Verengelsing

‘Have a cappuccino’, tegenwoordig ook in Rotterdam

Beeld Ilse van Kraaij

In Rotterdamse winkels en horecazaken spreekt het personeel steeds vaker Engels. Het irriteert sommige klanten, maar werkgevers hebben geen keus.

“One cappuccino please”, galmt het op een terras aan de Witte de Withstraat, de bekende uitgaansstraat in Rotterdam. Engels sprekende werknemers zijn bezig aan een opmars in de Maasstad. Cijfers zijn er niet, maar duidelijk is dat zij in trek zijn bij Nederlandse bedrijven. Dat was al bekend van Amsterdam, maar inmiddels wordt ook de binnenstad van Rotterdam – met veel minder toerisme en horeca – overspoeld met internationale werknemers.

De van oorsprong Spaanse winkelketen Zara staat er het meest om bekend. In de vestiging in de koopgoot van Rotterdam halen ze alles uit de kast om internationale studenten, migranten en expats aan het werk te krijgen, met succes. Jongeren uit Griekenland, Kroatië en Colombia staan er achter de kassa zonder een woord Nederlands machtig te zijn. Het bedrijf wil niet toelichten wat zijn beleid is.

Is dat erg? “We vinden het Nederlands overal een vereiste, waarom niet tijdens onze vrije tijd?”, klaagt iemand op Twitter. Maar directeur van Koninklijke Horeca Nederland (KHN) Dirk Beljaarts relativeert. Het moet kunnen, zegt hij: “Want de arbeidsmarkt is krap en de horeca groeit. Voor veel Nederlanders is het nog wennen. Natuurlijk houden ondernemers bij het werven en inwerken van medewerkers rekening met de taal. Toch staat of valt de acceptatie van gasten met de geboden gastvrijheid en service. En die kunnen wat ons betreft ook prima in het Engels geboden worden.”

Aanspreken in je eigen taal, het Nederlands

Theoretisch een mooi uitgangspunt, zegt Lotte Jensen, hoogleraar Nederlandse literatuur- en cultuurgeschiedenis aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Toch heeft zij de nodige bezwaren: “Het is juist gastvrij om je klanten aan te spreken in hun eigen taal, dat is het Nederlands.”

Jensen vertelt een anekdote over hoe een vreemde taal Nederlanders kan overvallen: “Ik wilde in Arnhem een vlierbessensap nemen, maar de ober sprak alleen Engels. Ik had geen idee hoe vlierbessensap in het Engels heet. Dus ik nam maar een apple juice. Dat is natuurlijk bizar.”

Jensen vindt het onzin dat het Engels altijd meer status toegekend krijgt dan andere talen. Daarover verschijnt binnenkort het boek ‘Against English’, waarin zij en haar mede-auteurs tekeer gaan tegen de verengelsing in de horeca en reclamebranche.

“Want die hiërarchie beïnvloedt ons denken. Ik ben voor het behoud van talen, en dan om te beginnen het Nederlands. Er zijn veel grote denktradities in het Spaans, Duits, Frans en Italiaans. Als je je louter beperkt tot het Anglo-Amerikaans, verlies je een wereldbeeld. Want taal is identiteit en bij taal horen een bepaalde kleuring, klanken, metaforen en manieren van uitdrukken.” Het is meer dan zakelijk communiceren, vat Jensen samen, er schuilt een cultuur achter.

Tenenkrommend Engels

De veronderstelling dat iedereen Engels beheerst, is volgens haar evenmin juist. Het steenkolenengels van Nederlanders vindt ze tenenkrommend. Uit eerder onderzoek bleek dat Nederlanders zichzelf in hoge mate overschatten als het gaat om Engels spreken.

Spreken we straks overal automatisch Engels? KHN-directeur Beljaarts denkt van niet: “Horecaondernemers en medewerkers doen er alles aan op de wensen van gasten in te spelen. Daar hoort soms ook bij een eventuele taalbarrière wegnemen. Gastvrijheid staat voorop.”

Lees ook:

Stop met Engelse uitdrukkingen, aan verengelsing heeft de krant niets

De verengelsing op Nederlandse universiteiten genereert zowel toenemende zorg als kritiek, maar hoe gaat de Trouw-redactie met Engelse of anderstalige woorden om? De ombudsman deed onderzoek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden