Schapenboer Jos Verhulst is boos: voor de derde keer in korte tijd zijn schapen doodgebeten.

ReportageWolven

En weer vallen de schapen van boer Jos ten prooi aan een wolf, ‘dat moordlustige beest’

Schapenboer Jos Verhulst is boos: voor de derde keer in korte tijd zijn schapen doodgebeten.Beeld Koen Verheijden

Voor de derde keer in een week tijd treft Jos Verhulst een slachting aan onder zijn schaapskudde rond Heusden. In totaal zijn er nu 43 dieren van hem doodgebeten. Het werk van een wolf, zegt hij resoluut. Dat denkt ook het wolvenmeldpunt.

Het klinkt misschien gek, zegt Jos Verhulst, maar het aangevreten karkas van een van zijn lammetjes doet hem nog het minste pijn. Hier is de wolf tenminste nog aan zijn gerief gekomen. Een van de voorpoten ligt aan de andere kant van de dijk, als stil bewijs dat de dader ook nog een hapje voor onderweg in gedachten had. Zou de wolf één schaap te grazen nemen en lekker oppeuzelen, boer Jos had het kunnen hebben. Maar om er nu elf bij de strot te bijten en domweg achter te laten, dat kan er bij hem niet in. “Een moordpartij”, fulmineert Verhulst, alsof de wolf over zijn daad zou hebben nagedacht.

De dijk tussen Hedikhuizen en Bokhoven, stipjes op de Brabantse kaart, doet het goed bij fietsers. Evenwijdig aan de Maas trappen ze de kilometers weg. Het geluid komt hier van vogels, blatende schapen en het gemaal in de Groenendaalse Wetering. In de verte beregent een boer zijn land, een opa en zijn kleindochter proberen bevers te spotten. Het is een prachtige dag in de natuur.

Her en der dode dieren

Maar ’s nachts toont die natuur zich van haar wrede kant. De wolf, voor zover daar nog twijfel over bestaat, is hier het gesprek van de dag. Vrijdag en zaterdag verloor Verhulst een paar kilometer verderop al 32 schapen aan het roofdier, vandaag kan hij er nog elf bij dat aantal optellen. Vergeef hem zijn grote woorden als hij praat over ‘dat moordlustige beest’’ Her en der op de dijk liggen zijn dode dieren. Sommige hebben nog uren moeten lijden voordat ze door de dierenarts zijn verlost. Als een lammetje aan zijn dode moeder hangt in de hoop nog melk te ontvangen, breekt Verhulst. “Kijk nou toch”, roept hij. “De tepels worden bijna afgerukt.”

Hij wil het niet meer aanzien. Of nee, hij kán het niet meer aanzien. Aan het waterschap heeft Verhulst al meegedeeld dat hij vandaag nog al zijn schapen weghaalt. Het landschapsbeheer op de dijk moet voorlopig, of misschien voorgoed, maar met de maaier plaatsvinden. Verhulst gaat, zoals hij het zegt, geen dieren meer klaarzetten om ze ’s nachts te laten doodbijten. “De wolf kan in de omgeving gaan zoeken naar nieuwe dieren, maar niet meer bij boer Jos. Ik heb deze dijk veertig jaar beheerd, het is mooi geweest.”

De kuddes die enkele dagen geleden werden aangevallen, heeft hij al naar de overkant van de Maas gebracht. Dat geeft geen garantie voor veiligheid, wolven kunnen prima zwemmen, maar is in elk geval beter dan hen hulpeloos hier achter te laten. Naar binnen halen, is voor Verhulst geen optie. “Het is belangrijk dat de overgebleven schapen nu zo snel mogelijk tot rust komen. In een weiland met goed gras kunnen ze herstellen. Een schaap is een buitendier, die moet je niet in een stal stoppen. Dan wordt de ellende nog groter.”

Bij de strot gegrepen

Het is een macaber gezicht om de levende schapen tussen de dode te zien lopen. Een voor één tilt Verhulst de doden op een aanhangwagen. De verwondingen tonen opvallende overeenkomsten, alle schapen zijn letterlijk bij de strot gegrepen. Verhulst heeft in al die jaren vaker aanvallen meegemaakt, dit ziet hij voor het eerst. “Honden bijten waar ze bijten kunnen, een vos benadert een schaap van achteren. De wolf laat het schaap intact, maar verpulvert de strot zodat die stikt. En dan laat hij het liggen en loopt hij naar de volgende. Je snapt het toch niet?”

‘Typerend voor het jachtinstinct van een wolf’

Om zekerheid te krijgen over de aanvaller, doet de provincie Noord-Brabant DNA-onderzoek bij de verwondingen van de doodgebeten schapen. Glenn Lelieveld, coördinator van het Wolvenmeldpunt van de Zoogdiervereniging, hoeft de uitslag niet af te wachten. “Ik twijfel er niet aan: het is een wolf. Het type verwondingen dat ik heb gezien, de hoeveelheid schapen: geheel volgens het boekje.” Zo’n massaslachting is typerend voor het jachtinstinct van roofdieren, zoals het ook normaal is hoe de schapen reageren. “Schapen zijn mak, te veel gedomesticeerd.” Lelieveld pleit daarom voor ander overheidsbeleid. “Nu is dat vooral monitoren, taxeren en compenseren van de schade, terwijl preventie beter is. Bijvoorbeeld door boeren te helpen met hekken en stroomdraden rond kuddes.” Volgens Nu.nl stelt de provincie Noord-Brabant vanaf nu stroomnetten beschikbaar aan boeren.

Lees ook:

De bloeddorstige wolf, ‘wen er maar aan’

De regeling om schapenhouders financieel te steunen bij preventieve maatregelen om aanvallen door een wolf tegen te gaan, moet worden uitgebreid, vindt de Zoogdiervereniging. Want willekeurige bloedige aanvallen op grazend vee zullen blijven voorkomen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden