Slavernij Utrecht

Onderzoek toont aan: ook Utrecht verdiende dik aan slavernij

Burgemeester Sharon Dijksma, Nancy Jouwe en wethouder Linda Voorman (Diversiteit) tijdens de presentatie van het boek Slavernij en de stad Utrecht. Beeld ANP
Burgemeester Sharon Dijksma, Nancy Jouwe en wethouder Linda Voorman (Diversiteit) tijdens de presentatie van het boek Slavernij en de stad Utrecht.Beeld ANP

Utrechtse bestuurders en zakenlieden hebben in de zeventiende en achttiende eeuw grootschalig geprofiteerd van slavenhandel en slavenarbeid.

Utrecht had meer te danken aan slavernij in de Nederlandse koloniën in de West en de Oost dan tot dusver werd vermoed. Dat blijkt uit een studie in opdracht van de gemeente, die woensdag is gepresenteerd aan wethouder Linda Voortman (GroenLinks) en burgemeester Sharon Dijksma.

Utrechters bekleedden in de zeventiende en achttiende eeuw namens het provinciebestuur bestuursfuncties in de Verenigde Oostindische Compagnie (VOC) en de West-Indische Compagnie (WIC). Utrecht zat indirect, via Amsterdam en Rotterdam, aan de bestuurstafel van deze handelsbedrijven, die honderdduizenden tot slaaf gemaakten uit Afrika en Azië verscheepten.

Zo'n 2800 Utrechters werkten bij de VOC

Een groot deel van de bestuurlijke elite van de stad, burgemeesters incluis, had directe belangen in de VOC en WIC, en in plantages in bijvoorbeeld Suriname. Utrechters waren ook opvallend vaak hoge koloniale ambtenaren. De VOC was een belangrijke werkgever: zo’n 2800 inwoners van de 30.000 inwoners tellende stad hebben in de achttiende eeuw bij de VOC gewerkt.

Dat alles staat beschreven in de bundel Slavernij en de stad Utrecht, waarin zo’n vijftien wetenschappers de banden van Utrecht met slavernij in kaart brengen.

Halsema maakt excuses, zo is de verwachting

Amsterdam en Rotterdam hebben een dergelijk onderzoek al eerder afgerond, in Den Haag staat eenzelfde onderzoek op stapel. De Utrechtse gemeenteraad stemde in 2019 voor zo’n onderzoek. Excuses maken voor het slavernijverleden werd daarbij expliciet als mogelijkheid genoemd.

“Maar zoiets moet je niet lichtvaardig doen”, zegt wethouder Linda Voortman. “In het najaar hopen we daarover samen met de gemeenteraad een knoop door te hakken.” Burgemeester Halsema van Amsterdam zal morgen tijdens de Keti Koti-herdenking excuses maken voor de Amsterdamse betrokkenheid bij slavenhandel, zo is de verwachting.

Historici moesten 'praktisch bij nul beginnen’

Utrecht zal het niet bij het onderzoek alleen laten. “Ik zie het als een begin om de bewustwording over dit thema te vergroten en ervoor te zorgen dat dit ingebed raakt in onze stadsgeschiedenis. Hier móet een vervolg op komen”, zegt Voortman. De wethouder denkt aan discussiebijeenkomsten en een podcast van het onderzoek. “Maar dat moeten we nog verder uitwerken.”

Ook de wetenschappers benadrukken dat hun gebundelde stukken een startpunt vormen waarop anderen kunnen voortborduren. “We moesten praktisch bij nul beginnen”, vertelt Nancy Jouwe, cultuurhistoricus en redacteur van de bundel Slavernij en de stad Utrecht. “Er zijn veel historici die dol zijn op de Utrechtse stadsgeschiedenis, maar dit onderdeel hebben ze overgeslagen. Wij moesten heel veel primair bronnenonderzoek doen, zoals in notariële akten, en dat vergt veel tijd.”

Straatnaambordjes uitbreiden

Wethouder Voortman denkt niet dat het onderzoek moet uitmonden in het weghalen van straatnaambordjes of monumenten. Eerder denkt ze aan het toevoegen van informatie, zoals dat al gebeurde bij een omstreden personage als VOC-directeur generaal J.P. Coen. Utrecht verwacht in 2023 een eigen slavernijmonument te hebben.

Voortman: “De geschiedenis wordt steeds rijker, de onderzoekers hebben daar weer nieuwe bladzijden aan toegevoegd. We moeten niet de geschiedenis gaan herschrijven of wegpoetsen, maar een eerlijker en vollediger beeld geven van de personen in hun historische context.”

Lees ook:

Utrecht onderzoekt eigen slavernijverleden

Op het moment dat de afschaffing van de slavernij herdacht wordt, presenteert de gemeente Utrecht een boek over de slavernijgeschiedenis. “Dit is een beginpunt, geen eindpunt.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden