Toelating

Hoe een Leids experiment tot een Amerikaans vaccin leidde

null Beeld ANP
Beeld ANP

Het goedgekeurde vaccin van Johnson & Johnson is een Nederlandse vinding. Hoe is het eigenlijk in Amerikaanse handen beland? En wat zijn de overeenkomsten en verschillen met de andere drie vaccins?

De Europese toezichthouder EMA keurde donderdag het coronavaccin van Johnson & Johnson goed voor de Europese markt. Het is een Amerikaans vaccin, maar het heeft een overduidelijk Nederlands tintje. “In alle fases van de ontwikkeling van dit vaccin hebben Nederlanders een hoofdrol gespeeld”, zegt viroloog Jaap Goudsmit die tussen 2003 en 2011 wetenschappelijk directeur was van Crucell, waar de basis voor het vaccin werd gelegd.

De oorsprong van het vaccin gaat nog verder terug, en begint in 1993 als onderzoekers van de Universiteit Leiden het bedrijf IntroGene oprichten. Daar willen ze hun wetenschappelijke vondsten verder ontwikkelen en geschikt maken voor de markt. Op dat moment hebben ze nog geen vaccins voor ogen, maar gentherapie. De Leidenaren zoeken naar manieren om ziektes die worden veroorzaakt door een genetisch defect, te behandelen door de goede genen bij de patiënt in te brengen.

Hun werk rust op twee pijlers: een virus dat deze genen op hun plaats van bestemming moet brengen, en een kweekmedium waarin dit virus in grote hoeveelheden kan worden geproduceerd. Het medium is een zogeheten cellijn, Per.C6, afkomstig van embryonale netvliescellen, waar ze net zo lang aan hebben gesleuteld totdat deze zich tot in het oneindige kunnen blijven vermeerderen.

Overstap naar vaccins

Maar als ze daar in 1998 in zijn geslaagd, bevindt de gentherapie zich in een diep dal. De therapie is te snel naar de kliniek gebracht en blijkt in studies kanker te kunnen veroorzaken. Toevallig heeft in die jaren farmaceut Merck een licentie voor de cellijn gekregen die het bedrijf gebruikt om een vaccin tegen hiv te ontwikkelen. Het transportvirus kan immers ook de genetische code van een ziekteverwekker vervoeren. Dat brengt de Leidenaren op het idee om ook over te stappen naar de vaccins.

In 2000 fuseert IntroGene met het Utrechtse biotechbedrijf Ubisys tot Crucell (een samentrekking van cruciale cellen). In de jaren die volgen wordt de techniek geperfectioneerd. “Waar het om ging is dat we een compleet productieproces hadden”, zegt Goudsmit. “Daar komt veel meer bij kijken dan alleen een academische vinding.” Met name aan het transportvirus, een zogeheten adenovirus, is veel gesleuteld voordat het, voorzien van de juiste code, een goede afweerreactie opwekte.

Zoektocht naar overnamepartner

Tegen het eind van het decennium is die ontwikkeling zo ver gevorderd dat het bedrijf op zoek gaat naar een overnamepartner. Die wordt gevonden in Johnson & Johnson, dat Crucell voor 1,75 miljard euro overneemt. Sindsdien is uit de Leidse vestiging een vaccin tegen ebola, en nu dus tegen corona, voortgekomen. Grappig detail: het bedrijf heet nu Janssen Vaccines, maar dat is geen vertaling. In 1961 is het Belgische Janssen Pharmaceutica in het Amerikaanse moederbedrijf opgegaan en daar dankt de Leidse vestiging haar naam aan.

Menigeen treurde toen, en velen nu weer, dat het bedrijf niet in Nederlandse handen is gebleven. Waarom is Crucell niet gefuseerd met het Nederlands Vaccin Instituut dat tot 2011 heeft bestaan en de productie en distributie van de vaccins voor het rijksvaccinatieprogramma beheerde? Dat had niet gekund, zegt Goudsmit. “Dat is een naïeve academische gedachte. Johnson heeft er miljarden ingestoken. Dat is nodig om een product naar de markt te brengen. Voor de bouw van fabrieken, voor de financiering van klinische studies. Voor die taak was het NVI geen logische optie.”

“Vergeet niet dat we bij de overname al niet meer puur Nederlands waren”, zegt hij. “We hadden een Belgisch en een Zweeds bedrijf gekocht, we hadden fabrieken in Zuid-Korea. Wat niet wegneemt dat dit coronavaccin een Nederlands stempel heeft.”

Nu ook het vaccin van het Leidse Janssen, onderdeel van Johnson & Johnson, is goedgekeurd, zijn er vier vaccins op de Europese markt. De overeenkomsten en verschillen.

I. De werkzaamheid

De werkzaamheid – het tegengaan van besmettingen – is bij...

... Pfizer 95 procent

... Moderna 94,5 procent

... AstraZeneca 60 procent

... en Johnson & Johnson 66 procent.

II. De bescherming tegen covid

Alle vaccins beschermen goed tegen ernstige gevallen van Covid-19. Geen enkele deelnemer is na inenting opgenomen in het ziekenhuis.

III. De bescherming tegen virusmutaties

Tegen de Britse variant van Sars-CoV-2 werken de vaccins bijna net goed als tegen de klassieke variant. De zorgen bestaan rondom de Zuid-Afrikaanse variant. Alleen Johnson & Johnson heeft cijfers over proeven met de Zuid-Afrikaanse virusmutatie. Het ‘Leidse’ vaccin beschermt voor 57 procent tegen een besmetting met de Zuid-Afrikaanse variant.

Ook de vaccins van Pfizer, Moderna en AstraZeneca werken minder goed tegen besmetting door de Zuid-Afrikaanse variant. Wel blijven alle vaccins effectief tegen ernstige covid door de virusvarianten.

IV. De techniek

Pfizer en Moderna zijn mRNA-vaccins waarbij een deel van de genetische code van het coronavirus wordt verpakt in vetbolletjes die in het lichaam worden gespoten. De genetische code zet het lichaam aan tot de productie van een eiwit dat voorkomt in het coronavaccin. Vervolgens slaat het immuunsysteem hierop aan.

AstraZeneca is een zogeheten vectorvaccin. Deze techniek werkt zoals de mRNA-vaccins, alleen is hier de genetische code niet verpakt in een vetbolletje maar in een kreupel gemaakt en dus onschuldig verkoudheidsvirus. Ook Johnson & Johnson is een vectorvaccin.

V. De testpopulaties

Pfizer/BioNtech is door 43.000 deelnemers getest in Argentinië, Brazilië, Duitsland, Turkije, Verenigde Staten en Zuid-Afrika.

Moderna is door 28.000 deelnemers getest in de Verenigde Staten.

AstraZeneca is door 24.000 deelnemers getest in Brazilië en het Verenigd Koninkrijk. Ook is getest in Zuid-Afrika, maar binnen deze onderzoeksgroep kwam te weinig covid voor om daar conclusies aan te verbinden.

Johnson & Johnson is door 43.000 deelnemers getest in Brazilië, Verenigde Staten en Zuid-Afrika.

VI. Aantal inentingen (in kwartaal twee – in totaal)

Pfizer: 7,8 miljoen – 19,8 miljoen

Moderna: 1,4 miljoen – 14,2 miljoen

AstraZeneca: 4 miljoen – 11,7 miljoen

Johnson & Johnson: 3 miljoen – 11,3 miljoen

Omdat het vaccin van Johnson & Johnson uit één dosis bestaat en de andere vaccins uit twee, krijgen de meeste Nederlanders een prik van deze farmaceut.

Vergelijken is lastig

Het is lastig een ranglijst te maken om te bepalen welk vaccin het beste is. Pfizer heeft een hoge bescherming tegen besmetting, maar heeft als nadeel de lage temperaturen waarop het bewaard moet worden. Vaccins werken beter naarmate de tijd verstrijkt. Maar in het ene onderzoek meten farmaceuten na 14 dagen de immuunrespons, in het andere na 28 dagen. Wat het beste vaccin is, mag dan lastig zijn, de hekkensluiter dient zich wel aan. AstraZeneca heeft na alle leveringsproblemen, het eerdere stopzetten van vaccinaties in Zuid-Afrika en nu de zaak in Denemarken het meeste last van tegenwind.

Marco Visser

Lees ook:

De Volvo onder de vaccins, het Janssen-vaccin, is goedgekeurd in de VS

Vier vragen over het middel dat het vaccinatieprogramma op turbostand kan zetten

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden