Van links naar rechts: Alysha Seferina, Kimberly Bokma en Neftaly Albertsz.

InterviewCaribische studenten

Studeren in Nederland voor Caribische jongeren vaak een koude douche

Van links naar rechts: Alysha Seferina, Kimberly Bokma en Neftaly Albertsz. Beeld Maartje Geels

Bijna de helft van de jongeren uit het Caribische deel van het Koninkrijk vertrekt naar Nederland. De overgang kan zwaar zijn. 

In het Caribische deel van het Koninkrijk weten veel jongeren: na de middelbare school ga je weg van het eiland. Aan het einde van de zomer vertrekken vluchten vol 18- en 19-jarigen richting Nederland. “Dat is heftig hoor”, zegt Kaylene Thompson (24), die opgroeide op Aruba en in 2015 naar Amsterdam kwam. “Sta je daar met vierhonderd studenten en al hun familie. Ik was met mijn hele familie, mijn beste vriendin en háár hele familie. En allemaal klasgenoten. Iedereen huilt, en dan moet je weg.”

Er studeren ruim 11.000 studenten uit het Caribische deel van het Koninkrijk – de landen Aruba, Curaçao, Sint-Maarten en de bijzondere gemeenten Bonaire, Sint Eustatius en Saba – in Nederland, het grootste deel in het hoger beroepsonderwijs. Bijna de helft van de jongeren op de zes eilanden vertrok tussen 2013 en 2017 naar Nederland, becijferde het CBS onlangs. Twee derde deed dat voor een studie. Hoe ervaren jongeren die overgang van de Cariben naar Nederland?

Kimberly Bokma (20) viel het nogal tegen, vertelt ze. “De eerste dag raakte ik helemaal verdwaald en moest ik ontzettend huilen”, vertelt ze. “Ik had een heel ander beeld van Nederland. Ik dacht: als ik naar Nederland ga, heb ik veel vrijheid en niemand houdt me in de gaten. Maar ik vond het heel zwaar om thuis te komen en dat er dan niemand is.”

Bokma groeide op op Curaçao en kwam twee jaar geleden naar Nederland. Ze studeert aan de Hogeschool van Amsterdam. “Ik was toen de enige in mijn klas die niet bij zijn ouders woonde. Ik moest werken, voor mezelf zorgen en aan alles wennen. Ik wist niet hoe het openbaar vervoer werkte en ik dacht dat ik, net als op Curaçao, overal binnen vijftien minuten kon zijn.” Haar klasgenoten begrepen haar niet altijd, bijvoorbeeld als ze moest werken en daardoor minder tijd over had dan haar groepsgenoten. “Ik dacht dat ik alles snel onder de knie zou krijgen, maar het was moeilijker dan ik dacht.”

Ombudsman: klachten over onduidelijke informatie door overheid

Voor jongeren die willen studeren, biedt Nederland meer keuze dan de eilanden. Aruba, Curaçao en Sint-Maarten hebben hoger onderwijs met bachelor- en masterdiploma’s die overeenkomen met die in Nederland, maar het aantal opleidingen is beperkt. De diploma’s van het voortgezet en middelbaar onderwijs op de eilanden bieden zonder meer toegang tot de vervolgopleidingen in Nederland. Met uitzondering van Aruba is het onderwijs op de eilanden sinds 2010 in feite Nederlands – en het Arubaanse systeem is afgeleid van dat van Nederland.

Bokma is niet de enige die worstelt met de overgang naar Nederland en het hoger onderwijs. De Nationale Ombudsman begon in maart een onderzoek naar de problemen waar Caribische studenten tegenaan lopen als ze naar Nederland verhuizen. Volgens ombudsman Reinier van Zutphen komen er klachten binnen over overheidsinstanties die hen onduidelijk informeren, en studenten zouden regelmatig in de financiële problemen komen. Studenten uit de voormalige Antillen hebben meer moeite dan anderen om het eerste jaar van hun opleiding te halen en ze halen minder vaak een diploma.

Voor alle eilanden uit het Koninkrijk geldt nagenoeg dezelfde uitschieter van emigratie naar Nederland, rond 18-25 jaar. Beeld CBS

“We worden op de eilanden niet goed geïnformeerd over wat je kan verwachten”, zegt Alysha Seferina (20). Zij kwam in 2018 van Curaçao naar Nederland. “Je moet een fiets halen, dat wordt je niet verteld. Of hoe het ov-systeem werkt. Over belastingen wist ik niets. Ik kreeg ineens een brief dat ik moest betalen, dan moet je maar net weten dat je kwijtschelding kunt aanvragen.”

Niemand hoeft haar hand vast te houden, benadrukt ze, maar wat meer hulp was welkom geweest. “Ik ben best zelfstandig opgegroeid, maar op Curaçao is iedereen wel van: ‘hoe gaat het, kom je eten’? In Nederland doen mensen dat niet. Zeker in de winter trekt iedereen zich terug.”

Vooral de donkere dagen breken op 

Die winter, dat is sowieso een ding. “Ik heb nog nooit zoiets heftigs meegemaakt als het weer hier”, zegt Bokma. “Niemand vertelt je dat de zon kan schijnen en dat het dan toch koud is. Ik begrijp nu waarom Nederlanders bij de eerste warmte naar buiten rennen.”

Voor Seferina waren het vooral de donkere dagen die haar opbraken. “Dat het in november om vier uur donker wordt had ik nog nooit in mijn leven meegemaakt.”

Ook de taal viel haar flink tegen. “Ik voelde me comfortabel in het Nederlands, tot ik een studie hbo-rechten ging doen”, zegt ze. Ze is, net als veel andere Curaçaoënaars, opgegroeid met verschillende talen. Op het eiland wordt behalve Nederlands, de eindexamentaal, ook Engels en Papiamento gesproken. “Het is fijn om het te weten als je iets fout zegt, maar het is niet leuk om steeds maar te horen: wat een domme fout.”

Seferina verbaast zich nog altijd over het gebrek aan kennis bij Nederlanders over de eilanden. “Ik kreeg bijvoorbeeld vragen als: hebben jullie een McDonalds op Curaçao? Doe je dit om grappig te zijn, dacht ik dan. Ben je echt benieuwd of wil je me voor schut zetten?”

De opleiding rechten bleek trouwens niets voor haar en inmiddels is ze overgestapt naar creative business, een opleiding om in de media aan de slag te kunnen gaan. “Daar ben ik echt op mijn plek.” Al is een goede beheersing van het Nederlands daar nog belangrijker dan bij rechten. “Het kost me allemaal net iets meer moeite dan anderen. Ik moet vaker herkansen door taalfouten.”

Amper uit bed kunnen komen

Jongeren onderschatten de overstap naar Nederland, zeggen beide studentes. “Op Curaçao wordt Nederland voorgesteld als een plek waar het leven beter is en waar alles kan”, zegt Seferina. Maar het is echt een grote stap, hoor.”

Daar komt bij dat Antillianen volgens Bokma niet snel om hulp vragen. Dat eerste jaar ging het een tijdje niet goed met haar. Ze werd depressief en kwam amper uit bed. “Mijn neven wonen in Rotterdam, die wilden me wel helpen, maar ik wilde niet om hulp vragen. Ik wilde niemand vertellen hoe het echt met me ging.”

De Arubaanse studente Kaylene Thompson. Zij kon vanwege de coronamaatregelen niet met de andere drie studentes op de foto. Beeld Maartje Geels

De Arubaanse studente Thompson herkent dat. Ze was staflid en is nu mentor bij Hvanti, het netwerk voor studenten uit Aruba, Bonaire, Curaçao, Sint Maarten, Saba of Sint Eustatius van de Hogeschool van Amsterdam. “Het hoort bij onze cultuur om andere mensen niet snel hulp te vragen”, zegt ze. “Dat vind ik moeilijk. Soms weet ik dat mensen het niet naar hun zin hebben en zou ik makkelijk kunnen helpen. Maar niet iedereen wil dat.”

Ze helpt eerstejaars met allerlei praktische zaken. “Ik had bijvoorbeeld nooit geleerd hoe je moet leren. Ik had de havo gedaan, maar dat stelt niet zo veel voor als je het vergelijkt met wat er hier van je wordt verwacht. Ik wist niet hoe ik naar de inhoud van mijn boeken moest kijken, hoe ik een planning moest maken.”

Bijna 60 procent jongeren Caribisch Nederland volgt opleiding

In 2016 volgde bijna 60 procent van de 15- tot 25‑jarigen in Caribisch Nederland een opleiding. Er is nagenoeg geen verschil tussen jongeren die geboren zijn op de voormalige Nederlandse Antillennoot2 (59 procent) en ergens anders (58 procent). Op Sint Eustatius volgde 61 procent van de jongeren een opleiding en op Bonaire 56 procent. Vergeleken met Sint Eustatius en Bonaire is het aandeel onderwijsvolgende jongeren op Saba met 72 procent relatief groot. Het percentage onderwijsvolgende jongeren met een Antilliaanse en Arubaanse achtergrond in Europees Nederland is met 76 procent iets hoger. Dat heeft onder meer te maken met het feit dat jongeren voor een opleiding naar Europees Nederland komen (CBS).

Dat beaamt de Arubaanse Neftaly Albertsz (23), eerstejaars aan een docentenopleiding biologie. “Wat me het meest heeft verbaasd, is hoe zelfstandig je hier moet zijn qua studeren. In Aruba wordt alles voor je geregeld. Als ik oplette tijdens de les, wist ik alles al voor een toets. Hier moet je echt zelf aan de slag om dingen uit het boek te halen. Op de havo in Aruba mogen ze je wel wat meer zelfstandigheid meegeven.”

Ook voor Nederlandse studenten is de overgang van de middelbare school of het mbo naar een hogeschool vaak moeilijk en velen struikelen in het eerste jaar. Thompson benadrukt dat zij daarnaast ook nog moest leren koken, schoonmaken en een nieuw land moest leren kennen. Haar klasgenoten begrepen daar volgens haar helemaal niets van. “Ze hadden geen idee. Echt geen idee.”

vlnr: Alysha Seferina, Kimberly Bokma en Neftaly AlbertszBeeld Maartje Geels

Ook zij liep aan tegen onwetendheid over de eilanden. “Een klasgenoot vond het wonderbaarlijk dat ik binnen twee maanden Nederlands had geleerd. Die dacht dat we dat op Aruba niet leren. Zulk soort dingen heb ik heel vaak meegemaakt.” Zo was er die klasgenoot die vroeg of alle leerjaren op haar basisschool in één klas zaten. “Eerst dacht ik nog: misschien komt hij uit een klein dorp, was dat in zijn dorp zo. Dus ik zei: ‘Nee hoor, was dat bij jou wel zo’?” ‘Natuurlijk niet’, was het antwoord. Thompson: “Waarom zouden wij dat op Aruba dan wèl doen?”

Haar klasgenoten zijn aardig, benadrukt ze. “Maar het komt nog steeds voor dat mensen zulke vragen stellen.” Niet iedereen heeft door dat ze haar studie – ze is docent geschiedenis en nu bezig met een tweede opleiding tot docent Engels – in haar derde taal doet. “Soms zeggen mensen: je hoort toch dat dit fout is?” Het is niet naar bedoeld, haast ze te zeggen.

Ze is zelf niet verlegen, zegt ze, maar ziet het bij haar mentees, student waar ze mentor van is, weleens mis gaan door cultuurverschillen of andere problemen. “Ik had een mentee die een opleiding deed met veel groepsprojecten. Niemand wilde met hem in de groep, omdat ze dachten dat hij geen Nederlands kon. Terwijl het ook nog een Engelstalige opleiding was. Uiteindelijk is hij gewoon met de opleiding gestopt.”

Lees ook:

Buitenlandse studenten voelen zich niet thuis in Nederland

Internationale studenten voelen zich niet thuis in Nederland, blijkt uit een enquête van drie studentenorganisaties.

Opinie: Studenten worden vergeten in de coronacrisis; verlaag op zijn minst het collegegeld

Terwijl de overheid ruimhartig getroffen sectoren helpt in de coronacrisis, worden studenten vergeten. Verlaag hun collegegeld, schrijft lezeres Suzanne Wolters.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden