25 jaar na SrebrenicaFotoproject

Journalist Dzenana Halimovic geeft 3000 vermoorde jongens en mannen in Srebrenica een gezicht

Faces of SrebrenicaBeeld Radio Free Europe

Journalist Dzenana Halimovic wist bijna drieduizend foto’s te verzamelen van jongens en mannen die in Srebrenica werden vermoord. Nog achthonderd tot duizend vermoorde mensen worden vermist.

Meer dan achtduizend mensen werden tijdens de massamoord na de val van Srebrenica gedood; een cijfer waar je maar lastig een beeld bij krijgt, vond journalist Dzenana Halimovic, die voor Radio Free Europe/Radio Liberty in Sarajevo werkt. Ze ging daarom vijf jaar geleden op zoek naar de gezichten van de slachtoffers. “We moeten ons blijven realiseren dat er achter deze getallen mensen schuilgaan. Het gaat om ­vaders, zonen, geliefden en ze hebben echt bestaan. ”

Via Skype vertelt Halimovic over de zoektocht die toen begon. Een zoektocht vol uitdagingen. Veel beelden zijn verloren gegaan. “Foto’s zijn niet het eerste waar je aan denkt als je plotseling moet vluchten. Mensen op het Bosnische platteland hadden destijds sowieso niet heel veel foto’s in hun bezit.” Bovendien moest Halimovic het vertrouwen van de nabestaanden zien te winnen. “Ik legde uit dat ik met dit project geen enkel politiek doel voor ogen had.”

De Verdieping van Trouw staat dit weekend in het teken van de val van Srebrenica. Het is 25 jaar dat de moslimenclave viel, waarbij meer dan 8000 moslimmannen om het leven kwamen. U kunt alle artikelen hier lezen. 

Beeld Radio Free Europe

Halimovic werkte samen met lokale niet-gouvernementele organisaties om toegang te krijgen tot nabestaanden. Maar haar project werd ook al snel van mond tot mond bekend. “Dan werd ik bijvoorbeeld gebeld door een man die aanbood foto’s van zijn oude schoolvrienden te sturen, omdat zij niemand meer hadden die dat voor hen kon doen. Als je dan in het gezicht kijkt van een veertienjarige jongen die voor niemand een ­bedreiging vormde, dringt de gruwelijkheid van de gebeurtenissen weer tot je door.” Van de overwegend jongens en mannen die zijn vermoord, wist Halimovic bijna 3000 foto’s te verzamelen. Samen doen ze de omvang van de massamoord beseffen, zegt Halimovic. “Die schaalgrootte voel je ook als je de begraafplaats van Potocari bezoekt; ook dit jaar waren daar nog een paar begrafenissen.”

Beeld Radio Free Europe

Waarheidsvinding

Zo’n zevenduizend witte zerken staan in Potočari – vlakbij Srebrenica – opgesteld. Kathryne Bomberger weet als geen ander wat voor ingewikkelde zoektocht er aan de begrafenissen vooraf is gegaan. Al meer dan twintig jaar werkt ze voor de ­Internationale commissie voor vermiste personen (ICMP), die in 1996 werd opgericht en waar ze nu leiding aan geeft. Het hoofdkantoor staat ­in Den Haag. 

De identificatie van de slachtoffers van Srebrenica is niet ­alleen belangrijk voor de familie van de slachtoffers, legt ze uit, maar ook voor waarheidsvinding en het veiligstellen van rechten van nabestaanden. Zo is bijvoorbeeld een overlijdenscertificaat nodig om bezit te kunnen erven. “Wat Srebrenica ­extra complex maakt, is dat de staat zelf betrokken was bij de verdwijning en executie van zijn eigen burgers. En dat er een groep is die ontkent dat de genocide heeft plaatsgevonden.”

Beeld Radio Free Europe

Bomberger geeft het voorbeeld van een moeder van een 12-jarige zoon die destijds is gedood en in een massagraf gegooid. “Haar huis was weg, ze had geen documenten meer. Ze kon de identiteit van haar zoon niet bewijzen en zelfs niet bewijzen dat ze ooit een zoon had gehad. Stel je eens voor dat jouw eigen regering het bestaan van je zoon ontkent. ­Alles wat ze nog van hem had was zijn vingerafdruk op een potje nivea-crème. Met DNA waren we in staat hem terug te vinden en kon ze haar zoon begraven.”

Beeld Radio Free Europe

DNA is het sleutelwoord bij de identificatie van de slachtoffers. “Na het conflict waren op satellietbeelden massagraven te zien. De daders zijn naar die plaatsen teruggegaan en hebben om hun daden te verdoezelen de dode lichamen met bulldozers verplaatst naar verschillende locaties. De lichamen waren letterlijk uit elkaar getrokken. Op de verschillende delen van de lichamen voeren we met de nieuwste technieken DNA-testen uit.”

Beeld Radio Free Europe

Daartoe bouwde de ICMP met hulp van de nabestaanden een enorme bibliotheek op met honderdduizenden DNA-monsters van familieleden van vermisten. Bosnië heeft het proces van identificatie – met ­onder meer een eigen instituut voor vermiste personen en een speciale wet – nu ook zelf opgepakt. Ongeveer 90 procent van de slachtoffers is nu, na een kwarteeuw, geïdentificeerd. Dat is gezien de complexiteit een ongelooflijk hoog percentage, zegt Bomberger. Maar het betekent dat nog ongeveer 800 tot 1000 mensen uit Srebrenica worden vermist. “We zullen alles doen wat we kunnen om de laatste vermiste persoon te vinden.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden