Testbeleid coronavirus

Nederland gaat meer testen, maar is dat niet veel te laat? Vijf vragen en antwoorden

Materiaal om te testen op infectieziekten in het laboratorium van Microvida in het Bravis ziekenhuis. In het laboratorium wordt getest op het coronavirus.Beeld ANP

Het kabinet wil halverwege april naar 17.500 coronatests per dag. Vijf vragen over het veranderde testbeleid.

Wat verandert er de komende tijd op testgebied?

De capaciteit van het aantal coronatests wordt flink opgeschroefd. Momenteel voeren GGD’s en ziekenhuizen zo’n 4000 tests per dag uit, vaak twee per mogelijke patiënt. Dat moeten er halverwege april 17.500 per dag worden, een ruime verviervoudiging van de huidige capaciteit. Als het nodig is kunnen laboratoria er nog een stevige schep bovenop doen en 29.000 tests per dag uitvoeren, maar dat kan alleen als er dag en nacht wordt doorgewerkt en er voldoende voorraden van testmaterialen zijn, zoals de vloeistoffen die worden gebruikt bij het testen maar ook kweekstokjes (om door de keel te halen) en plastic hoesjes.

Wie worden er straks allemaal getest?

Het uitgangspunt van het RIVM is nu: alleen testen als het echt nodig is. Dus mensen met zware ziekteverschijnselen worden getest, net als kwetsbare groepen zoals kankerpatiënten en een klein deel van het zorgpersoneel onder wie artsen en verpleegkundigen die op een intensive care werken en klachten hebben. Straks is het advies om alle zorgmedewerkers die in contact komen met patiënten of cliënten te testen als ze klachten hebben. Dus naast ziekenhuispersoneel ook mensen die werken in de ggz, thuiszorg, huisartsenpraktijken, gehandicaptenzorg, jeugdzorg en verpleeghuizen. En ook mensen die mogelijk besmet zijn kunnen sneller getest worden. Huisartsen geven nu het advies om in thuisquarantaine te gaan als iemand zich meldt met klachten. Als het nodig is kan diegene straks ook worden getest.

Waarom gaan we nu pas zoveel testen?

Dat vraagt de Wereldgezondheidsorganisatie zich al weken af. Het wereldwijde advies is namelijk: testen, testen, testen, en Nederland werd al aangesproken op de afwijkende aanpak. Maar volgens het RIVM en het kabinet kon er niet meer worden getest vanwege capaciteitsgebrek. De afgelopen dagen is er hard gewerkt om daar iets aan te veranderen. Dat gebeurde onder leiding van Feike Sijbesma, voormalig president-directeur van biochemie-concern DSM, die is aangesteld als speciaal gezant voor de coronacrisis. Zijn eerste taak: testcapaciteit uitbreiden. Daar lijkt hij in geslaagd. 

De oplossing die nu is gevonden ligt in het opschalen van alle laboratoria in Nederland. Het aantal testlabs gaat van 15 naar 41, het RIVM heeft ze allemaal al gecontroleerd. Zo gaan medisch-microbiologische labs in ziekenhuizen vanaf nu volle bak produceren. Omdat bevolkingsonderzoeken naar kanker tijdelijk zijn gestopt komt ook daar labcapaciteit vrij. Bloedbank Sanquin maakt ruimte vrij voor coronatesten en laboratoria voor dierziekten in Wageningen en Deventer gaan meehelpen.

Komt dit testbeleid niet veel te laat?

Eigenlijk wel. De vraag is of deze maatregelen niet veel eerder konden worden doorgevoerd. Voor de uitbraak van het nieuwe coronavirus in China moeten we terug naar januari en in februari werd de eerste Nederlandse coronabesmetting gesignaleerd. Alex Friedrich, arts-microbioloog van het UMC Groningen, is kritisch. “Dit beleid had het kabinet in maart al kunnen uitrollen. Misschien nog wel eerder, maar tot twee weken geleden werd testen volgens mij niet zo belangrijk gevonden. Het is natuurlijk gek dat we nu pas op gang komen en alles uit de kast trekken.”

Friedrich kwam vorige week in het nieuws omdat hij als hoofd van de afdeling Medische Microbiologie en Infectiepreventie in het UMCG afweek van het RIVM-testbeleid en besloot om al het ziekenhuispersoneel en huisgenoten van hen te blijven testen bij de minste of geringste klachten. Ook andere ziekenhuizen konden in Groningen aankloppen, zo voerde het UMCG onder meer tweehonderd testen uit voor het ziekenhuis in Nijmegen.

Waarom is testen zo belangrijk?

Minister van volksgezondheid Hugo de Jonge zei dinsdag: “Om veilig te kunnen werken en kwetsbare personen te beschermen is het belangrijk dat we al het zorgpersoneel kunnen testen bij klachten”. Dat is een heel ander uitgangspunt dan het tot nu toe gevoerde beleid, maar microbioloog Friedrich is blij dat de landelijke aanpak nu verandert. “Testen is niet alleen interessant voor de statistieken; nee, het is belangrijk om de epidemie optimaal en regionaal te remmen. We zien dat de verspreiding van het coronavirus veel sneller gaat binnen zorginstellingen. Door volop te testen voorkomen we voor zover mogelijk dat personeel en patiënten andere mensen besmetten.”

Lees ook:

Het gaat de goede kant op, zegt de RIVM-baas: de besmettingsgraad daalt

Hou vol, zei RIVM-baas Jaap van Dissel woensdag tijdens de hoorzitting in de Tweede Kamer. Het gaat de goede kant op, de eerste groene grassprietjes van vorig week hebben gezelschap gekregen van nieuwe sprietjes, maar we zijn er nog lang niet, zo was zijn boodschap.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden