Theo Smolders nu in Nijmegen. Beeld Koen Verheijden
Theo Smolders nu in Nijmegen.Beeld Koen Verheijden

InterviewExpositie Vrijheidsmuseum

Hoe de Hollandse Theo in de oorlog bevriend raakte met een Mohawk-soldaat

Via de vriendschap tussen een Hollandse jongen en een inheems-Amerikaanse soldaat vertelt het Vrijheidsmuseum het verhaal van een vergeten groep bevrijders. ‘Het was alsof we elkaar al jaren kenden.’

Rianne Oosterom

Een half jaar nadat Theo Smolders onder de biljarttafel de geallieerde bombardementen op Nijmegen ternauwernood heeft overleefd, vindt hij hoop in de brede glimlach van een onbekende. In de achtertuin van de boerderij waar hij naartoe was geëvacueerd, kijkt de 15-jarige Theo recht in het gezicht van de 21-jarige Albert Tarbell.

“We schudden elkaar de hand en begonnen allebei te lachen, alsof we elkaar al jaren kenden”, vertelt Smolders. “Hij was klein en vrij jong, Albert de indiaan, zo sympathiek als hij was. Hij had net zijn derde landing gemaakt als parachutist, op die leeftijd al! Ik heb dit nooit meer meegemaakt in mijn leven, maar het was in één keer raak met ons.”

De jongens trekken zes weken met elkaar op, waar het maar kan, terwijl de gevechtsvliegtuigen over vliegen en er zwaar gevochten wordt. Ook door Albert, rond de Duivelsberg bij Groesbeek, die dicht bij de boerderij ligt. Er ontstaat een vriendschap voor het leven, met als decor operatie Market Garden, het grote geallieerde tegenoffensief in september 1944.

Alle mensen met de naam Smolders gebeld

Via deze vriendschap vertelt het Vrijheidsmuseum in Berg en Dal in een nieuwe expositie de vergeten geschiedenis van de naar schatting 40.000 tot 70.000 inheems-Amerikaanse soldaten die meevochten in het geallieerde leger. Hoeveel er in Nederland terechtkwamen is niet bekend, zegt Amerikanist en gastcurator Mathilde Roza.

Links Theo Smolders in 1945.   Rechts Albert Tarbell in zijn tijd als geallieerde paratrooper.  Beeld
Links Theo Smolders in 1945. Rechts Albert Tarbell in zijn tijd als geallieerde paratrooper.

Ze doet al jarenlang onderzoek naar deze groep en stuitte zo op het verhaal van Albert Tarbell (van Mohawk-afkomst) en Theo Smolders, die ze uiteindelijk vond door alle mensen met de naam Smolders in Nijmegen af te bellen. De inmiddels 93-jarige man, een Indië-veteraan, is nog zeer helder van geest en woont met zijn Anneke tussen de boeken in een appartement.

Aan het eind van het interview moet Theo Smolders even zuchten. Hij bekent dat hij zich enorm vereerd voelt door de expositie, maar dat hij er ook van wakker heeft gelegen. “Je hele leven wordt omgewoeld. Allerlei herinneringen kwamen naar boven.” En als je ze aanraakt, die verstilde beelden in je hoofd, dan gaan ze weer bewegen, weet hij.

Dan ziet hij hoe hij als 15-jarige na het ‘vergissingsbombardement’ op Nijmegen door de geallieerden, waarbij achthonderd mensen omkomen, lichamen uit het puin sleept. En dat bloedspoor. Hoe dichterbij het ziekenhuis je komt, hoe roder de straten zijn. De ochtend dat hij Albert ontmoet, is voor hem in meerdere opzichten een nieuw begin.

Waar jongens van die leeftijd normaliter biertjes drinken en flirten, leven Albert en Theo in constante dreiging. Theo heeft het bombardement overleefd, en de vele beschietingen in het centrum van de stad. Albert heeft even daarvoor ook de dood in de ogen gekeken. Hij werd zwaar beschoten toen hij de Waal overstak in een roeibootje. Hij zag 48 medesoldaten sneuvelen.

Albert en Theo in 1984. Beeld rv
Albert en Theo in 1984.Beeld rv

Bloeddorstige strijders

Smolders: “We hadden het samen veel over de oorlog en wat we meegemaakt hadden. Dat Albert een indiaan was, daar was ik verder helemaal niet mee bezig. Ik had er geen mening over en het was ook geen onderwerp van gesprek. Ik kende indianen alleen van de Winnetou-serie, die las ik helemaal stuk toen ik jong was.”

Die serie van de Duitse schrijver Karl May werd afgelopen zomer uit de handel gehaald door de Nederlandse uitgever Meulenhoff Boekerij, na kritiek over clichés en racisme. Die stereotiepe beeldvorming was er ook in het leger, zegt Roza, en komt aan de orde op de expositie.

Anders dan de zwarte soldaten waren de inheems-Amerikaanse jongens niet ingedeeld in aparte eenheden, vertelt onderzoeker Roza. “Juist vanwege het assimilatiestreven van de Amerikanen. En over deze groep heerste het stereotiepe beeld dat het ging om supersoldaten, een soort bloeddorstige krijgers, die de vijand al op kilometers afstand konden ruiken.”

Toen Albert Tarbell nog leefde, vertelde hij over geallieerden die een Duitse officier hadden gegijzeld en hem ondervroegen. Toen hij niets wilde loslaten, dreigden ze met: ‘Moet de indiaan je soms even bewerken?’ Volgens Roza is dat veelzeggend over de status van deze soldaten. “Door het stereotype hadden ze vaak de meest gevaarlijke posities, zoals de rol van verkenner.”

Speciaal herkenningsteken

Internationaal is sinds dit jaar meer aandacht voor de inzet van deze soldaten: in Washington werd twee weken geleden het eerste monument ingewijd voor inheemse veteranen, en Canada markeert hun graven sinds dit jaar met een speciaal herkenningsteken.

Erkenning voor zijn militaire verdiensten kreeg Albert in elk geval van Theo gedurende zijn leven. Nog steeds spreekt hij met bewondering over zijn vriend, de paratrooper. Toen Smolders vocht in wat toen nog Indië heette, waren de brieven van Albert een houvast. Albert (en een hele rij van zijn vrienden) logeerde meermaals bij het echtpaar Smolders en hun kinderen.

Na het overlijden van Albert in 2009 viel er een pakketje op de deurmat in Nijmegen. De groene legerpet, ook wel een schuitje genoemd, van Albert zat erin. De cap waarmee hij Europa doorkruist had, die hij op had tijdens die eerste ontmoeting in de bossen van Groesbeek. Smolders: “Dat vond ik buitengewoon mooi.”

Albert & Theo: een bijzondere vriendschap; 18 november 2022 - 9 april 2023; Vrijheidsmuseum Berg & Dal

Lees ook:

Generaties groeiden op met Winnetou door Karl May; nu is er een debat gaande over zijn erfgoed

Vele generaties Duitse kinderen groeiden op met Winnetou en Old Shatterhand, creaties van de 19de-eeuwse Duitse schrijver Karl May die nooit een prairie bezocht. Nu is er een debat gaande over zijn erfgoed.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden