Bescherming

Ieder jaar worden 30 vrouwen vermoord door hun (ex-)partner. ‘De overheid doet nu te vaak niets’

Beeld Studio Vonq

Het rapport over de fouten bij de zaak van het stalkingslachtoffer Hümeyra staat niet op zichzelf, zeggen deskundigen. De overheid beschermt de fundamentele rechten van de slachtoffers te weinig. 

De Nederlandse overheid moet de hand in eigen boezem steken. Door de 16-jarige Hümeyra niet te beschermen tegen de stalker die haar uiteindelijk doodde, zijn haar fundamentele rechten geschonden, zegt Renée Römkens, bijzonder hoogleraar gendergerelateerd geweld aan de Universiteit van Amsterdam. “En dan doel ik niet op de fouten die individuele agenten maakten in deze zaak. Ik heb het hier over de verantwoordelijk minister. Die moet zich op grond van zijn verantwoordelijkheid voor de bescherming en realisatie van de rechten van de mens afvragen wat is nagelaten waardoor dit heeft kunnen gebeuren.” 

Woensdag verscheen een uiterst kritisch rapport van de Inspectie Justitie en Veiligheid over de aanloop naar de dood van Hümeyra; zij werd december vorig jaar in haar school doodgeschoten, haar ex-vriend staat hiervoor terecht. In de maanden ervoor trok het Rotterdamse meisje 28 keer aan de bel bij de politie over haar stalkende ex. De politie en andere betrokken organisaties onderkenden dat het om stalking ging, maar deden te weinig om haar te beschermen, aldus de inspectie. 

In het bijzonder vrouwen

Wat Römkens betreft had het rapport nog veel kritischer kunnen zijn. Er ontbreekt volgens haar een cruciaal element: de verplichtingen naar internationaal recht van de landelijke overheid. “Nu wordt alleen naar slachtofferrechten verwezen. Maar Nederland heeft in 2015 het Verdrag van Istanbul geratificeerd, dat op 88 punten ingaat op wat de overheid moet doen om haar burgers, en in het bijzonder vrouwen want die hebben daar het meeste mee te maken, te beschermen tegen geweld. Daarnaast heeft het Europees hof van de Rechten van de Mens zich in vergelijkbare casussen duidelijk uitgesproken wat de verantwoordelijkheid van de overheid is. Die is verplicht zijn burgers te beschermen tegen geweld van andere burgers, ook als dat in de privésfeer is.”

Het rapport dat er nu ligt en de reacties daarop, noemt Römkens typisch voor Nederland: organisaties buitelen over elkaar heen om te zeggen hoe verschrikkelijk ze het vinden wat er is gebeurd met Hümeyra, ze beloven beterschap, maar daadwerkelijk wordt dit beschouwd als een incident. “Dat terwijl er jaarlijks 30 tot 35 vrouwen worden gedood door hun partner of ex-partner. Dat cijfer daalt niet. De minister zou tot doel moeten stellen het aantal terug te dringen. En als dat niet lukt, het politiekorps daarop moeten afrekenen.”

Terugdringen is mogelijk, zegt de hoogleraar. Door onderzoek is er inmiddels veel bekend over stalking en huiselijk geweld; zo is er bij stalking door een ex-partner een grotere kans op geweld dan als het een vreemde is. Maar in de praktijk bestaat de neiging nog steeds om het af te doen als een privékwestie. Iets wat zeker in deze tijd van een terugtrekkende overheid en een weerbare burger volgens Römkens alleen maar meer gebeurt.

Ook is er volgens haar een kennisachterstand bij agenten en hulpverleners over het fenomeen stalking en de impact ervan. “Wat opvallend is als je bedenkt dat het al twintig jaar strafbaar is”, merkt de hoogleraar op.

Beeld studio vonq

Eerst aangifte doen

Dat is iets dat ook de Bredase advocaat Peter Schouten onderschrijft. Hij staat regelmatig slachtoffers van stalking bij en ziet het in de praktijk misgaan. “Een cliënt die melding wil maken dat haar stalker het contactverbod overtreedt, krijgt te horen dat ze daarvan eerst aangifte moet doen. Als ze een paar dagen later eindelijk aangifte kan doen, blijkt opeens dat een melding genoeg was. Ondertussen kan de stalker gewoon zijn gang gaan. Ik heb ook meegemaakt dat een cliënt die naar de politie ging omdat haar stalker haar via Instagram benaderde te horen kreeg: maar waarom sluit je je Instagram dan niet af als zo’n man achter je aan zit?”

Stuitend, vindt Schouten. “Je moet als slachtoffer van stalking behoorlijk assertief zijn om de aandacht te krijgen die je verdient.” Dat de politie het te druk zou hebben voor deze zaken, die meestal bestaan uit een reeks meldingen en aangiften, daarvan wil hij niets weten. “Als capaciteit het probleem is, dan moet de overheid dat oplossen.”

De advocaat pleit niet alleen voor meer aandacht voor de slachtoffers. Ook een lik-op-stuk-beleid voor daders is hard nodig. “Als alleen al overtredingen van contactverboden eens zouden worden gehandhaafd met een week celstraf, zou ik al blij zijn. Nu gebeurt er te vaak niets.”

Lees ook :

Er is ernstig gefaald in de stalkingzaak Hümeyra

Dat concludeerde de inspectie in een kritisch rapport

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden