Sociale huurwoningen aan de Anna Bijnslaan in de armste wijk van Den Haag (Moerwijk). In de straat staan zowel slecht geïsoleerde woningen van Staedion als een pas gerenoveerd blok van Haag Wonen.

Sociale huurIsolatie

In de armste wijk van Den Haag zitten bewoners in de kou. ‘Als de kinderen op school zijn, zet ik de kachel uit’

Sociale huurwoningen aan de Anna Bijnslaan in de armste wijk van Den Haag (Moerwijk). In de straat staan zowel slecht geïsoleerde woningen van Staedion als een pas gerenoveerd blok van Haag Wonen.Beeld Phil Nijhuis

Ambities te over, maar nog lang niet overal zijn woningcorporaties erin geslaagd om huurwoningen goed te isoleren. Zoals in Moerwijk in Den Haag. In sommige straten hebben bewoners geluk, elders zitten ze voorlopig in de kou.

“Als de kinderen naar school zijn, zet ik de kachel uit”, zegt Sonia Rosidis. Ze woont in het Haagse Moerwijk-Noord en loopt met haar jonge dochtertje de hal van haar flat in. De oude woning die ze huurt van corporatie Staedion heeft veel problemen. Het deel van haar huis waar de zon niet naar binnen schijnt, is in de winter erg koud. De verwarming doet het amper.

Ze houdt de deur van de portiekflat open. “Ruik je die muffe schimmellucht uit de kelder?” Door al het vocht in de woning heeft ze een allergische reactie gekregen, denkt Rosidis. Ze trekt haar coltrui omlaag om de rode uitslag in haar hals te laten zien. “Ik denk dat het door het vocht komt, ook mijn kleren zijn in de winter klam.”

Rosidis draait geregeld haar kachel dicht, maar toch betaalt ze 150 euro per maand aan energiekosten. Ze maakt zich zorgen over de stijgende energieprijzen. “Ik probeer altijd zuinig te leven. Ik heb geen afwasmachine, ik doe alles met de hand. Ik strijk mijn kleding niet, een wasdroger heb ik niet. Alles om te zorgen dat het niet te duur wordt.”

Slechte isolatie

De woning van Rosidis is geen uitzondering. Een kwart van alle corporatiewoningen in de drie grote steden is slecht geïsoleerd. Meer dan 90.000 huishoudens in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag wonen in huizen met een energielabel D of lager, blijkt uit onderzoek van platform Investico voor Trouw.

In 2013 beloofden Nederlandse woningcorporaties, die met ruim twee miljoen woningen bijna een derde van de nationale woningvoorraad bezitten, om hun woningen gemiddeld naar energielabel B te brengen. Investico onderzocht voor zeven steden of dit is gelukt, met behulp van kaarten van het corporatiebezit, en kaarten waarop per stad de geregistreerde energielabels staan. Zo werd per corporatie en per straat zichtbaar welke energielabels de woningen hebben.

Heel goed dat zo de verschillen tussen steden en corporaties in kaart zijn gebracht, vindt Peter Mulder, expert energietransitie bij TNO. “Dat maakt een gerichte aanpak mogelijk. Corporaties publiceren hier zelf nauwelijks over.”

Sociale huurwoningen aan de Anna Bijnslaan in Den Haag. Beeld Phil Nijhuis
Sociale huurwoningen aan de Anna Bijnslaan in Den Haag.Beeld Phil Nijhuis

Grote verschillen in de straat

De kans op een goed geïsoleerde woning hangt af van de stad waar je woont, blijkt uit het onderzoek. In 2020 haalde landelijk zes op de tien corporaties gemiddeld een energielabel B of hoger. Maar in de drie grote steden is een kwart van de corporatiewoningen slecht geïsoleerd. In Nijmegen is dat maar zo’n 15 procent, en in Lelystad en Almere een nog kleiner deel.

Zelfs op straatniveau zijn de verschillen groot. Zoals aan de Anna Bijnslaan in Moerwijk, de armste wijk van Den Haag. In deze straat staan verschillende portiekflats uit de jaren vijftig, precies dezelfde als die waarin Sonia Rosidis woont. Op de Investico-kaart kleurt de ene helft van de straat dieprood. Deze woningen van corporatie Staedion hebben het laagste energielabel: G. Woningen met dit label zijn tochtig, hebben vaak enkel glas en een hoog energieverbruik, omdat veel warmte via muren, deuren en kozijnen naar buiten sijpelt.

Verderop in de straat zijn bouwvakkers druk in de weer bij de portiekflats van corporatie Haag Wonen. Een schilder zwiept met een kwast witte verf langs een van de raamkozijnen, het blauwe verpakkingsmateriaal zit nog om de nieuwe regenpijpen. Tegen de buitenmuren komt een dikke isolatielaag, de woningen krijgen dubbel glas en worden klaargemaakt om van het gas af te gaan. Deze woningen hebben op de kaart nog een rode stip, maar zullen weldra groen kleuren. Terwijl Sonia Rosidis en andere bewoners van de Staedion-flats komende winter nog in een tochtig huis wonen, zitten huurders van Haag Wonen in diezelfde straat er nu warmpjes bij.

Ook in de rest van de stad zijn de verschillen tussen woningcorporaties aanzienlijk: bijna de helft van de huurders van Vestia in Den Haag heeft een slecht geïsoleerde woning, tegenover een kwart bij de andere grote corporaties.

Energielabels

Energielabels geven aan hoe energiezuinig een woning is. Het label is een schatting van de hoeveelheid fossiele energie die nodig is om één vierkante meter van de woning een jaar lang te verwarmen. De labels variëren van A++++ (donkergroen) tot G -(dieprood). Woningen met label G hebben vaak enkel glas, zijn nauwelijks geïsoleerd en hebben veel gaten en kieren waar de tocht doorheen komt. Woningen met het beste label zijn bijna energieneutraal. In Nederland moet elke woning die verhuurd of gekocht wordt een energielabel hebben.

Het gemiddelde energielabel voor woningen in Nederland is C, lichtgroen. Volgens de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, die het register van energielabels beheert, zijn de energielabels A tot en met C ‘groen’, en alles daaronder niet. Onderzoeksinstituut TNO trekt de grens voor ‘slechte’ labels ongeveer halverwege label C. De labels D of lager zijn dus ‘slecht’ te noemen.

Maserati van de zaak

Hoe kan het dat de verschillen zo groot zijn? Daarvoor moeten we terug naar 2013, het jaar waarin de vereniging van woningcorporaties Aedes in het Energieakkoord beloofde dat alle corporatiewoningen eind 2020 gemiddeld label B zouden hebben. Dat gemiddelde berekenen ze niet voor elke corporatie afzonderlijk, en ook niet over alle corporatiewoningen in een stad; het gaat om een landelijk gemiddelde. Slecht geïsoleerde woningen zoals die van Sonia Rosidis kunnen zo gecompenseerd worden met energiezuinige nieuwbouw elders in het land.

De sector als geheel heeft in principe genoeg geld om woningen naar gemiddeld label B te brengen, maar de verschillen tussen corporaties zijn groot. Vooral in de Randstad hebben corporaties weinig geld om te investeren in verduurzaming. In een krimpregio hoeven corporaties nauwelijks nieuwe woningen te bouwen en houden ze daarom meer geld over. Corporaties in de Randstad moeten juist veel bijbouwen, en voor hen zijn renovaties relatief duur omdat ze veel oude woningen hebben.

Daar komt bij dat sommige corporaties nog altijd een erfenis van financieel wanbeleid van begin deze eeuw met zich meezeulen. Na de privatisering, eind jaren negentig, waanden woningcorporaties zich de koning te rijk. De directeur van de Amsterdamse corporatie Rochdale scheurde in een Maserati van de zaak over de trambaan, en er was sprake van fraude - waarvoor verschillende corporatiebestuurders uiteindelijk in de cel belandden. Vestia verloor miljarden met rentederivaten, risicovolle financiële producten, en zit door die nasleep nog altijd in de financiële problemen.

Sociale huurwoningen aan de Anna Bijnslaan in Den Haag. Beeld Phil Nijhuis
Sociale huurwoningen aan de Anna Bijnslaan in Den Haag.Beeld Phil Nijhuis

Maar de grootste boosdoener, zeggen veel corporaties, is de verhuurderheffing, een belasting op woningcorporaties die in 2013 werd ingevoerd en inmiddels al meer dan twaalf miljard euro heeft gekost. Door deze belasting hebben ze te weinig geld om te investeren in verduurzaming. In Den Haag ondervinden de corporaties de gevolgen aan den lijve. Haag Wonen moest renovaties uitstellen vanwege financiële tekorten, zegt een woordvoerder. “Vóór 2040 hebben wij onze hele isolatieopgave afgerond. De woningen met de slechtste labels krijgen de meeste aandacht en hebben hoge prioriteit.”

Staedion wil zo’n 500 woningen per jaar naar label B brengen, en heeft een programma voor woningen met de slechtste labels. En Vestia zegt ieder jaar te kijken waar onderhoud en renovaties het meest nodig zijn. “Met de beperkte middelen moeten we kritische keuzes maken.”

Onmogelijke eisen van de politiek

Hoewel veel corporaties al grote moeite hebben om het landelijke doel voor dit jaar te halen, heeft de sector in 2019 in het Klimaatakkoord alweer nieuwe, ambitieuze beloftes gedaan: uiterlijk in 2050 moet de hele woningvoorraad een CO2-neutrale energievoorziening hebben. Maar hoe precies? Dat is nog verre van duidelijk, en het Planbureau voor de Leefomgeving gaat er inmiddels van uit dat corporaties slechts de helft van de beloofde besparing gaan realiseren.

“Het kán financieel helemaal niet”, zegt Peter Boelhouwer, hoogleraar woningmarkt aan de TU Delft. “De politiek trekt de corporaties eerst het vel over de oren, en vervolgens stellen ze hartstikke hoge eisen. Dat is gewoon onmogelijk: als corporaties nu zouden gaan doen wat de politiek van hen vraagt, zijn ze over vier jaar platzak en hebben ze geen geld meer om nieuwe woningen te bouwen.”

“Maar poen is niet het hele verhaal”, voegt Peter Mulder van TNO eraan toe. “Het Rijk heeft de corporaties op afstand gezet, maar legt nu wel allerlei duurzaamheidsdoelstellingen bij hen neer. Dat wringt, er moet zeker geld bij. Maar veel corporaties kunnen renovaties ook beter organiseren en meer samenwerken. Die ene flat die geïsoleerd moet worden, staat in Groningen, maar precies dezelfde ook in Amsterdam. Bedenk één aanpak. Nu zijn ze vaak allemaal afzonderlijk het wiel aan het uitvinden.”

Pas dit jaar zette het kabinet wat eerste stapjes om een goede aanpak te bevorderen. Het ministerie van binnenlandse zaken gaf vanaf juli dit jaar een korting op de verhuurderheffing aan corporaties die investeren in verduurzaming. Maar in oktober sloot die alweer, omdat het geld op was. Intussen heeft het kabinet opnieuw vijfhonderd miljoen euro vrijgemaakt voor woningcorporaties, maar volgens hen is het nog altijd veel te weinig om genoeg te kunnen bijdragen aan het Klimaatakkoord.

Ondertussen betalen huurders de prijs en neemt de ongelijkheid verder toe. Want juist de huurders van de armste wijken in Nederland moeten het langst wachten op dubbel glas, een geïsoleerde vloer, of een nieuw dak. De drie miljard euro die het kabinet volgend jaar uittrekt om alle huishoudens te compenseren in hun energiekosten verandert daar niets aan.

Sociale huurwoningen Anna Bijnslaan in Den Haag.
 Beeld Phil Nijhuis
Sociale huurwoningen Anna Bijnslaan in Den Haag.Beeld Phil Nijhuis

Bewoners denken mee

Hoe moet het verder met het slecht geïsoleerde Moerwijk? Op een zaterdagmiddag in november organiseert de Stichting Duurzaam Den Haag in het buurtcentrum van Moerwijk het ‘Grote Straatberaad’, waar bewoners kunnen meedenken over verduurzaming van hun wijk.

De opkomst bestaat uit drie vrouwen uit de buurt, samen met hun kinderen. Er zijn meer organisatoren dan bewoners aanwezig, en een fotograaf die de middag komt vastleggen. Gespreksleider Alwin Veldboom, gekleed in een wit overhemd met kleurrijke vlinderdas, maant iedereen tot stilte. “We gaan het vandaag hebben over de toekomst van de wijk en misschien zelfs over de toekomst van de planeet.”

De gespreksleider deelt witte vellen papier uit. De aanwezigen delen zich op in drie groepjes - één met de vrouwen, één met hun kinderen, en één met de organisatoren. De groepjes mogen op de vellen papier drie duurzaamheidsproblemen benoemen, om ze vervolgens met een stappenplan tot een oplossing te komen. Veldboom zegt: “Je kunt je afvragen: wat gaat de gemeente doen? Wat gaat de overheid doen? Maar wij vragen vandaag: wat kan jíj doen?”

Verantwoording

Voor dit onderzoek zijn de energielabels van corporatiewoningen in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Arnhem, Nijmegen, Lelystad en Almere in kaart gebracht. Daarvoor is de database van geregistreerde energielabels gebruikt die door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) wordt bijgehouden. Deze database is ‘gekruist’ met kaarten van het corporatiebezit in de zeven steden - niet voor het hele land, omdat de gegevens over woningcorporaties niet overal beschikbaar zijn. Corporaties houden ook hun eigen registratie van energielabels bij. Die cijfers zijn soms wat actueler, maar niet openbaar.

Journalistiek platform Investico voerde dit onderzoek uit in samenwerking met actualiteitenprogramma EenVandaag, weekblad De Groene Amsterdammer, AT5 in Amsterdam, Vers Beton en Open Rotterdam in Rotterdam, en De Gelderlander in Arnhem en Nijmegen.

Op www.platform-investico.nl is een uitgebreide verantwoording van het onderzoek te vinden, evenals kaarten waarop u zelf de energielabels in uw wijk kunt opzoeken.

null Beeld

Lees ook:

‘Gebruik Europees coronasteungeld voor de isolatie van huizen’

Nederland heeft recht op ruim 5 miljard euro uit het Europese coronaherstelfonds. Een deel van dat geld zou moeten worden aangewend om miljoenen huizen ‘klaar’ te maken voor het Klimaatakkoord.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden