Verrader Anne Frank

Historici fileren ‘amateuristisch’ onderzoek naar verrader Anne Frank, boek uit de handel gehaald

Een fotograaf aan het werk in het Anne Frank Huis in Amsterdam. Beeld AP
Een fotograaf aan het werk in het Anne Frank Huis in Amsterdam.Beeld AP

Het boek Het verraad van Anne Frank wordt onderuitgehaald in een uitgebreid wetenschappelijk rapport. Zo blijkt er wél bewijs te zijn dat de beschuldigde Joodse notaris onderdook. De uitgeverij neemt naar aanleiding van het rapport het boek uit de handel.

Rianne Oosterom

De theorie van een internationaal coldcaseteam dat de Joodse notaris Arnold van den Bergh de verrader is van Anne Frank, kan definitief de prullenbak in. Zes vooraanstaande historici publiceerden dinsdag een rapport van ruim zeventig pagina’s waarin zij talloze fouten in het boek Het verraad van Anne Frank aantonen.

De wetenschappers, onder wie hoogleraar Joodse geschiedenis Bart Wallet, concluderen na bestudering van een deel van de bronnen waarop het coldcaseteam zich beroept, dat het onderzoek ‘amateuristisch is uitgevoerd’ en dat de conclusies stoelen op ‘verkeerd brongebruik’ en ‘ondeugdelijke argumentatie.’

Uitgeverij Ambo Anthos haalt boek Het verraad van Anne Frank uit de handel

Uitgeverij Ambo Anthos laat dinsdagavond weten het boek Het verraad van Anne Frank uit de handel te nemen. “Op basis van de conclusies van het rapport hebben wij besloten dat het boek per direct niet meer leverbaar is”, meldt de uitgeverij.

Ambo Anthos roept de boekhandel op om de boeken die zij nog in voorraad hebben terug te sturen. De uitgeverij biedt ook “oprechte verontschuldigingen” aan mensen aan die door de inhoud van het boek geraakt zijn.

De theorie van het internationale coldcaseteam is dat de Joodse notaris Arnold van den Bergh als lid van de Amsterdamse Joodse Raad (het orgaan dat Joden vertegenwoordigde tegenover de bezetter) beschikking had over lijsten met onderduikadressen. Hij zou die aan de bezetter gegeven hebben om zijn gezin te redden.

Ondergedoken in Laren

Hij had daartoe de kennis, het motief en de gelegenheid, concludeert het coldcaseteam in het boek dat twee maanden geleden is verschenen, in 23 talen. Maar de historici halen de theorie, onder meer met aanvullend brononderzoek, op elk van die drie punten op gedetailleerde wijze onderuit.

Portret van de Joodse notaris Arnold van den Bergh.  Beeld Patrick Post
Portret van de Joodse notaris Arnold van den Bergh.Beeld Patrick Post

Zo vonden zij nieuwe bronnen die het overtuigend maken dat Arnold van den Bergh vanaf februari 1944 wél onderdook, het coldcaseteam vond hier juist geen aanwijzingen voor. Tot begin ’44 genoot de notaris bescherming tegen deportatie door de niet-Joods-verklaring die hij had bemachtigd via een speciale procedure.

Dat hij onderdook in Laren blijkt bijvoorbeeld uit het oorlogsdagboek van schilder Gerard Huijsser dat Aaldrik Hermans, één van de auteurs van het rapport, gewoon in zijn la had liggen. In het dagboek beschrijft Huijsser een ontmoeting met de Joodse notaris en zijn gezin, die bij zijn buurvrouw Jetske Hoeksema wonen.

De historici schrijven: ‘Waarom zou iemand uit de relatieve veiligheid van de onderduik komen om anderen te verraden?’ Dit ondergraaft volgens hen het motief dat het coldcaseteam de notaris toedicht. Het team zelf liet eerder al aan Trouw weten dat bewijs voor onderduik niets afdoet aan de ‘bewijslast of aan onze theorie’.

Het anonieme briefje

Verder laten de historici zien hoe slordig het brongebruik van het coldcaseteam is. Bijvoorbeeld als het gaat om het anonieme briefje dat Otto Frank na de oorlog door de bus kreeg. Daarop wordt Van den Bergh als de verrader aangewezen. Het team presenteerde dit als het belangrijkste fysieke bewijsstuk.

Op dat briefje staat bijvoorbeeld het verkeerde adres van de Zentralstelle, dat de deportatie van Joden uit Nederland organiseerde – iets wat het coldcaseteam totaal over het hoofd heeft gezien. Ook wordt de Zentralstelle op het briefje de ‘Jüdische Auswanderung’ genoemd, een term die volgens de historici helemaal niet gebruikt werd in die tijd.

Zij tonen ook aan dat de aantekeningen van de rechercheur die het anonieme briefje destijds ontving, verkeerd of soms helemaal niet zijn ontcijferd door het coldcaseteam. Naast dit briefje behandelen de historici nog vele andere casussen, bijvoorbeeld over allerlei misinterpretaties van bronnen rond de Joodse Raad.

Integere familieman

De onderzoekers hebben het rapport opgesteld vanwege ‘het gewicht van het Anne Frank-verhaal als het centrale, iconische verhaal van de Holocaust, waardoor Van den Bergh nu gepositioneerd is als de archetypische verrader’.

Ze schetsen zelf een ander beeld van de notaris door zijn leven voor en na de oorlog in kaart te brengen, waaruit blijkt dat hij een integere familieman was die zich juist inspande om anderen te helpen.

Pieter van Twisk, voorzitter van het coldcaseteam, heeft het rapport dinsdag ook gelezen. Hij ziet het niet als dolkstoot voor zijn theorie dat Arnold van den Bergh de waarschijnlijke verrader is. Het rapport is volgens hem ‘zeker interessant, maar het blijft een andere interpretatie van de feiten’.

Wel zegt hij dat als de gegevens uit het rapport kloppen, ‘die in ieder geval voldoende aanleiding geven voor de nodige aanpassingen en verbeteringen in een volgende druk’. Hij is ook blij dat het een net rapport is: ‘We worden niet opnieuw weggezet als oplichters, bedriegers, antisemieten en andere vreselijke kwalificaties’.

Lees ook:

De kleindochter van de Joodse notaris voelt zich ‘belazerd’ door het coldcaseteam

In de aanloop naar het verschijnen van dit rapport deed de kleindochter van Arnold van den Bergh voor het eerst haar verhaal. Mirjam de Gorter (62) voelt zich ‘belazerd’ en vindt dat zij op onethische wijze is behandeld.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden