AnalyseCoronacrisis

Of ieders vrijheid terecht is beknot, weten we pas achteraf

Zijn de maatregelen die het kabinet nam tegen het coronavirus proportioneel? Dat is op dit moment nog gissen.

Binnen enkele minuten zagen Nederlanders maandagavond een aantal van hun fundamentele vrijheden van tafel geveegd. Met alle maatregelen om het nieuwe coronavirus het hoofd te bieden, staat het normaal zo vrije leven in Nederland flink op z’n kop. Om wat voorbeelden te noemen: onze vrijheid van vergadering en die van betoging zijn ingeperkt. Dat geldt ook voor de godsdienstvrijheid nu samenkomen in kerken, synagogen en moskeeën grotendeels verboden is. Gaat het kabinet te ver?

Het simpele antwoord op de vraag hoe ver een overheid mag gaan is: ver. Sterker nog, de overheid is verplicht om met maatregelen te komen om Nederlanders tegen het virus te beschermen. Dat heeft te maken met dat andere fundamentele recht: het recht op gezondheid. De overheid wordt geacht epidemieën zoveel mogelijk te voorkomen en moet het recht op een zo goed mogelijke gezondheid ‘van eenieder’ garanderen.

Onder het mom van die gezondheid

Dat betekent ook weer niet dat de mogelijkheden van de overheid onder het mom van die gezondheid ongebreideld zijn. De maatregelen moeten wel proportioneel zijn. Dat wil zeggen: het doel heiligt de middelen. En daar wordt de kwestie al een stuk ingewikkelder.

Want vraag je het mensenrechtendeskundigen, waaronder het College voor de Rechten van de Mens, dan zeggen die: de proportionaliteitsvraag van alle maatregelen kunnen we nu niet beoordelen. Daarvoor is er te veel niet bekend over het virus. Zo staat niet vast dat de maatregelen het gewenste effect hebben en is niet met zekerheid te zeggen wat er zou gebeuren als je mensen wel meer bewegingsvrijheid geeft. De proportionaliteitstoets is hooguit achteraf mogelijk, als dit allemaal achter de rug is en de balans kan worden opgemaakt.

Dus de verantwoordelijkheid om enkel proportionele maatregelen te nemen, ligt in handen van politici. Zij luisteren daarbij naar adviezen van het RIVM en het Outbreak Management Team. Daarin zitten vooral bestrijders van infectieziekten en artsen, geen gezondheidseconomen of sociologen. Hun uitdaging is namelijk om het virus onder controle te houden en ervoor te zorgen dat de IC’s niet overbelast raken. 

Maar om de proportionaliteitsvraag te beantwoorden, moet het kabinet breder kijken. Bijvoorbeeld naar de schaduwzijde van de maatregelen. De zelfstandigen die geen inkomen meer hebben, de ondernemers die net een eigen bedrijf zijn gestart en direct failliet gaan, medewerkers die worden ontslagen, ouderen en gehandicapten die geen contact meer hebben met hun naasten. Dit alles levert veel spanningen op die allerlei gezondheidsklachten kunnen veroorzaken en zelfs het leven kunnen verkorten. Daarnaast zijn er kinderen die thuis niet veilig zijn, is er risico op toenemend huiselijk geweld tussen partners en worden patiënten met andere ziektes nu niet geholpen, waardoor zij mogelijk levensjaren verliezen.

Niet wars van geluiden uit de samenleving

Zonder in de achterkamers te kunnen kijken, lijkt het kabinet in ieder geval niet wars van geluiden uit de samenleving over welke maatregel als toelaatbaar wordt gezien. Kijk naar het besluit de scholen te sluiten. Het RIVM achtte de bijdrage van scholen aan de verspreiding van het virus niet al te groot, terwijl sluiting veel ouders wel in de problemen zou brengen. Daarom konden de scholen open blijven, zei premier Mark Rutte. Direct ontstond grote maatschappelijke druk om de scholen te sluiten. Vooral de roep van medisch specialisten was nauwelijks te negeren. Wat de ene dag voor het kabinet nog buitenproportioneel was, bleek al snel wel acceptabel. Zo is het dus ook de samenleving die bepaalt welke maatregelen toelaatbaar zijn.

Je kunt verwachten dat je die samenleving ook hoort als iets overduidelijk disproportioneel is. Dat zie je bijvoorbeeld in het Verenigd Koninkrijk, waar een noodwet klaarligt waarmee de regering vanwege het coronovirus voor twee jaar flink wat fundamentele rechten opzijzet. Twee jaar is verre van proportioneel, waarschuwden verschillende mensenrechtenorganisaties in een open brief.

Zo hebben ook individuele burgers opties om in verzet te komen. Iedereen die vindt dat zijn of haar vrijheid te veel in het geding is door de maatregelen van de overheid kan naar de rechter stappen. Hoewel dat wel een kwestie van de lange adem zal zijn – zeker nu ook de rechtbanken door het virus vrijwel stil liggen.

Lees ook:

Voor een totale lockdown heb je geen noodtoestand nodig

Het is nog niet zover, maar het kan deze week wél gebeuren. Om het coronavirus te bedwingen zou het kabinet kunnen overgaan tot een totale lockdown. Hoort daar ook een noodtoestand bij? Adriaan Wierenga, specialist noodrecht, legt uit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden