Het verraad van Anne Frank

Historici kraken ook de verdediging van coldcaseteam Anne Frank. ‘Het blijft pure speculatie’

Het boek ‘Het verraad van Anne Frank’ van de Canadese schrijver Rosemary Sullivan in een boekenwinkel. Het boek wordt door de uitgever niet herdrukt. Beeld ANP
Het boek ‘Het verraad van Anne Frank’ van de Canadese schrijver Rosemary Sullivan in een boekenwinkel. Het boek wordt door de uitgever niet herdrukt.Beeld ANP

Het coldcaseteam kwam donderdagavond met een verdediging op de proppen. Historici zijn allerminst overtuigd. ‘Bij nadere analyse vallen alle argumenten om.’

Rianne Oosterom

De commotie rond het boek Het verraad van Anne Frank begint trekjes te krijgen van een soap met iedere dag een nieuwe aflevering. Nadat de projectleider van het coldcaseteam de kritiek op de conclusie eerder in Trouw ‘een hetze’ noemde, kwam het team donderdagavond met een inhoudelijke reactie.

In de verklaring noemen de auteurs het achteraf ‘erg onhandig’ dat zij het waarschijnlijkheidspercentage van 85 procent hebben geplakt op de conclusie dat de Joodse notaris Arnold van den Bergh de meest waarschijnlijke verrader van Anne Frank is. Dat wekt de verkeerde indruk dat het om ‘zekerheid’ zou gaan, schrijven ze.

Verder blijven ze bij hun standpunt dat Van den Bergh ‘de meest waarschijnlijke verrader’ is en zetten uiteen waarom. Snijdt hun verdediging hout? Voor uitgeverij Ambo Anthos bepaalt dit verweer of ze het boek weer in de handel gaat brengen. Een woordvoerder laat weten dat de uitgever zich op dit moment beraadt.

Het verweer ontleed op drie punten:

1) Het anonieme briefje

Hét fysieke bewijsstuk van het coldcaseteam: het briefje aan Otto Frank waarop de naam van Arnold van den Bergh genoemd werd als verrader. Volgens historici echter ‘flinterdun’, want: afzender onbekend. Plus: er gingen zoveel beschuldigingen rond indertijd.

Als je een rekening wilde vereffenen door iemand (onterecht) te beschuldigen, was een briefje door de bus doen volgens het coldcaseteam ‘wel de minst effectieve manier’. Je kon dan beter aankloppen bij de politieke opsporingsdienst, schrijven ze. Dat dat niet gebeurd is, spreekt volgens hen vóór de juistheid van het briefje.

“Nog steeds snappen ze de bredere context van net na de bevrijding niet helemaal”, reageert hoogleraar Joodse geschiedenis Bart Wallet. “Talloze beschuldigingen gingen rond, allerlei mensen hadden rekeningen te vereffenen, dat deden ze op vele manieren.”

Het coldcaseteam zegt dat de briefschrijver geweten moet hebben van het verraad van het onderduikadres. Het noemt de kans dat iemand met een hekel aan Van den Bergh het briefje juist op dit adres bezorgde ‘astronomisch klein’.

Maar volgens Bart Wallet en ook historicus Bart van den Boom gaat dit niet op: het enige wat de briefschrijver hoefde te weten, is dat Otto Frank levend is teruggekeerd en zijn gezin niet. En dat er een inval is geweest op de Prinsengracht. Aangezien hier het bedrijf van Otto Frank was gevestigd, was het niet onmogelijk dit adres te achterhalen.

2) De lijsten met onderduikadressen

In de theorie van het coldcaseteam heeft Arnold van den Bergh via de Joodse Raad (bemiddelingsorgaan tussen bezetter en Joden), waarvan hij lid was, adressen van onderduikers bemachtigd. Het geeft hiervoor een aantal argumenten in zijn verdediging. Wallet: “Bij nadere analyse vallen ze allemaal om”.

Neem bijvoorbeeld het argument dat ene Rudolf Pollak, een Jood die werkte voor de Sicherheitsdienst ‘een hele kaartenbak had met onderduikadressen’. In het boek staat dat deze Pollak ‘lid’ was van de Joodse Raad, maar hij was er slechts los-vast bij betrokken, zegt Sytze van der Zee, op wiens boek het coldcaseteam zich baseert hierin.

Van der Zee: “Pollak kocht bijvoorbeeld groente voor ze in. Die kaartenbak is totaal wat anders dan lijsten met adressen binnen de Joodse Raad.” Wallet merkt op dat er wel duizenden werknemers betrokken waren bij de Joodse Raad, en dat Pollak daar geen van was volgens het archiefmateriaal.

Hierop voortbordurend zegt het coldcaseteam in de verdediging dat in het boek slechts wordt betoogd dat er enkele bij de Joodse Raad betrokken personen adressen hadden, niet dat het verzamelen ervan ‘beleid’ was. Maar in het boek zeggen ze dat juist wel, zegt Bart van den Boom, die al jaren onderzoek doet naar de Joodse Raad.

“Hun belangrijkste argument is de getuigenis van een Duitse vertaler die een gerucht hoort over een officieel verzoek van de Duitsers aan de Joodse Raad om lijsten met onderduikers te leveren. Op dezelfde pagina is dat gerucht al een feit geworden.” Ook later schrijven ze dat het ‘bijna zeker’ is dat de Joodse Raad die adressen had.

Zijn oordeel: “Het blijft een volkomen wankele theorie. Maar blijkbaar hebben ze besloten dat ze eraan vasthouden. Ze zullen er wel oprecht in geloven.”

3) Onderduik Arnold van den Bergh

Het is veel waarschijnlijker, zeiden historici na publicatie van het boek, dat Arnold van den Bergh onderdook aan het eind van de oorlog, in plaats van dat hij (het motief volgens het coldcaseteam) een adressenlijst verruilde voor het leven van zichzelf en zijn gezin. In het boek staat dat het team geen bewijs heeft gevonden voor onderduik in 1944.

Dat is een reden waarom ze hem verdacht vinden, schrijven ze in het boek. Maar mócht dat bewijs er toch zijn, dan haalt dat hun theorie niet onderuit, vindt het team. Want het is goed mogelijk dat Arnold van den Bergh vlak voor of tijdens zijn onderduik onder druk is gezet door een Jodenjager met wie hij samen heeft gewerkt, zeggen zij.

Onwaarschijnlijk, vindt Wallet. “Dat hij een lijst zou geven en daarna met rust gelaten werd, zou buitengewoon uniek zijn. Want het was gebruikelijk dat Joden die adressen van anderen gaven, dat moesten blijven doen, anders werden ze alsnog gedeporteerd. Het boek blijft pure speculatie.”

Lees ook:

Projectleider Anne Frank-coldcase: ‘Zes jaar integer onderzoek is uitgelopen op een hetze’

‘Het unieke aan ons onderzoek is dat het juist níet wetenschappelijk was’, zegt Pieter van Twisk, onderzoeksleider van Het verraad van Anne Frank. Hij vindt dat er sprake is van een hetze.

Haar oudoom verrader van de familie Frank? ‘Hij redde het leven van mijn moeder’

Is Arnold van den Bergh de verrader van Anne Frank, zoals het coldcaseteam beweert? Elise Tak heeft een totaal ander beeld van hem: ‘Hij redde het leven van mijn moeder.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden