Cursus leefplezier Les 2: hoe gaan we wonen?

Een woongroep die voelt als een dorp: ‘Ik leef hier mijn eigen toekomst’

Beeld Roos Pierson

Hoe houden young elderly persons (yeps) hun leven vitaal en zinvol? Met het zoeken naar een woning voor later kun je niet vroeg genoeg beginnen.

Nasiema Hasanradja (67) probeert al een kwartier te omschrijven wat er zo prettig is aan woongroep De Eijk in Hoofddorp. De docent Nederlands woont nu een jaar in dit voor Nederland unieke appartementencomplex op steenworp afstand van het centrum, waar twintig van de 86 woningen zijn bestemd voor migranten, vanaf 55 jaar. “Het is fijn en uitdagend om met zoveel verschillende nationaliteiten te wonen. En de bewoners variëren ook in leeftijd.”

“Juist de diversiteit is zo aantrekkelijk”, zegt de Marokkaanse Rabia Azaay (66) die aan dezelfde galerij woont als Hasanradja. Marokko woont hier naast Suriname, met Nederland er tussenin. “En het is hier géén bejaardentehuis”, zegt ze nadrukkelijk. “Iedereen kan hier volledig op zichzelf wonen, maar je mag met andere samenleven.” 

Dat gebeurt volop. Elke vrijdagavond wordt er voor elkaar gekookt en samen gegeten. Hasanradja geeft wekelijks taalles aan wie dat wil, en er kan gehandwerkt worden, er zijn lezingen. “En als ik er een keer niet ben, krijg ik een appje met de vraag of alles ok is. Gewoon uit belangstelling.”

En na dat kwartier vol loftuitingen zegt Hasanradja het in een zin: “Ik voel me hier alsof ik weer in Nieuw-Nickerie woon, het Surinaamse dorp waar ik ben opgeroeid, een hechte gemeenschap waar echt werd samengeleefd.”

De droom van Glenn Hussain staat er

Een groter compliment kan Glenn Hussain niet krijgen. Hij is de initiatiefnemer van de eerste multiculturele woongroep waarin migrantenouderen uit landen als Marokko, Palestina, Irak, Iran en Suriname samenleven met senioren die in Nederland geboren zijn. Twaalf jaar is hij ermee bezig geweest, na het overlijden van zijn schoonmoeder. “Ze was eenzaam in de laatste jaren van haar leven, vooral doordat zij geïsoleerd woonde. Dat moet anders kunnen”, dacht Hussain, die op dat moment niet wist dat het zo lang zou duren voordat hij een woningcorporatie, in dit geval Woonzorg Nederland, zo ver kon krijgen om daadwerkelijk voor deze groep te bouwen. 

Wooncomplex De Eijk in Hoofddorp Beeld Roos Pierson

Maar zijn droom staat er: een wooncomplex voor ouderen met een verschillende achtergrond en leeftijd, zodat de bewoners iets voor elkaar kunnen betekenen.

Volgens hem is dit het wonen van de toekomst. Als we toch allemaal langer thuis moeten blijven wonen, is een locatie dichtbij de voorzieningen belangrijk. Voor senioren gelden immers de drie A’s: Arts, Apotheek en Albert Heijn. Als die maar in de buurt zijn. Maar ook het gemeenschapsgevoel, waardoor iedereen een beetje naar elkaar omziet, telt. Voor medische ondersteuning en verzorging op latere leeftijd kunnen professionals worden ingeroepen. Ook de diversiteit vindt Hussain belangrijk. Zo blijven de bewoners elkaar uitdagen en stimuleren.

Prijsvraag
Oud, daar moet een beter woord voor zijn

We worden als baby geboren, dan worden we peuter, kleuter, tiener, puber. Zodra we volwassen zijn, worden we naar kleur ingedeeld: we zijn bakfietsmoeder, laagopgeleide, conservatief, populist. Zijn we de 65 gepasseerd, dan lijken al die verschillen verdwenen en duidt men ons aan met één woord: oud. Of, eufemistisch, met senior of 65-plusser. En dat blijven we decennialang, tot onze dood.

Kortom: het huidige vocabulaire doet de ‘jongere oudere’ ernstig tekort. De nieuwe derde levensfase vaagt om nieuwe woorden. De redactie van Trouw bedacht de young elderly person (yep), maar er moeten mooiere woorden zijn. Heeft u een suggestie? Stuur uw idee naar yep@trouw.nl, en een jury met columnist Nelleke Noordervliet, presentator van radioprogramma ‘De Taalstraat’ Frits Spits, taaldeskundige Ton den Boon en Pieter Hilhorst van de Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving (RVS) beloont in oktober de winnaars.

Een bijzonder straatje in een streekdorp van aardappelen

Zo’n 160 kilometer verderop, in het Friese Sint Annaparochie, gebeurt iets soortgelijks, maar dan op een totaal andere wijze. In dit streekdorp van aardappelen en bieten wordt het meest bijzondere straatje gevormd door een gangetje, tussen twee huizenblokken in. Corporatie Wonen Noordwest-Friesland heeft hier afgelopen jaar levensloopbestendige woningen (vanaf 55 plus) gebouwd, gecombineerd met eengezinswoningen voor jonge gezinnen. 

Frits en Hillie Weijer (ze lopen tegen de 80) vinden het geweldig, vooral Hillie. “Ik kijk vanuit mijn tuintje zo tegen springende kinderen op de trampoline van de Poolse buren aan. Ik vind dat leuk en blijf er jong van. We maken een praatje en blijven zo op de hoogte van het leven van de schoolgaande jeugd.” En misschien doen ze in de toekomst wel een boodschapje voor de Weijers, als dat zo uitkomt. Althans dat is een beetje de bedoeling van de woningbouwcorporatie. Die twee aparte groepen moeten elkaar versterken. En tegelijk doet de corporatie zo iets tegen de krimp. Met zulke woningen kunnen oudere bewoners langer in Sint Annaparochie blijven wonen.

Er gebeurt veel op de woningmarkt voor de yep. En dat is nodig ook. Door de vergrijzing wonen zo’n 3,2 miljoen 65-plussers zelfstandig, van wie er 1,2 miljoen ouder zijn dan 75. Vooral boven die leeftijd neemt de kans op gebreken toe: in 2015 had 80 procent van de 75-plussers twee of meer chronische aandoeningen. In 2030 zullen ruim 1 miljoen ouderen in Nederland ‘kwetsbaar’ zijn. Het tekort aan woningen voor deze groep is opgelopen tot 100.000 en dat neemt jaarlijks met nog eens 20.000 toe.

Tip van Barbara van Straaten van Platform31

Verleid ouderen met een aantrekkelijk concept

“Mag ik ook een advies geven aan beleidsmakers en bouwers geven? Je hoort vaak dat ouderen niet willen verkassen naar woningen die beter bij hun situatie passen. Maar het grote succes van de aantrekkelijke nieuwbouwcomplexen waarbij het accent ligt op wonen in plaats van zorg, ontkracht dat ze op hun eigen plekje willen blijven. Als ze maar verleid worden. Op weg naar een levensloopbestendig appartement laten ze dan een ruime woning leeg achter. En die heeft Nederland hard nodig.”

Uit het onderzoek ‘De yep van tegenwoordig’ van I&O Research in opdracht van Trouw, blijkt dat ouderen zich daar niet echt zorgen om maken. Iedereen wil zo lang mogelijk thuis blijven wonen, maar 70 procent onderneemt geen enkele actie om dat mogelijk te maken. Toch is het voor die mensen zaak om ruim voor het zeventigste levensjaar uit te kijken naar een levensloopvriendelijke woonomgeving, zegt Yvonne Witter, sociaal-gerontoloog bij Aedes, de koepel van woningcorporaties. “Oud worden, begin er jong mee, zeg ik altijd maar.” Waarover straks meer.

In bungalowtjes bij het bos wonen vooral jongeren

Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, want wie heeft er in zijn vitale zestiger jaren zin om met de makelaar gezellig naar een seniorenflat of een aanleunwoning te zoeken? Het goede nieuws is: die bestaan nog amper. Zijn de bejaardentehuizen inmiddels afgebroken of herbestemd, kleine bungalowtjes aan de bosrand worden vooral door jongeren bewoond.

Dat wil niet zeggen dat er voor jonge ouderen geen aanbod is, al is dat wel afhankelijk van de woning waarin zij op dit moment wonen. Ruim 1 miljoen yeps bezitten een koopwoning en kunnen met hun doorgaans riante overwaarde investeren in nieuwbouw. Barbara van Straaten probeert bij kennisnetwerk Platform31 nieuwe woonvormen voor ouderen te stimuleren, vooral door de goede voorbeelden in kaart te brengen.

Beeld Roos Pierson

“Jonge senioren zijn allergisch voor alles wat met oud en ziek te maken heeft”, zegt ze. “Ik krijg zelf ook een grijs-permanentjes-gevoel bij de term aanleunwoning.” De ontwikkelaar van ‘Park Entree’ in Schiedam heeft daar iets op gevonden, zegt ze. Die spreekt van ‘de eerste woonbuurt in Nederland voor actieve senioren die het maximale uit het leven willen blijven halen’. Een gastvrouw zorgt voor gemeenschappelijke activiteiten. Zorg kan los worden ingekocht. Wonen met een plus, noemen ze dat. 

De luxe-appartementen zijn gebouwd vanuit dezelfde gedachte als die van migrantenwoongemeenschap De Eijk in Hoofddorp, maar dan voor het middensegment. En ze gaan aan warme broodjes over de toonbank. Van Straaten: “Als je met een aantrekkelijk concept komt, zijn die zestigers dus wel degelijk bereid om over hun toekomst na te denken en te verhuizen naar een woning die beter bij hen past.” Het wemelt van zulke projecten, aan het water of bij de golfbaan, maar ook midden in de stad.

Middeninkomens tussen wal en schip

Die babyboomers met overwaarde vinden hun weg wel. Een grotere opgave is het volgens Van Straaten om de 750.000 mensen met een corporatiewoning en de ruim 300.000 die in een andere huurwoning leven, in de toekomst te huisvesten. De corporaties zijn hard bezig, laten de voorbeelden in Hoofddorp en Sint Annaparochie zien. Maar vooral de middeninkomens zijn kwetsbaar, zegt Van Straaten. “Die komen niet in aanmerking voor levensloopbestendige woningen van de corporaties, maar kunnen ook niet de vrije markt op.” 

Tip van Pieter van Hulten van Aedes

Laten we een beetje op elkaar letten

“Tien jaar geleden zeiden we als het om ouderenhuisvesting ging: overheid regelt het. Maar die tijd is voorbij. We moeten het nu veel meer met elkaar doen en dat zijn we verleerd. We moeten op zoek naar goede woningen, maar ook naar een nieuwe omgang. Niet dat we elkaar allemaal moeten verzorgen als we ouder worden, maar een andere mentaliteit van ‘ik let wel een beetje op je’ is wel nodig als we langer thuis willen blijven wonen.”

Ook zij kunnen weliswaar zelf het initiatief nemen, maar banken zijn huiverig om ouderenprojecten te financieren, zeker als er gemeenschappelijke ruimten zijn. Bovendien: bouwgrond is schaars.

Volgens Yvonne Witter, de sociaal-gerontoloog van Aedes, is je voorbereiden op langer thuiswonen niet alleen een zaak van stenen, maar ook van sociale infrastructuur. “Het is een feestje dat we nog nooit zo oud zijn geworden, maar het dwingt ook tot nadenken.” Ze vindt dat iedereen zich moet afvragen: als ik alsmaar ouder word én langer thuis moet blijven wonen, wat is mijn behoefte dan? En het antwoord hoeft niet te zijn: dan dien ik te verhuizen.

Ze geeft het voorbeeld van een doorsnee flat in Rijswijk, waar iedereen rustig zijn leven leidde, maar wel langs elkaar heen. “Twee corporaties hebben daar, met de gemeente en zorgorganisaties, een flatcoach aangesteld die bij de mensen langsgaat en probleempjes signaleert. Daarvoor zoekt hij dan praktische oplossingen.” Die variëren van een handgreep in de douche tot een bezoek van de thuiszorg. Verder helpt hij bij allerlei gemeenschappelijke activiteiten die de bewoners zelf organiseren. “Dat complex bruist nu. Zonder één steen te verplaatsen, is de sociale context totaal veranderd en kunnen oudere bewoners daar beschermd, verzorgd en veilig ouder worden, gewoon tussen de gezinnen en de jongere stellen die daar ook wonen.” 

Als dan de gemeente ervoor zorgt dat de voorzieningen in de buurt op peil blijven, kan zo’n complex weer jaren mee. Wat Witter maar wil zeggen: dat is ook een antwoord op de toename van het aantal oudere bewoners.

Knarrenhof is gedateerd

Die mix van generaties is een opkomend fenomeen. Niet de leeftijdscategorie, maar vooral de woonbehoefte staat daarin centraal. Een ‘knarrenhof’ waarin ouderen van dezelfde leeftijd klitten, is daarmee al gedateerd. Want waarom zou je samen eerst 60, dan 70 en straks 80 of krakend 90 willen worden, als dat ook kan tussen mensen die nog wat vitaler zijn en eventueel een boodschapje voor je kunnen doen?

Volgens Aedes experimenteren veel corporaties met een mix van doelgroepen als ouderen, starters en statushouders, en mensen met een verstandelijke beperking. Die hebben weliswaar allemaal een andere achtergrond, maar vaak wel dezelfde woonbehoefte: een wat kleiner appartement, maar volop in het leven. In De Schuilenburg in Raalte wonen zelfs (jonge) ouderen in een zelfde complex als jongeren met een beperking. Ze ontmoeten elkaar in de eigen bakkerij en buurtwinkel, bij de kapper, de fysiotherapeut of de inpandige voetspecialist. Ze hebben veel aan elkaar.

Datzelfde ervaart Rabia Azaay van woongroep De Eijk in Hoofddorp dagelijks. “Mijn man overleed toen hij 42 jaar was en ik heb in mijn eentje vier kinderen opgevoed, met succes. Mijn kinderen wilden dat ik nu ik wat ouder word, bij hen kwam wonen. Maar hoe moet dat, als zij overdag werken? Zonder overleg heb ik mij voor dit appartement in Hoofddorp ingeschreven. Ik leef hier mijn eigen toekomst.”

Een cursus leefplezier

Op www.trouw.nl/yep vindt u alle uitkomsten van ‘De yep van tegenwoordig’, het onderzoek onder 55- tot 75-jarigen dat I&O Research deed in opdracht van Trouw. U kunt er de test doen: wat voor een yep bent u? Ook vindt u er onze podcast met Hans Marijnissen en Marten van de Wier, de makers van de cursus leefplezier. Die zesdelige cursus wijst u de weg naar een lang en gelukkig leven. Dit is aflevering 2.

1 Hoe zorgen we voor onszelf? 
2 Hoe gaan we wonen? 
3 Blijven we werken? Vrijdag 20 september
4 Hoe gaan we dit betalen? Woensdag 25 september
5 Hoe houden we interessante vrienden? Vrijdag 27 september
6 Hoe blijven we zinvol? Woensdag 2 oktober

Lees ook:

Vitale ouderen weigeren zich voor te bereiden op de zorg die ze later nodig hebben

De nieuwe generatie ouderen is onvoorbereid op de levensfase waarin zij afhankelijk worden van zorg. Hoewel de overheid zich steeds verder terugtrekt en de personeelstekorten in de zorg fors toenemen, gaat een grote meerderheid ervan uit dat de staat zich straks over hen ontfermt – ten onrechte.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden