Woningnood

Ondanks beloftes van een warm welkom, wachten veel geëvacueerde Afghanen nog altijd op een woning

Afghaanse kinderen spelen in de noodopvang bij Enschede. Zestien geëvacueerde gezinnen verblijven hier nog.  Beeld Koen Verheijden
Afghaanse kinderen spelen in de noodopvang bij Enschede. Zestien geëvacueerde gezinnen verblijven hier nog.Beeld Koen Verheijden

Sinds de zomer heeft Nederland ruim 3000 Afghanen uit Kaboel geëvacueerd, die gevaar liepen vanwege hun werk voor en met Nederlanders. Een groot aantal zit nog steeds in de noodopvang.

Petra Vissers en Tim van Der Pal

Nadat de Taliban aan de macht waren gekomen in Afghanistan, evacueerde Nederland in augustus ruim 2000 Afghanen die werkten voor- of met Nederlanders. In de maanden na de val van Kaboel werden nog circa 1000 mensen via landen in de regio naar Nederland overgebracht. Een klein deel van hen had niet de Afghaanse nationaliteit.

De ruim 3000 geëvacueerden kregen weliswaar snel een verblijfsvergunning, maar het overgrote deel van deze evacués wacht nog op een woning, zo blijkt uit cijfers die Trouw opvroeg bij het Centraal orgaan opvang asielzoekers (Coa).

Nog altijd op noodlocaties

Van de grofweg 2200 evacués die al een verblijfsvergunning hadden, hebben er nu 202 een huis. De rest verblijft over het algemeen in reguliere asielzoekerscentra, maar ruim 550 mensen zitten nog altijd op noodopvanglocaties. Daar zijn de voorzieningen sober. Het is ook lastiger voor de kinderen om naar school te gaan en voor de volwassenen om te beginnen met hun inburgering.

Nadat een vluchteling een verblijfsvergunning heeft gekregen heeft het Coa twee weken de tijd om zo’n statushouder aan een gemeente te koppelen. De gemeente is vervolgens verantwoordelijk voor het vinden van een woning. Gemeenten hebben officieel tien weken de tijd om met een woningaanbod te komen. Maar de krapte op de woningmarkt leidt er in de praktijk toe dat die termijn vaak overschreden wordt: een op de drie van alle asielzoekers die nog in een Coa-opvang verblijven, heeft al een verblijfsvergunning.

Voor de geëvacueerde Afghanen geldt dus dat zij in totaal niet langer dan twaalf weken moeten hoeven wachten op een woningaanbod. Het Coa weet niet of dat voor iedereen is gelukt. Het is echter wel waarschijnlijk dat dit een groot deel is. De ruim 2000 Afghanen die in augustus werden geëvacueerd, kregen immers in het najaar hun verblijfsvergunning al.

Voorrang in de asielketen

Toch staat de ontvangst van de groep als geheel in schril contrast met de intentie van de Tweede Kamer. Die riep het kabinet in oktober op de Afghanen een warm welkom te geven. Veel Nederlanders hadden dat ook gewild: uit een peiling van Ipsos en Nieuwsuur in augustus bleek dat 41 procent vond dat Afghaanse evacués voorrang moesten krijgen in de asielketen.

“Dit is verschrikkelijk, een ijzig kille ontvangst”, zegt Tweede Kamerlid Kati Piri (PvdA), die de motie indiende. Ze wijst erop dat de evacués in veel gevallen in dienst waren van de Nederlandse overheid. Ze schaamt zich voor de manier waarop Nederland de Afghanen nu opvangt. “Dit zijn onze mensen, onze werknemers. Als Philips buitenlandse medewerkers naar Nederland haalt worden ze toch ook niet afgezet bij een AZC?”

Het lijkt haar redelijk dat Afghaanse evacués bij het zoeken naar huisvesting voorrang krijgen. “Het is moeilijk”, erkent ze ook, “want andere statushouders komen ook uit oorlogsgebieden. Maar deze groep Afghanen had überhaupt niet in die asielketen terecht mogen komen.”

Lees ook:

Afghaanse evacuees verontwaardigd over noodopvang: ‘Wij zijn geen gewone asielzoekers’

De Afghaanse evacuees die in de noodopvang in Enschede wonen zijn diep verontwaardigd over de manier waarop ze worden opgevangen. Deel 1 van een korte serie over hoe Nederland de Afghaanse evacuees verwelkomt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden