InterviewToeslagenaffaire

Na schulden van zijn moeder werd Rynaldo uit huis geplaatst. Nu blikt hij terug

Rynaldo werd als zesjarige uit huis geplaatst. Nu wil hij zijn broertjes en zusjes helpen. Beeld Patrick Post
Rynaldo werd als zesjarige uit huis geplaatst. Nu wil hij zijn broertjes en zusjes helpen.Beeld Patrick Post

Het onderzoek naar de uit huis geplaatste kinderen van gedupeerden van de toeslagenaffaire gaat nog een jaar duren. Rynaldo is een van de kinderen die het overkwam. Inmiddels is hij achttien en wil hij zijn broertjes en zusjes helpen.

Laura van Baars en Kristel van Teeffelen

Hij herinnert zich een ziekenhuisbed waarin hij met een koptelefoon op filmpjes ligt te kijken. En er was iets met kakkerlakken. Rynaldo was destijds een jaar of zes. Het zijn de laatste herinneringen aan de weken dat hij, zijn hoogzwangere moeder Karin, zijn broertje en drie zusjes, bij elkaar waren. Binnen enkele weken na de bevalling werden de vijf kinderen uit huis geplaatst.

Ongekend harde optreden Belastingdienst

Rynaldo’s moeder, Karin van Opstal, is een van de gedupeerden in de kinderopvangtoeslagenaffaire. Vorige week maakte minister Sander Dekker voor rechtsbescherming bekend dat het onderzoek naar gezinnen die in de problemen kwamen door het ongekend harde optreden van de Belastingdienst en daarnaast ook te maken kregen met jeugdzorg, nog een jaar gaat duren. Voor veel ouders komt dat te laat.

Terwijl Van Opstal een hbo-opleiding deed, gingen Rynaldo en zijn oudste zusje naar de opvang. Karin zat in een gewelddadige relatie met de vader van haar kinderen, en verbrak die. Ze kwam op de fraudelijst van de Belastingdienst terecht, bouwde een schuld op bij de fiscus en raakte haar huis kwijt.

Ze redde het door met haar vier kinderen her en der te logeren. “We sliepen bij een vriendin die nogal een kakkerlakkenprobleem had. En dat ziekenhuisbed was toen we een week met z’n allen in het ziekenhuis verbleven nadat ik net was bevallen.” Dat Van Opstal geen adres kon doorgeven aan de kraamhulp, was aanleiding voor de melding bij jeugdzorg, die uiteindelijk leidde tot het uiteenvallen van het gezin.

Boomhut in het bos

Rynaldo is nu achttien jaar en blikt terug. Zijn moeder zit naast hem op de bank in een flat in Purmerend. Oude foto’s van Rynaldo’s broers en zusjes sieren de muren. Soms vult Van Opstal zijn verhaal aan. Rynaldo kwam na de uithuisplaatsing in zijn eerste pleeggezin terecht, waar hij zich niet thuis voelde. Het tweede pleeggezin, ook een crisisgezin, was een stuk beter. “Ze hadden meerdere zonen, ook van mijn leeftijd. Ik had veel vrienden in de straat, waarmee ik altijd ging voetballen.” Omdat het zo goed ging, mocht hij in plaats van een half jaar, anderhalf jaar blijven. Maar in een crisisgezin moet je uiteindelijk altijd weer weg.

Op negenjarige leeftijd kwam hij terecht in een jeugdinstelling in Oostvoorne. Hoewel hij tegenover de leiding in zijn schulp kroop, bewaart hij aan de jeugdinstelling best goed herinneringen. Ja, er waren veel regels, alles werd er voor je bepaald. Maar fijn waren het grote voetbalveld, de boomhut in het bos, zijn groepsgenoten. “Ik ben een sociale jongen, ik maak snel vrienden.”

Het ergste in die jaren daar, zegt Rynaldo, was dat zijn groepsgenoten in de jeugdinstelling telefoontjes en bezoeken kregen, maar hij nooit. Zij mochten in het weekend weg, terwijl hij bleef. “Ik kreeg allerlei verhalen te horen over mijn moeder. Dat ze te jong was, geen geld had en niet voor mij kon zorgen. Op een gegeven moment ga je je ervoor afsluiten. Ik dacht toen dat dit mijn leven was, dat ik alles zelf zou moeten regelen.” Karin zegt dat ze van jeugdzorg kreeg te horen dat ze beter geen contact met haar kinderen kon opnemen.

Rynaldo werd als zesjarige uit huis geplaatst. Nu wil hij zijn broertjes en zusjes helpen. Beeld Patrick Post
Rynaldo werd als zesjarige uit huis geplaatst. Nu wil hij zijn broertjes en zusjes helpen.Beeld Patrick Post

Puzzelstukken vallen in elkaar

Nu Rynaldo achttien is, praat hij veel met zijn moeder over vroeger en vallen de puzzelstukken in elkaar. Op zijn veertiende werd de instelling in Oostvoorne plotseling gesloten. Toen rees de vraag of hij toch niet weer kon terugkeren bij zijn moeder, die inmiddels met een nieuwe partner twee kinderen had. Het ouderlijk gezag kreeg Karin niet terug, maar ineens kon Rynaldo, na negen jaar, weer thuis komen wonen.

De familie had elkaar na de uithuisplaatsing alleen sporadisch gezien, tijdens de ‘brusjesdagen’. Op zulke dagen gingen de broers en zusjes wat leuks doen met de pleeggezinnen en hun moeder. De twee oudste zussen zaten afzonderlijk bij een pleeggezin, de jongste twee bij elkaar in een derde gezin. Eerst waren de dagen eens in de zes weken, maar dat nam af tot een keer per half jaar tot helemaal niet meer, zegt Rynaldo. Voor hem waren deze dagen ontzettend belangrijk. Voor Karin waren ze – door de armoede waarin ze leefde – soms een vernedering. Bijvoorbeeld die keer dat ze gingen bowlen. “Ik had aangegeven dat ik geen geld had, maar toch kreeg ik aan het einde van de dag de rekening in mijn handen gedrukt. Waar mijn kinderen bij stonden.”

Zorgen over zus Misja

Hij heeft de meeste van zijn broertjes en zusjes al jaren niet gezien. Vooral over zijn zeventienjarige zusje – hij noemt haar bij haar koosnaam Misja – maakt hij zich zorgen. Later die middag gaat hij haar voor het eerst bezoeken in de gesloten instelling waar ze zit. Hij wil haar proberen thuis te krijgen voor ze achttien is. “Dan kan ze haar jeugd nog goed afsluiten.”

Maar hij weet ook: het zal niet gemakkelijk worden. Zijn eigen terugkeer ging niet vanzelf. De armoede was groot. “Ik weet nog dat de koelkast leeg was op wat sauzen na. Dus ik ging manieren bedenken om aan geld te komen.” Dat bracht hem even op het verkeerde pad.

Hoewel het nu goed gaat thuis, heeft hij de afgelopen vier jaar geen echte band met zijn moeder kunnen opbouwen. Contact met oudere mensen vindt hij sowieso lastig. “Dat waren de mentoren en begeleiding op de groep. Die vertelden je wat je moest doen.” Sinds hij met jeugdzorg te maken kreeg, zag hij zoveel voogden voorbijkomen. “Steeds opnieuw moest ik mijn verhaal vertellen en steeds zeiden ze dat ze me gingen helpen. Maar dan kwam er weer een andere voogd.” Nog steeds wil Rynaldo niet door zijn moeder geknuffeld worden. Het voelt niet prettig. Karin erkent: “Er is nog steeds een kloof tussen ons.”

Voetbal was uitlaatklep

Wat Rynaldo door zijn tijd in de jeugdzorg heeft gesleept, is voetbal. Het was een uitlaatklep. Een profcarrière is zijn droom, hij speelt nu als linksbuiten in het eerste van Zeeburgia. Volgend jaar wil hij starten met een sportopleiding. Dan wil hij ook graag een eigen huis. Ook beter voor de relatie met zijn moeder, verwacht hij.

Bovendien hoopt hij dat als hij plek maakt in de flat in Purmerend, een van zijn zusjes weer thuis kan komen wonen. Hij hoopt hen ervan te overtuigen om net als hij te strijden voor een betere toekomst. “Ik vind het een rotgevoel als er iets met mijn broers of zussen gebeurt en ik niets kan doen.”

Gezin Van Opstal vestigde blik op uithuisplaatsingen

Een column over toeslagenslachtoffer Karin van Opstal en haar vijf uit huis geplaatste kinderen door Harriët Duurvoort in de Volkskrant leidde afgelopen september tot Kamervragen. Was er een verband tussen de schulden en het harde inningsbeleid van de fiscus en uithuisplaatsingen van kinderen binnen deze gezinnen? Het CBS becijferde op verzoek van de Kamer dat binnen de gezinnen in de toeslagenaffaire sinds 2015 1115 kinderen uit huis geplaatst werden. De Kamer gaat ervan uit dat dit aantal in werkelijkheid veel groter is, aangezien er naar schatting 95.000 betrokken zijn bij het toeslagenschandaal. De kinderen Van Opstal zijn in de CBS-cijfers bijvoorbeeld nog niet meegenomen. Karin kwam in 2006 op de fraudelijst van de Belastingdienst, en raakte in 2009 haar huis en vervolgens haar kinderen kwijt. Het gezin was voor het dakloos werd niet bekend bij jeugdzorg.

Lees ook:

Ruim 1100 kinderen van gedupeerden toeslagenaffaire uit huis geplaatst

Het demissionair kabinet liet uitzoeken hoeveel kinderen van gedupeerden ouders in de toeslagenaffaire uit huis werden geplaatst. ‘Het leed dat ouders en kinderen hebben ervaren is onbeschrijfelijk.’

Toeslagenouders teleurgesteld over meldpunt uithuisplaatsingen. ‘We kunnen niet nog een jaar wachten’

Ouders van uit huis geplaatste kinderen die slachtoffer waren van de toeslagenaffaire, stuiten bij minister Dekker op een muur. Zijn hulp bij herstel van het contact is volgens hen te vrijblijvend.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden