Mohan Verstegen

Interview Gay Pride

Homo bij Defensie: ‘De jonge generatie is opgegroeid met diversiteit, dat is heel mooi’

Mohan Verstegen Beeld Patrick Post

De Canal Parade zaterdag in Amsterdam is een van de hoogtepunten van Gay Pride. De Nederlandse krijgsmacht heeft een eigen boot en militair arts Mohan Verstegen vaart mee.

“Ik heb er onwijs veel zin in”, zegt Mohan Verstegen, terwijl zijn donkere ogen beginnen te glinsteren. “Wat mij betreft staat de Gay Pride dit jaar in het teken van jezelf echt te mogen laten zien. Laten zien dat je anders bent. We zeggen wel dat we homoseksualiteit nu accepteren, maar we vinden het nog niet normaal. Dat moeten we wel nastreven in Nederland.”

De 39-jarige Verstegen weet als geen ander wat het is om ‘anders’ te zijn. Zijn geboortegrond ligt in India, zijn Nederlandse ouders adopteerden hem en hij bracht zijn jeugd door in Limburg. “Op school was ik drie jaar lang het enige gekleurde kind. Rond mijn vijftiende begon ik door te krijgen dat ik homo was, maar ik heb nog vijf jaar volgehouden dat ik dat wel geheim kon houden. Uiteindelijk heeft iedereen in mijn omgeving er positief op gereageerd, ook mijn ouders.”

Opkomen voor diversiteit en inclusiviteit

Sinds een jaar of acht werkt de veteraan majoor Verstegen als arts bij Defensie, en richt zich op de kwaliteitsverbetering van de zorg binnen de krijgsmacht. Hij komt ook steeds nadrukkelijker op voor diversiteit en inclusiviteit, niet alleen binnen de krijgsmacht maar ook daarbuiten. Zijn activisme heeft hem een gesprek opgeleverd met de beide bewindslieden op Defensie, minister Bijleveld en staatssecretaris Visser, en een vervolg staat al gepland.

“De manier waarop zij over dit onderwerp praten heeft mij ervan overtuigd dat ze hart voor de zaak hebben, en ook een aantal militairen in de top draagt dat echt wel uit. Het gaat de goeie kant op”, vindt Verstegen. Maar al is er de afgelopen decennia heel veel verbeterd, toch zijn er volgens hem mensen binnen Defensie die zich sociaal onveilig voelen.

Heel klein zetje

“Tot in de jaren zeventig was homoseksualiteit nog strafbaar in het militair tuchtrecht, dus we zijn al van ver gekomen. Als je nu kijkt naar de jonge generatie bij Defensie, dan zie je iets heel moois. Zij zijn opgegroeid met diversiteit. Hun buurjongen was gekleurd, hun zusje lesbisch, ze zaten op gemengde scholen. Zij hebben denk ik maar een heel klein zetje nodig om ervoor te zorgen dat er voor iedereen een veilig en prettig werkklimaat gecreëerd kan worden.”

Bij de generatie daarvoor is volgens Verstegen nog wel een wereld te winnen. “Dat zijn vooral de lang zittende, blanke, mannelijke, heteroseksuele militairen zonder een beperking, bij wie je toch wel weerstand ervaart als je het hebt over een grondhouding die moet veranderen. Met die groep wil ik nu ook proberen in verbinding te treden.”

Afgelopen januari nam hij zich voor zich actiever te gaan inzetten voor de rechten van de LHBT+-gemeenschap. De defensiearts wil een katalysator zijn voor verandering. “Ik vond dat ik nu oud en wijs genoeg was en genoeg levenservaring had om iets te gaan doen met mijn mening, en daar anderen mee proberen te helpen. Om discussies op gang te krijgen en processen te versnellen. Laten zien waar je voor staat.”

Dat deed Verstegen een paar dagen geleden door twee foto’s te twitteren: één van hem in uniform en op de ander stond hij in een roze gewaad met witte kousen. Enkele bevriende hoge militairen waarschuwden hem dat het zijn carrièrekansen zou kunnen schaden als hij die foto naar buiten zou brengen via sociale media. Hij deed het toch. “Ik dacht, ik heb nu de moed om het te doen. Morgen kan ik overreden worden door een auto en dan is mijn boodschap niet gehoord.” 

De foto kreeg steunbetuigingen, maar ook negatieve reacties. ‘Grove schande!’, reageert iemand op Twitter die zich ‘ouwe kolonel’ noemt: ‘U is het uniform volledig onwaardig, en ik besteed hier verder met u geen syllabe meer aan.’ Dit soort opmerkingen raken hem wel, zegt Verstegen.

“Het doet me wat omdat ik er trots op ben om militair te zijn en dit pak te dragen. Ik word er verdrietig van als mensen iets roepen zonder de discussie met mij aan te willen gaan. Dat frustreert me”, zegt de militaire arts. “Natuurlijk mag iemand een andere mening hebben, maar dan moet je wel bereid zijn die te verdedigen. We moeten in gesprek blijven. Het is nu tijd voor actie bij Defensie, maar dat vereist wel moed, toewijding en veerkracht.”

Lees ook:

Mannen onder elkaar, bij Defensie klaag je niet

Defensie moet een vast meldpunt krijgen voor klachten van militairen over collega’s en leidinggevenden. Die laatsten zijn cruciaal, maar doen vaak mee aan pesterijen.

‘Defensie moest van ver komen, maar we doen wel degelijk mee’

Defensie moest ‘van ver komen’, zegt minister Ank Bijleveld zelf. Maar de rust lijkt terug. Aan internationale verzoeken kan Nederland nog lang niet altijd voldoen ‘Maar we doen wel degelijk serieus mee.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden