Interview Slavenregister

Plots duikt slavin Rebekka online op als stammoeder

Pagina's uit de online slavenregisters. Beeld Merlin Daleman

Els Herrenberg en haar zoon Niels van Corven zoeken al jaren naar hun Surinaamse voorouders. Nu sinds begin deze maand de slavenregisters online staan, weten ze eindelijk meer. ‘Wie weet ligt er in Paramaribo ook nog een dagboekje.’

Haar hart ging echt even van ‘tsjoeke tsjoeke’, lacht Els Herrenberg (54). Ze beschrijft het moment dat ze vorige week gebogen over haar laptop in het gloednieuwe onlineslavenregister uit Suriname aan het speuren was en onverwacht een bijzondere ontdekking deed.

“Ik wist dat mijn voorouders slaven waren op de middelgrote plantage Berg en Dal aan de Suriname­rivier”, vertelt Herrenberg. “Maar opeens vond ik nieuwe, onbekende namen van mensen die verder terug gingen, dat deed me echt wat, ja.”

Al zeker vijftien jaar zoekt Herrenberg, verkoopster in een kookboekwinkel in Tilburg, in archieven en op internet naar informatie over haar familie van vaders kant. Haar vader, geboren in 1911, kwam op zijn zeventiende uit Suriname naar Nederland. Haar moeder is geboren en getogen Nederlandse. “Mijn vader is in 1981 overleden en heeft jammer genoeg heel weinig verteld over zijn eigen voorgeschiedenis.”

Als kind hoorde ze over de slavernij via kranten en boeken. Ze stelde wel vragen aan haar vader, maar kreeg geen antwoorden. “Ik keek naar familiefoto’s uit Suriname, daar waren er een paar van. Eentje bijvoorbeeld van hoe ze ieder jaar samenkwamen als familie op de plantage Berg en Dal. Waarom vertelde hij daar niks over? Geen idee. Ik breek daar nog mijn hoofd over.”

Haar zoon Niels van Corven (27), geschiedenisleraar op een middelbare school in Brabant, deelt haar fascinatie voor de familiehistorie. Gezeten in zijn ouderlijk huis in Tilburg vouwt hij samen met zijn moeder de zelfgemaakte stamboom uit. Alle vertakkingen voerden vooralsnog terug tot één stammoeder, Appolonia, geboren in 1836. Dat weten ze al jaren, ze hebben dat via internetfora en archieven ontdekt. Herrenberg: “Zo lang geleden was die slavernij niet. Zij was de oma van mijn opa.”

Niels van Corven en zijn moeder op zoek naar hun familie geschiedenis in Suriname. Beeld Merlin Daleman

‘Mijn hart sloeg over’

Vorige week kwam daar opeens nieuwe informatie bij. Van Corven pakt zijn tablet. Hij gaat naar de website van het Nationaal Archief in Den Haag en klikt op ‘slavenregister’. Van Corven: “Wat je hier nu aantreft, is een soort inschrijving van het bezit van alle eigenaren. Een van de gegevens die standaard ingevuld is, is de naam van de moeder van de slaaf. Geregeld lees je daar  ‘onbekend’. De vader werd nooit vermeld, dat was best vaak de eigenaar zelf, of zijn zoon ofzo, maar slaven werden niet als mens gezien dus dat vaderschap telde niet mee.”

Van Corven vindt in het register een Appolonia met de juiste geboortedatum. Dat moet de stammoeder van de Herrenbergs zijn, dachten zij tot nog toe. Maar bij haar inschrijvingsgegevens staat, tot zijn vreugde, óók de naam van de moeder: ­Petronella. Hij laat de scan van de handgeschreven inschrijving met haar naam zien. “Dat was echt een nieuwe vondst, ongelooflijk. “

Hij zocht na zijn ontdekking snel contact met zijn moeder. Zij vertelt: “Heel toevallig appte hij mij, toen ik Petronella net zelf gevonden had. Ik wist ook niet wat ik zag, mijn hart sloeg over.” En van Petronella gaat het nog verder, want ook háár moeder is vermeld: Rebekka.

Herrenberg: “We zijn nu in een klap twee generaties verder. Al stopt het bij Rebekka en is verder niets meer te vinden.” Deze nieuwe stammoeder Rebekka, vermoedt Van Corven, is vanuit Afrika met de slavenhandel in Suriname beland. Maar daar heeft hij geen bewijzen voor.

Er is nog altijd veel onbekend, erkennen Herrenberg en Van Corven. Herrenberg: “We weten ook niets over het leven dat zij geleid hebben. Slaven werden als werkezels behandeld, niet als mensen. Ze woonden in hutjes, heel arm. Maar specifieke info over onze familieleden hebben we niet.”

Moeder en zoon hopen daarom nog een keer naar het archief van Paramaribo te kunnen gaan. Van Corven: “Wie weet ligt daar nog een briefje, een dagboekje van een van mijn voorouders. De kans is klein, maar je weet het nooit.”

Duizenden vellen papier digitaal

Slaveneigenaren in Suriname hielden van 1830 tot de afschaffing van de slavernij in 1863 boeken bij waarin ze aan- en verkoop van hun slaven vermeldden. Die duizenden handgeschreven vellen papier zijn bewaard, maar waren voor het publiek tot vorige week bijna onbruikbaar. Honderden vrijwilligers maakten de afgelopen jaren, onder leiding van de universiteit van Paramaribo en Nijmegen, deze boeken toegankelijk voor internetgebruikers. Via de website van het Nationaal Archief zijn ze nu met eenvoudige zoektermen in te zien.

Lees ook:

‘Boekhouding’ van Surinaamse slaven staat nu geheel online

Iedereen die een of meerdere voorouders heeft die tot slaaf gemaakt waren op een Surinaamse plantage na 1830, kan sinds donderdag online informatie vinden over die familieleden. De Surinaamse slavenregisters zijn te raadplegen via de nationale archieven van Nederland en Suriname.

Vrijwilligers helpen met het digitaliseren van de slavernij-archieven

Zevenhonderd vrijwilligers zijn begonnen met het uittypen van de Surinaamse slaven-registers. De negentiende-eeuwse hanenpoten ontcijferen is ‘monnikenwerk’ en roept veel emotie op.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden