Financiële steun

Museum Rotterdam vreest sluiting door subsidiekorting. ‘Ze hebben zich niet verdiept’

De punter in Museum Rotterdam die in 1270 werd gebruikt om de dam in de Rotte te dichten.Beeld Otto Snoek

Kan een stad zonder stadsmuseum? In Rotterdam ligt die vraag op tafel nu er is geadviseerd om het lokale museum over de stad hard te korten op de subsidie.

Speurtochten, wandelingen, rondleidingen door conservatoren. Hugo Borst die voorleest over Sparta. Een workshop Surinaamse hoofddoek vouwen. Het Rotterdams Philharmonisch Orkest treedt op met spoken word artiest Y.M.P. Net nieuw in de collectie: een punter die rond 1270 is gebruikt om de dam in de Rotte te dichten.

Museum Rotterdam heeft alles uit de kast gehaald. De deuren staan deze week wagenwijd open in een ultieme poging van het stadsmuseum om zijn waarde te bewijzen. De Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) was in  juni meedogenloos: het ontbreekt Museum Rotterdam aan visie. Het museum en veroorzaakt geen reuring in de stad, oordeelde de adviesraad. Van de 3,4 miljoen die het museum dit jaar ontvangt, wil de RRKC voortaan nog maar 1,1 miljoen euro reserveren. Genoeg voor opslag van de collectie, te weinig voor een museum. 

Als de wethouder meegaat in het advies heeft Rotterdam straks geen museum meer over de eigen historie. Onvoorstelbaar, vindt directeur en stadshistoricus Paul van de Laar. “Bijna elke stad, hoe klein ook, heeft een museum waar je kunt reflecteren op het verleden. Wat voor stad ben je? Waar kom ik vandaan? Er moet een plek zijn waar dat verhaal verteld wordt.”

Een bom uit de Tweede Wereldoorlog in het Rotterdam Museum.Beeld Otto Snoek

Een stadsmuseum is geen zuiver educatieve plek om te leren over een afgeronde tijdsperiode, zegt Van de Laar. Zijn museum draait juist om het heden. “De stad van nu is het vertrekpunt. We verbinden het erfgoed met de mensen die er nu wonen.” Een voorbeeld: een binnenkort te verschijnen essaybundel over postkoloniaal Rotterdam. Ander voorbeeld: tentoonstelling Party People over uitgaanskleding en -cultuur. Gastcuratoren uit het Rotterdamse nachtleven verbouwden een deel van het museum tot nachtclub en ravehol.

De harde cijfers: het museum trekt te weinig bezoekers. Niet de gewenste honderdduizend man per jaar stappen jaarlijks over de drempel, maar slechts 75 duizend. Van de Laar: “We hebben programma's in de wijken. Betrekken bewoners. Het levert een netwerk op. Maar geen grote bezoekersstroom.” Hij spiegelt zich aan het stadsmuseum van Barcelona. “Ze hebben veel locaties in de stad. Het grote verhaal wordt verteld op een moederschip, daar komen mensen voor de selfies. De grote bezoekersstromen gaan naar Gaudi en andere musea. Het stadsmuseum heeft een sociaal-wetenschappelijke functie.”

De verwijten van de RRKC over gebrek aan visie en reuring begrijpt Van de Laar niet. “Wij experimenteren, wij doen dingen anders. Ik kan alleen maar denken: ze hebben zich niet verdiept in het museum. In museumland worden wij altijd uitgenodigd om te praten over vernieuwing in stadsmusea.” Is de boodschap van het museum wellicht niet goed overgekomen? “Niemand van de commissie heeft gevraagd: Meneer Van de Laar, dit is vaag. Wat wilt u eigenlijk?”

Bouwfragmenten gered uit het puin van het bombardement van het Gereformeerd Burgerweeshuis aan de Goudsewagenstraat uit 1688, te zien in het Rotterdam Museum.Beeld Otto Snoek

Ja, die expositieruimte helpt niet mee. Museum Rotterdam is gevestigd in het Timmerhuis, achter het Rotterdamse stadhuis. Klimatologisch is het gebouw ongeschikt voor een museum - de kwaliteit van tentoongestelde kunst holt achteruit. “Op een andere plek zouden we de vaste collectie niet achter glas in containers hoeven te presenteren. De voorste ruimte van het museum kunnen we niet eens gebruiken voor een expositie, het is er te heet”, zegt Van de Laar.

Maar hij zit er niet uit vrije wil. Rotterdam kent een moeizame omgang met zijn verleden. Het stadsmuseum dat ooit ontstond in de kelder van Boijmans, moest eind 2012 vertrekken uit het eeuwenoude Schielandshuis. Nu houden daar onder meer stadsmarketeers kantoor. Na jaren rondzwerven als pop-up museum kreeg het museum de huidige tijdelijke locatie toegewezen in 2016. “Al onze plannen voor verbetering en verhuizing liepen stuk op de financiën”, zegt Van de Laar. Stiekem hoopt de directeur dat het advies van de RRKC de gemeente wakker schudt, en inziet dat de lokale geschiedenis juist meer geld nodig heeft. “In een stadsmuseum moet je investeren.”

Lees ook:

O, mijn geliefd Rotterdam, denk om je geschiedenis

Column: Iedere zichzelf respecterende stad heeft een stadsmuseum, dat wordt gekoesterd door het stadsbestuur, schrijft Nelleke Noordervliet. Heeft? Ja, nog wel. En gekoesterd? Nee

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden