Slavernijverleden

Guno Mcintosh gaat zijn achternaam veranderen als dat gratis wordt: ‘Dit is een verlossing’

Guno Macintosh. Beeld Martijn Gijsbertsen
Guno Macintosh.Beeld Martijn Gijsbertsen

Het Nationaal Instituut Nederlands Slavernijverleden is blij dat de stad Utrecht aandringt op het gratis wijzigen van namen uit de slaventijd. Voor sommigen komt de stap nu dichtbij, zoals voor Guno Mcintosh.

Sybilla Claus

Toen de slavernij in 1863 werd afgeschaft, moesten alle tot slaaf gemaakten voor het eerst een achternaam krijgen. Dat was een voorwaarde van de koloniale overheid om van ‘bezit’ te veranderen in ‘burger’. Aan velen werd die naam opgelegd door gouvernement of eigenaar, als laatste brandmerk. Sommigen konden zelf kiezen, zoals de voorouders van Linda Nooitmeer. Zij is voorzitter van het Nationaal Instituut Nederlands Slavernijverleden en Erfenis, kortweg Ninsee. Met die opvallende achternaam zit zij duidelijk aan de verzetskant van het slavernijverleden.

“Het betekent erkenning dat Utrecht deze stap zet”, reageert Nooitmeer op het nieuws dat deze gemeente vindt dat een naamsverandering gratis moet zijn, wanneer er een link is met het slavernijverleden. Het Ninsee kreeg vanochtend al tientallen reacties van mensen die de naamswijziging willen. Guno Mcintosh is een van hen: “Dit is een doorbraak, dit is verlossing”.

Guno Macintosh. Beeld Martijn Gijsbertsen
Guno Macintosh.Beeld Martijn Gijsbertsen

Utrecht gaat inventariseren hoeveel mensen van naam zouden willen veranderen als dit gratis wordt. De hele procedure doorlopen kan namelijk tot duizenden euro’s kosten, waarbij een psychologisch onderzoek verplicht is. “Opmerkelijk, alsof er iets mis is aan de persoon die het aanvraagt”, zegt Nooitmeer. “Dat psychologisch onderzoek moet vervallen.”

Fluiten naar het geld

Als het verzoek tot naamswijziging wordt afgewezen, is het fluiten naar het geld. Justis, de screeningsdienst van het ministerie van justitie en veiligheid oordeelt hierover. Utrecht wil in december helder hebben hoeveel inwoners hun achternaam willen veranderen en of de stad dit zelf kan bekostigen. Utrecht heeft er samen met Amsterdam, Rotterdam en Den Haag bij het Rijk voor gepleit deze kosten te schrappen.

Nooitmeer van Ninsee weet van mensen die na DNA-onderzoek en een reis naar Afrika al een Afrikaanse naam hebben aangenomen. “Anderen ergeren zich aan hun naam die eigenlijk niks betekent en duidelijk gegeven is.”

Kracht in de naam

“Ik vind mijn achternaam belangrijk omdat hij kracht uitstraalt”, zegt Nooitmeer. Zo zijn er ook achternamen ontstaan als Victorie of Vrijheid. “Toch zit zelfs aan onze naam een schrijnend verhaal. De ambtenaren oordeelden dat er te veel Nooitmeers zouden komen en daarom heet de ene helft van de familie gedwongen Nimmermeer.”

Nederland wordt zich steeds bewuster van de impact die slavernij nog steeds heeft, aldus de voorzitter. “Alles wat tot slaaf gemaakten mens maakte, is hun afgenomen, ook de naam. Een ambtenaar verzint een achternaam en daar moet je het generaties mee doen. Dat is nogal wat.” Hoe krachtig Nooitmeer ook klinkt, dan is er toch ook altijd de associatie met slavernij? “Die associatie is er altijd in het racisme van alledag. Kijk naar de achtergestelde positie van mensen met een Afrikaanse achtergrond. Het slavernijverleden is altijd met het heden verbonden”, antwoordt Nooitmeer.

Kracht van voorouders

“Leun je achterover of denk je: er is veel te doen?”, is volgens Nooitmeer de kernvraag. “Zo’n basishouding krijg je mee van je opvoeders. Mijn naam is fijn voor mij, en erkent de kracht van mijn voorouders. Maar dat betekent niet dat dat degenen met een gegeven naam geen kracht voelen.” Hoe zit dat met de achternaam van Anton de Kom? “Die is afgeleid van plantage-eigenaar Mok. Het bewijst dat je ook met zo’n naam in hele moeilijke tijden anderen kunt inspireren.”

In de gemeente Utrecht woont Guno Mcintosh. Hij denkt er al langer over zijn achternaam te veranderen, en als het gratis wordt gaat hij dat zeker doen. De naam Nooitmeer noemt hij ‘geweldig’, in tegenstelling tot zijn eigen achternaam die van een Schotse plantage-eigenaar zou stammen. “Vanuit de destijds Engelse kolonie Barbados zijn veel mensen naar Suriname gereisd, die heten bijvoorbeeld McArthur of McDonald.”

Wat stoort hem aan zijn naam? “Die heeft mij zeker geholpen bij mijn carrière in het bedrijfsleven. Maar nu ik ouder word, en ben gaan reizen, realiseer ik mij dat naamgeving heel belangrijk is. Mijn achternaam draagt de slavernij van mijn voorouders. Voor vrienden heb ik mijn voornaam al veranderd in Yaw, dat betekent geboren op donderdag.”

Geweldige doorbraak

Ook Mcintosh benadrukt dat hij altijd racisme heeft moeten verduren. “De gratis naamsverandering is een geweldige doorbraak.” Twee jaar geleden ging hij op pelgrimstocht naar Ghana en de slavenkust. “Je naam en taal zijn een krachtig onderdeel van je identiteit. DNA-onderzoek hoeft van mij niet. Ik beleefde daar echt een homecoming, en voel in de geest wie ik ben.” Welke naam het gaat worden? “Daar ga ik heel zorgvuldig over nadenken.”

Nooitmeer waardeert de stap van de gemeente Utrecht in het proces van heling dat Nederland doormaakt. “Maar denk niet dat naamsverandering makkelijk is, want het kan distantie scheppen met de rest van je familie.”

Van Boomstruik tot Boschrand, van Joure tot Schiedam

Er was een Nederlandse commissie die oordeelde over de nieuwe achternamen voor alle tot slaaf gemaakten, toen het eind van de slavernij in 1863 naderde. Verschil moest er blijven, daarom mochten de namen niet typisch Nederlands lijken. Zodoende zijn varianten ontstaan als ‘Boomstruik’, ‘Wijntak’ en ‘Boschrand’. Janssen mocht niet, Janzen wel.

Een makkelijke greep was iemand noemen naar een slavenhouder, zoals Vriesde (afgeleid van De Vries) of Bilkerdijk (naar Bilderdijk). Een andere optie was een vernoeming naar Nederlandse of Europese plaatsnamen zoals ‘Joure’, ‘Jutphaas’, ‘Scheveningen’, ‘Schiedam’ of ‘Sion’. Soms werd het zelfs de naam van een plantage, zoals ‘Eendragt’ of zoals in het geval van Anton de Kom naar plantage-eigenaar Mok.

Lees ook:

Onderzoek toont aan: ook Utrecht verdiende dik aan slavernij

Utrechtse bestuurders en zakenlieden hebben in de zeventiende en achttiende eeuw grootschalig geprofiteerd van slavenhandel en slavenarbeid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden