Twee passanten maken een foto van grenspaal 219 aan het Heieinde in Meersel-Dreef.

Nederland op slot

Elf weken lang vertelden Nederlanders hoe ze de lockdown doorbrachten en wat blijkt? We blijven enorm optimistisch

Twee passanten maken een foto van grenspaal 219 aan het Heieinde in Meersel-Dreef.Beeld Arie Kievit

In de pandemie blijven veel Nederlanders onstuitbaar optimistisch, zag verslaggever Emiel Hakkenes. Een terugblik op zijn verslagen uit het land in lockdown.

De deur is op slot. In Galder doorkruisen fietsers en motoren het dorp, maar een kaarsje opsteken in de Sint-Jacobskapel zal niet gaan. De kapel is toegewijd aan de apostel Jacobus, patroonheilige van apothekers, drogisten en dierenartsen, maar nu het land is gesloten is de kerkdeur dat ook.

Elf weken lang vertelden Nederlanders hoe zij de lockdown doorbrengen. Ik zocht hen op van Delfzijl tot Zierikzee en van Schagen tot Roermond, gedreven door nieuwsgierigheid en een gevoel van urgentie. Want, stelt de Canadese filosoof Charles Taylor: ‘De bespiegelingen en overwegingen van niet-elitaire groepen worden bijna per definitie niet overvloedig opgetekend’. Daar ligt een schone taak voor de verslaggever. Voor pandemieën geldt bovendien, volgens Amerikaanse medisch historicus Charles Rosenberg, dat zij lijken te verdwijnen in de tijd, zonder veel sporen achter te laten. In de ooggetuigenverslagen van de vaderlandse geschiedenis die Geert Mak bundelde, komt de Spaanse griep bijvoorbeeld niet aan de orde, in de Wereldgeschiedenis van Nederland evenmin. Terwijl zo’n wereldwijde ziekte ons allen raakt, toen en nu, zonder aanzien des persoons.

Scherpe scheidslijnen

De laatste rit in deze reeks voert naar Galder, onder Breda, op de grens. Als het coronavirus iets in ons heeft gewekt, is het wel het besef van grenzen. Het virus begrenst ons leven op talloze manieren: de damclub komt niet bijeen, de bowlingbaan is gesloten, het vervoersbedrijf trok een grens van plexiglas tussen de buschauffeur en zijn spaarzame passagiers. Een begrafenis bijwonen is een brug te ver, naar de kerk gaan nicht in Frage. De regering trok scherpe scheidslijnen tussen wat voor de mens een essentiële levensbehoefte is en wat niet: likeur wel, literatuur niet. De slijter noch de boekhandelaar zag er de logica van in.

In Galder toert een stoet Harley Davidsons door het dorp. Transparant is de lucht op deze hemelsblauwe dag. Maar net als de kapel is het dorpscafé, op het kruispunt met de kasseienweg, gesloten. In de lockdown zijn er voor de passanten geen versnaperingen.

Verderop, waar twee landwegen en een zandpad elkaar raken, is er een oploopje. Thomas Belligh (27) en Margot Ketels (25) zijn er. Ze kwamen daarnet aanrijden op identieke huurfietsen, allebei getooid met zonnebril en rugzak. Ze werken aan de universiteit van Gent; als wetenschappers zijn ze gewend aan internationale samenwerking. “Ik had nooit kunnen vermoeden dat wij op een dag zelfs niet meer binnen de EU zouden mogen reizen”, zegt Belligh. Ketels: “We zijn opgesloten, kun je zeggen”.

Naast de mestsilo van de kippenschuur

We bevinden ons exact op de grens van Nederland en België. Die wordt gemarkeerd door een paal in de tuin van een boerderij, achter een haag, naast de mestsilo van de kippenschuur. Een tv-programma plaatste hier onlangs een ludiek bord. Wandelaars en fietsers maken er foto’s van, anderen maken weer foto’s van het maken van de foto’s. En óf wij ons bewust willen zijn van onze grenzen.

De Belgische politie maakt een praatje. Beeld Arie Kievit
De Belgische politie maakt een praatje.Beeld Arie Kievit

Vorig voorjaar stonden in deze buurt blokkades – alsof een zeecontainer, overdwars geplaatst op een landweg, het virus buiten de landsgrenzen zou houden. Ondertussen leerden we ervan: de vriend van vandaag kan de vijand van morgen zijn. Buren die al decennialang zonder kloppen binnen mochten komen, moesten nu buiten blijven. De grens die niet meer scheen te bestaan werd gauw gelokaliseerd, een barrière was snel opgeworpen. Waarin een microscopisch klein virus groot kan zijn.

Zijn discipline is taalpsychologie, vertelt Thomas Belligh. Die van Margot Ketels is gezondheidswetenschap. “Ik ben in geen jaar op de universiteit geweest”, zegt Ketels. Belligh: “Conferenties zijn er niet, het is uitsluitend telewerken”.

De haardracht toont wie aan welke zijde van de grens woont

Een kleine troost: in Vlaanderen kunnen mensen alweer naar de kapper. Maar de autoriteiten hebben laten weten dat Nederlandse klandizie in de Belgische salons niet wordt geapprecieerd. Zo toont de haardracht ons wie aan welke zijde van de grens woont.

In het gesloten land, zo bleek de afgelopen weken, laten Nederlanders zich niet uit het veld slaan: de kapster uit Kraggenburg bracht stamppot aan de man, de chef-kok uit Zeist schilderde de plinten in het restaurant, beveiligers deden reparaties in het museum in Assen. Er bleek een onstuitbaar optimisme te bestaan: op een dag die niemand nog kent, zal de pandemie voorbij zijn en gaat het land weer open. Geen mens die daaraan twijfelde.

‘Nieuw normaal of terug naar het oude?’

Wybren en Liselotte Vlietstra uit Berlicum, bij Den Bosch, zouden op skivakantie gaan, vertellen ze bij de Belgische grenspaal. De reis naar de sneeuw ging niet door. Omdat ze drukte liever mijden, trokken ze op deze voorjaarsdag niet naar het bos of de hei maar naar hier, om met eigen ogen het paaltje achter de haag te zien.

Of corona hun levens begrenst? “Vandaag is mijn broer jarig”, zegt Liselotte (35). “Een feest met de familie is nu niet toegestaan.”

Wybren (43) werkt voor een internationale firma die van Aruba tot India apparatuur aan ziekenhuizen levert. “Als ik alleen maar even naar Brussel moet, moet ik al een stapel brieven en verklaringen meenemen”, zegt hij.

Zal corona ons leven blijvend inperken? Thomas Belligh: “Holder de bolder van hot naar her reizen is misschien niet altijd nodig. Dat leren we nu.”

Liselotte Vlietstra: “Ik vraag mij af of we terug gaan naar het oude normaal, of dat er een nieuw normaal ontstaat.”

Wybren Vlietstra: “Na de Spaanse griep kregen we de roaring twenties. Misschien gebeurt dat nu ook wel.”

Bij de toegang hangt een papier met regels

Naast de boerderij worden de camera’s en telefoons weer weggestoken. Wielrenners klikken hun schoenen aan de pedalen, motorrijders zwaaien het been over het zadel. Een ouder echtpaar neemt plaats in een cabriolet. Wie hier de weg volgt en Nederland achter zich laat, komt in Meersel-Dreef. Er staat een kapel, toegewijd aan Sint Lucia van Syracuse, patroonheilige van de blinden, en aan Sint-Quirinus, die wordt aangeroepen tegen veeziekten en pest. Bij de toegang hangt een papier met regels: er mogen niet meer dan vier personen naar binnen, en alleen als zij een mondkapje dragen en onderling anderhalve meter afstand bewaren. Er staat: “Zorg goed voor jezelf en elkaar in deze moeilijke tijden”. De kerkdeur is op slot.

Hiermee eindigt de reeks ‘Nederland op slot’.

Lees ook:

In dierenpark Amersfoort missen de apen het mensenkijken

Het land is gesloten. Hoe brengen Nederlanders de lockdown door? Dierverzorger Willem Verdonck ziet dat leven en dood altijd doorgaan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden