Auto-immuunreactie

Nederland onderzoekt auto-immuunreactie na AstraZeneca-prik, VS doen hetzelfde bij Janssen

Een flacon met het Janssen-vaccin op een GGD-priklocatie. Het vaccin is vooral populair onder jongeren, omdat een enkele prik genoeg is. Het was de eerste keer dat mensen konden kiezen voor een bepaald coronavaccin.  Beeld ANP
Een flacon met het Janssen-vaccin op een GGD-priklocatie. Het vaccin is vooral populair onder jongeren, omdat een enkele prik genoeg is. Het was de eerste keer dat mensen konden kiezen voor een bepaald coronavaccin.Beeld ANP

Sinds maandag waarschuwt het Amerikaanse geneesmiddelenagentschap FDA voor een zeldzame auto-immuunrespons na een Janssen-vaccinatie. Het Nederlandse bijwerkingencentrum Lareb gaat die bijwerking juist onderzoeken na het ontvangen van het AstraZeneca-vaccin.

Het is een uiterst zeldzame bijwerking, waar het Amerikaanse geneesmiddelagentschap FDA sinds maandag voor waarschuwt. Bij zo’n 100 mensen veroorzaakte het Janssen-vaccin mogelijk het Guillain-Barré syndroom, op een totaal van 12,8 miljoen Amerikanen die de prik kregen.

Maar de bijwerkingen zijn ernstig: het Guillain-Barré syndroom wekt een auto-immuunrespons op die het zenuwstelsel van de ontvanger aantast. Dat kan tot plotse spierverlamming leiden in de armen en benen, en tot spraakgebrek en moeite met slikken. En hoewel de kans op die aandoening zeer klein is, lijkt de kans wel drie tot vijf keer zo groot bij ontvangers van het Janssen-vaccin, waarschuwt het Amerikaanse agentschap, vooral bij mannen ouder dan vijftig. De FDA heeft de waarschuwing toegevoegd aan een factsheet over het vaccin voor patiënten.

Twee keer gemeld

Ook in Nederland is de bijwerking de afgelopen tijd twee keer gemeld bij bijwerkingencentrum Lareb na een Janssen-vaccin, meldt directeur Agnes Kant. “Maar na het AstraZeneca-vaccin is de bijwerking wel elf keer gemeld, een stuk vaker dus.” Dat hogere aantal komt ook omdat met AstraZeneca in Nederland een stuk meer is geprikt dan Janssen, nuanceert ze: volgens schattingen van het RIVM respectievelijk zo'n drie miljoen versus ruim 700.000 prikken. Beide zijn vectorvaccins en hebben een vergelijkbare werking. In de Verenigde Staten wordt niet geprikt met AstraZeneca, omdat de FDA het vaccin nog niet heeft goedgekeurd.

Lareb gaat de kans op het Guillain-Barré syndroom nu verder onderzoeken. Dat doet het centrum in samenwerking met het Erasmus MC. “Binnen nu en een paar weken komen we met een advies.” Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) zal dat advies vervolgens beoordelen.

Dat deze bijwerkingen nu ook in Nederland opduiken, noemt Kant “niet onverwacht”, hoewel het aantal meldingen volgens haar wel bijzonder genoeg is om er beter naar te kijken met deskundigen. “Omdat we nu zoveel mensen vaccineren, zullen zeldzame bijwerkingen eerder bij ons worden gemeld. Ze staan op ons vizier”.

Lichaam valt zichzelf aan

Ook Marjolein van Egmond, hoogleraar immunologie aan het Amsterdam UMC, noemt het “te verwachten” dat een zeldzame bijwerking opduikt als een vaccin grootschalig wordt ingezet. “Wélke bijwerking, dat kun je niet voorspellen. Maar we weten wel: het gaat soms mis, omdat een vaccin een infectie nabootst. Dan kan een auto-immuunrespons ontstaan, waarbij het lichaam zichzelf aanvalt.”

Van Egmond noemt de bijwerking vergelijkbaar met het risico op trombose, dat ook speelt bij AstraZeneca en Janssen. “In beide gevallen krijgt het afweersysteem een instructie en raakt het in de war. In het geval van trombose worden bloedplaatjes aangevallen, bij het Guillain-Barré syndroom gaat het om je zenuwstelsel. Het is in dezelfde categorie en vergelijkbaar zeldzaam.”

Bekende bijwerking

Het is al langer bekend dat sommige griepvaccins het Guillain-Barré syndroom kunnen opwekken, hoewel de kans erg klein is. Zo werd het verband ook al gelegd bij het vaccin tegen de varkensgriep in 1976 en het Nederlandse griepvaccin in 2009. Die vaccins worden nu niet meer gebruikt. Ook waarschuwde de FDA eerder dat het GlaxoSmithKline-vaccin tegen gordelroos, Shingrix, het risico zou kunnen vergroten.

Waarom het vaccin bij de ene persoon wél een auto-immuunrespons oproept en bij de andere niet, is onduidelijk, zegt Van Egmond. "Het ontdekken van de gemene deler is lastig, omdat de bijwerking bij zo weinig mensen speelt. Toen bij een vaccin tegen de Mexicaanse griep narcolepsie ontstond, is wel een poging gedaan, maar daar is nooit echt een bevredigend antwoord op gekomen.” Waarom de bijwerking vooral bij vectorvaccins speelt, is volgens Van Egmond ook nog onduidelijk.

Tegelijkertijd blijkt uit eerder onderzoek dat de kans dat iemand het syndroom krijgt na vaccinatie, zelfs kleiner is dan wanneer iemand een griepinfectie oploopt. De Amerikaanse gezondheidsorganisatie CDC adviseert daarom het vaccin te blijven nemen. Het RIVM kijkt nog naar het advies.

In de VS is één melding van overlijden bekend door het syndroom na het ontvangen van een Janssen-vaccin, een 57-jarige man uit Delaware, meldt de New York Times. Wel had hij het afgelopen vier jaar een hartaanval en een beroerte gehad, waardoor onbekend is wat zijn dood precies veroorzaakte. In Nederland zijn zover bekend geen overlijdensgevallen door het vaccin gemeld.

Lees ook:

Kiezen voor een prik met Janssen, hoe verstandig is dat?

Jongvolwassenen staan voor de keuze: Janssen, of Pfizer of Moderna. Vooral jonge vrouwen lopen bij Janssen een hoger risico, zo waarschuwen de Amerikanen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden