdam en Rotterdam. “Anders dan Utrecht zijn dat havensteden, maar het onderzoek toont dat ook andere Nederlandse steden duidelijke banden daarmee hebben.”

De motie kwam volgens Voortman voort uit een toenemende belangstelling onder de inwoners van Utrecht. “Al zo’n tien jaar kent Utrecht de Sporen van de Slavernij-wandeling over dit thema. Ook uit gesprekken met Utrechters merk ik dat mensen willen weten hoe zit het met dat deel van onze stadsgeschiedenis. Dat geldt niet alleen voor mensen van wie je kunt zeggen dat zij afstammelingen van tot slaaf gemaakten, maar ook voor anderen.”

De interesse blijkt volgens Voortman ook tijdens Keti Koti. “Wij besteden daar in Utrecht op 30 juni aandacht aan. Dan herdenken we de slachtoffers; op 1 juli is de landelijke viering in Amsterdam van het einde van de slavernij – vergelijk het met 4 en 5 mei. Toen ik mijn functie begon in 2018 was dat nog redelijk beperkt in omvang, in 2019 waren er al meer mensen. Sinds de Black Lives Matter-demonstraties in 2020 en de aandacht voor institutioneel racisme zoals die bleek uit de toeslagenaffaire is de belangstelling voor die geschiedenis nog meer gegroeid.”

Wat kunt u met dit onderzoek?

“Hier móet een vervolg op komen. Ik zie het onderzoek als een begin om de bewustwording over dit thema te vergroten en ervoor te zorgen dat dit ingebed raakt in onze stadsgeschiedenis. Er komt een podcast over het onderzoek, en we zullen het ook op andere manieren onder de aandacht brengen, bijvoorbeeld door het aan te bieden aan bibliotheken. We bekijken of er gesprekken zijn te organiseren met culturele -en onderwijsinstellingen, maar dat moeten we nog verder uitwerken.”

Vorige week heeft Utrecht samen met Amsterdam, Rotterdam en Den Haag ervoor gepleit dat een nieuw kabinet van Keti Koti een nationale feestdag maakt. Utrecht werkt ook aan een eigen slavernijmonument, dat in 2023 gereed moet zijn. Voortman: “We hebben als grote steden ook gepleit voor een nationaal onderzoek naar het slavernijverleden, naast de onderzoeken die steden hebben laten verrichten. Het werkt niet zo dat je die onderzoeken bij elkaar optelt en dat we dan een nationale geschiedenis hebben.”

Aan het schrappen van straatnamen denkt Utrecht niet, legt Voortman uit. “We gaan geen straatnamen veranderen, we gaan er juist wat aan toevoegen.” In de wijk Lombok kunnen belangstellenden al op de zogeheten ‘bitterzoete route’ digitaal informatie bekijken over historische figuren waar de straten naar vernoemd zijn.

Voortman: “Als je een straatnaam afschaft, dan verlies je een plek om het hele verhaal te vertellen over bijvoorbeeld J.P. Coen. De geschiedenis wordt steeds rijker, de onderzoekers hebben daar weer nieuwe bladzijden aan toegevoegd. We moeten niet de geschiedenis gaan herschrijven of wegpoetsen, maar een eerlijker en vollediger beeld geven van de personen in hun historische context.”

Hoe gaat u Utrechters meekrijgen die dit niet belangrijk vinden, of vinden dat dit soort onderzoeken een smet werpen op onze geschiedenis?

“Ik kan me best voorstellen dat er mensen zijn die zich afvragen: ‘Moet dit nou?’. Dan zeg ik: ‘Ja, dit is onze gezamenlijke geschiedenis’. Maar hun mening doet ertoe, we moeten met iedereen het gesprek over onze geschiedenis aangaan. Ik denk dat veel mensen niet weten hoe wij als stad geprofiteerd hebben van slavernij in West en Oost. Dit onderzoek is een eerste stap in de bewustwording, zorgen dat mensen het weten, en dan het gesprek erover aangaan.”

Uit veel studies komt naar voren dat een verband bestaat tussen het slavernijverleden en het hedendaags institutioneel racisme. Is dit onderzoek aanleiding om daar nog meer aandacht aan te besteden?

“Witte mensen in ons slavernijverleden keken naar mensen van kleur als hun bezit, als goederen op hun inventarislijst. Ik denk dat dit doorwerkte in de manier waarop witte mensen zich soms boven iemand plaatsen. Het is belangrijk is dat je mensen ervan bewust maakt, ook hoe dat verleden soms onbewust doorwerkt.”

Lees ook:

Onderzoek toont aan: ook Utrecht verdiende dik aan slavernij

Utrechtse bestuurders en zakenlieden hebben in de zeventiende en achttiende eeuw grootschalig geprofiteerd van slavenhandel en slavenarbeid.

Utrecht onderzoekt eigen slavernijverleden. ‘Dit is het beginpunt, geen eindpunt’

Op het moment dat de afschaffing van de slavernij herdacht wordt, presenteert de gemeente Utrecht een boek over de slavernijgeschiedenis.

Maak van Keti Koti een nationale feestdag, zeggen de grote steden

Keti Koti een nationale feestdag: dat moet in het regeerakkoord, vinden de vier grote steden. En stel ook een nationaal onderzoek in naar ons slavernijverleden.

Rotterdam erkent dat de stad een belangrijke rol speelde bij slavernij en kolonialisme, maar van excuses is (nog) geen sprake

Rotterdam heeft eeuwenlang een belangrijke rol gespeeld in slavernij en kolonialisme, blijkt uit een studie. Burgemeesters, ondernemers en zeevaarders werkten voor de Verenigde Oost-Indische Compagnie en West-Indische Compagnie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden