De oprichters van het Hollands Wol Collectief, Janne de Hoop (links) en Mirthe Snoek, bedenken nieuwe toepassingen voor wol uit Nederland.

ReportageSchapenwol

Meer dan een miljoen kilo wol gaat jaarlijks de verbrandingsoven in. Doodzonde, vindt het Hollands Wol Collectief.

De oprichters van het Hollands Wol Collectief, Janne de Hoop (links) en Mirthe Snoek, bedenken nieuwe toepassingen voor wol uit Nederland.Beeld Arie Kievit

De kans is klein dat de trui die je draagt Nederlandse wol bevat. Toch graasden er vorig jaar zo’n 890.000 schapen in Nederland. Hun wol? Die gaat de verbrandingsoven in. Doodzonde, vindt het Hollands Wol Collectief.

Schapen worden in Nederland gehouden voor vlees, melk of begrazing. Ze produceren jaarlijks 1,5 miljoen kilo wol en 95 procent daarvan wordt niet gebruikt. Een historisch lage wolprijs maakt wol voor veel Nederlandse schapenhouders tot restproduct, dat vaak op de stort of in een verbrandingsoven belandt.

En dat terwijl wol zo’n veelzijdig en hernieuwbaar materiaal is, vinden Janne de Hoop en Mirthe Snoek van het Hollands Wol Collectief. De Rotterdamse productontwerpers willen de wolverwerkingsindustrie hier ten lande nieuw leven inblazen. Ze kopen wol op van leveranciers en geven er een eerlijke prijs voor. Die wol wordt lokaal verwerkt en doorverkocht aan producenten die er hoogwaardige producten van maken.

Aan de straatstenen niet kwijt

“In juli gingen we officieel van start en onze mailbox zit nu al vol met mailtjes van schapenhouders die van hun wol af willen. Ze kunnen die aan de straatstenen niet kwijt, omdat de afzetmarkt is ingestort. China, waar de wolverwerkingsfabrieken staan, heeft de grenzen gesloten voor Europese wol”, zegt De Hoop.

Vroeger had Nederlandse wol nog waarde, tegenwoordig wordt hier liever zachtere merinowol uit Australië gebruikt, weet ze. “Het is niet logisch om wol de hele wereld over te sjouwen. Om transportkosten te verlagen en te zorgen voor werkgelegenheid, willen we daarom alle Nederlandse wol binnen onze landsgrenzen gebruiken.”

null Beeld Arie Kievit
Beeld Arie Kievit

Snoek vult aan: “Wist je dat schapenhouders zelfs moeten betalen om hun zwarte wol af te voeren? Dat blijft daar maar liggen in stallen en schuren. Terwijl wol zoveel mooie eigenschappen heeft: het is duurzaam, vochtregulerend, vuilafstotend, isolerend, geluiddempend, brandvertragend. Laten we het dan ook gebruiken.”

Oók de vieze stukjes

Het Hollands Wol Collectief ontstond tijdens een zogeheten hackathon, georganiseerd door de provincie Zuid-Holland en BlueCity in Rotterdam, dat innovatieve circulaire ondernemers bij elkaar brengt. Het collectief is bezig zijn afnemerskant op orde te brengen en wil de eerste 5000 kilo wol na de zomer laten verwerken door diverse ondernemers die zich hebben aangesloten.

Zo maakt de i-did Factory er designviltenproducten en akoestische panelen van, gebruikt The Knitwit Stable de wol voor sjaals, truien en mutsen en Natalie Wool voor haar viltworkshops, kunst en meubels. Nest, architect voor de dieren, wil wollen viltmatten gebruiken voor circulaire, voedende dakbedekking op groendaken en CircuWall maakt isolatiematten van de wol.

“En we gebruiken echt alle wol, dus ook die vieze stukjes bij de schapenpoten die normaal worden weggegooid. We hebben een fabriek in Haarlem gevonden die van deze schapendreadlocks mestkorrels maakt die je als plantenvoeding in de moestuin kunt strooien”, aldus De Hoop.

‘Schapen die het fijn hebben, maken mooie wol’

Elke stap in de keten kost geld en daar moet voor betaald worden, zegt Mirthe Snoek. “Het verhaal van de schapenhouders moet ook worden verteld. Een eerlijke prijs begint bij 1 euro per kilo wol, terwijl schapenhouders nu 10 cent krijgen voor een kilo witte wol en 10 cent moeten betalen voor een kilo zwarte.” Ook Schapenhouderij LTO Nederland is bij het collectief aangesloten.

Als de schapenhouders een betere prijs krijgen, kunnen ze de schapen onder goede omstandigheden houden en fokken, zegt Snoek. “Schapen die het fijn hebben produceren mooie wol. Nederlandse wol heeft een dikke draad, wat ervoor zorgt dat de trui die je ervan maakt wat kriebelt. Als de wol mooier en de draad dunner wordt, krijg je lekker zachte wol die met de Australische kan concurreren. In het voorjaar, bij het volgend scheerseizoen, willen we de schapenscheerders instructies geven, zodat ze mooie vachten aanleveren. Hollandse wol is zo’n logisch verhaal.”

Lees ook:

Planbureau: Circulaire economie is nog ver weg in Nederland, meer ‘drang en dwang’ nodig

In 2050 wil Nederland helemaal circulair zijn. Maar om dat te halen is meer ‘dwang en drang’ nodig, constateerde het Planbureau voor de Leefomgeving eerder dit jaar in de eerste complete inventarisatie.

Opinie: Als inkoper kan de overheid de circulaire economie direct aanjagen

Het inkoopbeleid van de overheid staat in schril contrast met haar ambities voor een circulaire economie, constateren Roebyem Anders, oprichter van Sungevity, en Jacqueline Cramer, strategisch adviseur bij het Utrecht Sustainability Institute.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden