ReportageSpoedeisende hulp

Op de spoedeisende hulp blijft het druk: ‘Ik ga ook graag weer shoppen, maar het is echt nog niet voorbij’

Een ochtend op de spoedeisende hulp in Venlo, ziekenhuis VieCuri, waar naast reguliere zorg ook Covid-19-patienten worden geholpen.Beeld Joris van Gennip

Van een ochtend zonder coronapatiënten tot elf tegelijk. Op de spoedeisende hulp in Venlo blijft het aanpoten. 

“Hans! Welke kamer mogen wij zo naartoe?”, roept Mariëlle Wijnen (48). De verpleegkundige vliegt in stevige looppas voorbij, trekt een geel schort van een kar en knoopt deze vakkundig om. Handschoenen gaan aan en een spatbril voor, een gezichtsmasker draagt ze al. Ambulancemedewerkers Susanne Laumer en Jelle Vollenberg rijden een coronapatiënt op een brancard naar binnen. “Kamer acht!”, roept Hans Vissers (30). De sluisdeur zwenkt open, de brancard gaat naar binnen en de deur klapt dicht.

“Zo gaat dat hier”, zegt Vissers met een knipoog. Het ene moment zitten collega’s stil en even later is iedereen in beweging. De verpleegkundige draagt om zijn nek een rood touwtje. Dat betekent dat hij deze ochtend coördineert op de spoedeisende hulp van VieCuri Medisch Centrum in Venlo. “Net op het moment dat je denkt: het is rustig, ik ga even bij een patiënt kijken, kunnen er drie collega’s bij je staan met een vraag terwijl de telefoon afgaat.”

De spoedeisende hulp is een afdeling in de zorg waar alles samenkomt. Van mensen in de kreukels na een auto-ongeluk, iemand met een hartinfarct of een patiënt met een ontstoken blinde darm. Er zijn kamers om acute zorg te verlenen of te gipsen en een arts beoordeelt of een vervolgopname in het ziekenhuis nodig is of dat iemand naar huis kan.

Gepokt en gemazeld

En dan is er Covid-19. Noord-Limburg werd tijdens de eerste coronagolf overspoeld door het virus, dus VieCuri ook. In deze tweede golf ligt het aantal Covid-opnames lager, maar de reguliere zorg gaat door. Het is daardoor gevoelsmatig net zo druk, vertelt verpleegkundige Wijnen als er tijd is voor een praatje. “Neem maandagavond, toen werkte ik ook. We hadden elf Covid-opnames en daarmee alle kamers bezet. Er moest iemand in de ambulance worden verpleegd terwijl wij probeerden plek te maken.”

Wijnen is gepokt en gemazeld. Ze werkt zestien jaar op deze spoedeisende hulp. Het hectische van de afdeling boeit haar, dat ze ’s morgens nooit weet hoe haar dag eruitziet. Toch trekt de coronazorg een zware wissel, vindt ze. “Niet alleen omdat het zo druk is”, zegt Wijnen. “Het zwaarst blijft het afscheid dat de patiënt moet nemen met het familielid dat mee mag op de spoed. Dan moet er iemand doodziek naar de intensive care en sta ik er bijna onzichtbaar in pak naast. Na zo’n moment zeg ik weleens tegen de coördinator: doe mij hierna maar even een gewone patiënt. Een klein trauma of zo.”

Nathalie Peters is medisch leider op de spoedeisende hulp van VieCuri Medisch Centrum in Venlo. Ze mist een landelijke visie op de acute zorg in coronatijd.

Hoe handhaaf je de eerste hulp in een ziekenhuis na een incident of in een crisissituatie? De vraag is Nathalie Peters (45) op het lijf geschreven. De medisch leider en arts van de spoedeisende hulp (SEH) van VieCuri Medisch Centrum in Venlo publiceerde met een collega een wetenschappelijk artikel over acute zorg na een incident. De aanleiding: op haar eigen spoedafdeling stortte in 2017 het plafond in. Er raakte niemand gewond.

Wat is jullie oplossing tijdens deze crisis?

“Toen het plafond naar beneden kwam, werd de aangrenzende acute-opnameafdeling (AOA) ingericht als noodopvangplek voor de spoedeisende hulp. Dat hebben we nu weer gedaan. Tijdens de eerste coronagolf is de AOA helemaal gesloten en als extra spoedeisende hulp ingezet. De elf behandelplekken van de SEH worden dan uitgebreid met acht extra plekken op de AOA.”

Is de nood net zo hoog als in maart en april?

“Qua Covid-patiënten zien we nu niet de aantallen uit de eerste golf. Maar dat de besmettingen dalen wil niet zeggen dat het aantal patiënten ook al daalt. En we hebben afgesproken dat de reguliere zorg nu doorgaat. Dat zien we met name terug in de kliniek, maar ook op de SEH.”

In bijvoorbeeld Zuid-Holland sloten sommige spoedposten tijdelijk hun deuren voor patiënten vanwege de drukte. Daar bent u kritisch op.

“Alle ziekenhuizen en andere hulpdiensten zoals ambulancezorg en huisartsen vormen een ketting. Dan kan niet één schakel zeggen: hier is even niemand welkom. Als dan iemand 112 belt, heb je een probleem en raakt de ambulancedienst overbelast. In het noorden van Limburg zijn drie ziekenhuizen (landelijk negentig, red.) waarvan wij de grootste zijn. Het volgende ziekenhuis is minimaal 30 minuten rijden. Je wilt niet dat de behandeling van een patiënt vertraging oploopt.”

Waar gaat het dan mis?

“Ik vind het raar dat we tijdens deze tweede coronagolf wel landelijke plannen hebben voor de intensive care en ziekenhuisopnames, maar dat er niets is bedacht voor de acute zorg. Iedere spoedeisende hulp doet het op zijn manier en dit wordt niet meegewogen in het coronabeleid. Ik denk dat we meer als keten moeten denken zodat er geen SEH overbelast kan raken.”

De acute zorg mist een Diederik Gommers die op tv en in de Kamer de belangen voor de eerste hulp behartigt?

“Misschien wel. Maar we zijn nog niet te laat. We moeten rekening houden met een derde golf en het is hoe dan ook niet erg om als landelijke SEH beter bedacht te zijn op rampen, incidenten of een crisis. Er komt geheid nog eens een situatie zoals deze.”

Niet te vroeg rijk moeten rekenen

Om tijdens deze golf alle acute patiënten te kunnen helpen, Covid-19 of niet, maakt VieCuri slim gebruik van de afdeling naast de spoedeisende hulp: de acute-opnameafdeling (AOA). Maandag en vrijdag zijn voor de spoedeisende hulp vaak drukke dagen. Dan wordt een deel van de AOA tijdelijk een spoedeisende hulp.

Dat ze de hulp van de AOA nog nodig hebben, laat volgens Wijnen zien dat we ons in Nederland niet te vroeg rijk moeten rekenen nu de cijfers dalen. “Als ik die illegale feestjes zie, denk ik: potverdorie jongens, houd even vol. Ik snap dat het lastig is, ik ga ook graag weer shoppen, maar het is echt nog niet voorbij.”

Daarom is Wijnen blij dat het kabinet dit jaar het afsteken van vuurwerk wil verbieden. “Dat kan het verschil maken”, zegt ze. “Oud en Nieuw is een van de drukste avonden op de spoed. Dan werken er een extra arts, assistent en verpleegkundige. Maar het is niet alleen vuurwerk. Ook door drank en vechtpartijen komen hier patiënten. De vraag is of de horeca dichtblijft met Oud en Nieuw.”

Geintje

Gelukkig wisselen zulke drukke avonden zich af met rustige ochtenden, zoals deze dinsdag, waarop Wijnen tussendoor de tijd heeft om een stagiaire te begeleiden en te werken aan haar onderzoek naar handhygiëne op de afdeling. En er is tijd om ambulancebroeder Vollenberg (25) voor de gek te houden. “Wat maak je die brancard mooi schoon”, zegt coördinator Vissers. “We zien dat je een mooie techniek hebt ontwikkeld.” Wijnen hoort het geintje niet. Ze helpt in kamer acht de patiënt met corona.

Lees ook: 

Snapt u alle vlekken op de coronakaarten nog? Er zit wel degelijk systeem in

Er zit systeem in de kaarten met coronabesmettingen. Gedrag is een belangrijke factor. Maar ook het toeval speelt een grote rol.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden