ReportageSociale advocatuur

Na jarenlang bezuinigen krijgt de sociale advocatuur nu extra geld – maar of dat genoeg is?

Reinier Feiner, voorzitter van de Vereniging Sociale Advocatuur Nederland. Beeld Phil Nijhuis
Reinier Feiner, voorzitter van de Vereniging Sociale Advocatuur Nederland.Beeld Phil Nijhuis

Het kabinet trekt volgend jaar 154 miljoen euro extra uit voor de sociale advocatuur. Dat geld is hard nodig, weet sociaal advocaat Reinier Feiner, maar om het vertrouwen van de kwetsbaarsten in de rechtsstaat te herstellen, is veel meer nodig.

Terwijl advocaat Reinier Feiner de snelweg naar Rotterdam opdraait, buigt hij zich naar voren om zijn telefoon op te nemen, die in een standaard aan zijn dashboard staat. “Reinier”, klinkt het daaruit. “We zijn bang dat ze de kinderen bij ons weg zullen halen. Dat kunnen ze toch niet zomaar doen?”

De man aan de andere kant van de lijn heeft net zijn vriendin en kinderen uit een blijf-van-mijn-lijfhuis gehaald – ‘een beetje half-half’ in overleg met de hulpverleners. Nu wil Veilig Thuis langskomen, samen met iemand van Jeugdbescherming.

Mensen die geen advocaat kunnen betalen

Feiner is sociaal advocaat, gespecialiseerd in jeugdrecht. Hij staat mensen bij die geen advocaat kunnen betalen, of dat nou is in een conflict met Veilig Thuis, of in een strafzaak. Daarnaast is hij voorzitter van de Vereniging Sociale Advocatuur Nederland (VSAN), en dus de aangewezen persoon om te reageren op het kabinetsvoornemen om volgend jaar 154 miljoen extra uit te trekken voor dit soort sociale juridische hulp.

Maar het schema van de advocaat is vol en onvoorspelbaar. Dus is het beste moment om met hem te praten in de auto. Op weg van zijn huis in Leiden naar zijn kantoor in Rotterdam. Tussendoor pleegt hij een telefoontje dat niet kan wachten.

“Luister”, zegt hij tegen de man aan de telefoon. “Als ze zo komen, blijf dan vriendelijk. Zeg dat jullie in therapie willen. Ga niet zeggen dat er niets aan de hand is, oké? Ze gaat niet voor haar lol naar een blijf-van-mijn-lijfhuis. En als er iets geks gebeurt tijdens het gesprek, dan mag je mij bellen.”

Hoge werkdruk en lage beloning

Jarenlang werd er op de zogenoemde gefinancierde rechtsbijstand bezuinigd. En dus is het extra geld, dat ervoor moet zorgen dat sociaal advocaten een betere vergoeding krijgen voor hun werk, zeer welkom. “Ik kan goed van mijn werk leven hoor”, zegt Feiner. “Maar als je rechten gaat studeren verwacht je toch iets anders. De sector vergrijst. Elk jaar gaan honderden sociaal advocaten iets anders doen.”

Onderzoek in 2019 onder de beroepsgroep toonde aan dat twee derde van de sociaal advocaten overwoog te stoppen vanwege de hoge werkdruk en de lage beloning. Voor kantoorfaciliteiten schiet ook weinig geld over. Zelf is Feiner ook op zoek naar extra ondersteuning. Maar die blijkt lastig te vinden. Terwijl, zegt hij enigszins ten overvloede, er werk genoeg is.

Dat het demissionair kabinet nu, na lang tegenstribbelen, toch meer geld uittrekt voor de sociale advocatuur, ziet Feiner als een erkenning dat hun werk belangrijk is voor de rechtsstaat. Toch is hij allerminst gerustgesteld. Het demissionair kabinet bouwt het extra bedrag van 154 miljoen immers de komende jaren alweer af tot 64 miljoen in 2026. Dat kan, denkt demissionair minister voor rechtsbescherming Sander Dekker, omdat het kabinet ernaar streeft zoveel mogelijk zaken op andere manieren op te lossen, en ze niet tot aan de rechter te laten komen. Daarnaast wil hij dat commerciële advocatenbureaus gaan meebetalen aan de gefinancierde rechtsbijstand.

‘Mijn cliënten voelen het als ze bedonderd worden’

Feiner heeft geen vertrouwen in die strategie. Dekker houdt eraan vast dat een soort ‘voorselectie’ een goed idee is. Eerst naar een mediator, pas als dat niets oplost naar de rechter. “Maar uit geen enkel onderzoek blijkt dat dat werkt”, zegt Feiner. “Het zorgt er vooral voor dat de overheid meer en meer gaat besluiten wie er toegang krijgt tot een rechter. Minder, minder, minder rechtszaken leidt dan vooral tot minder, minder, minder vertrouwen in de rechtsstaat en de politiek.”

En dat dat vertrouwen al laag is, zeker bij de mensen die hij bijstaat, dat snapt hij maar al te goed goed. Als sociaal advocaat ziet hij de tweedeling in de maatschappij groter en groter worden. Maar aan een visie over hoe die ongelijkheid tegen te gaan, ontbreekt het volgens hem in Den Haag.

“De overheid is bezig brandjes te blussen. Voor de bühne komen ze met plannen. Maar dat vind ik het mooie aan mijn cliënten: of het nu psychiatrisch patiënten zijn, verdachten of kinderen: ze voelen het wanneer ze bedonderd worden. Dat is geen kwestie van IQ. Ze voelen het als ze geen eerlijke kans krijgen.”

Lees ook:

Sander Dekker, behendig minister van ‘gruwelijkheden’

Hij geldt als een lenig bestuurder. Maar wel met een politieke struikelsteen: zijn plannen voor de rechtsbijstand, die stuiten op veel verzet.

De sociale advocatuur is uitgehold, de behoefte eraan juist gegroeid: ‘De menselijke maat? Niet bij de IND’

De sociale advocatuur is uitgehold in twintig jaar tijd, zeggen de sociaal advocaten van AK Oost. Met kunst- en vliegwerk houden ze hun praktijk draaiende. En hun cliënten, die hebben het nog moeilijker. ‘Voor mensen aan de onderkant pakken bureaucratisering en juridisering dramatisch uit.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden