Excuses

‘Een misdaad tegen de menselijkheid’: Utrecht biedt excuses aan voor slavernijverleden

null Beeld Fadi Nadrous
Beeld Fadi Nadrous

Als derde stad op rij biedt Utrecht excuses aan voor het aandeel van het vroegere stadsbestuur in het slavernijverleden. ‘De gevolgen laten zich tot op de dag van vandaag voelen.’

Rianne Oosterom

De Utrechtse burgemeester Sharon Dijksma heeft woensdag excuses gemaakt voor het aandeel van het stadsbestuur in het slavernijverleden van de stad. “We hebben het over niets minder dan een misdaad tegen de menselijkheid”, zei ze in een toespraak in de Janskerk, vlak nadat er een symbolisch plengoffer werd gebracht. “Gedurende meer dan 250 jaar heeft er groot onrecht plaatsgevonden.”

Het excuus is een reactie op een onderzoek dat de stad vorig jaar liet uitvoeren naar haar eigen aandeel in het slavernijverleden. Daaruit bleek dat óók Utrecht als middelgrote stad, zonder directe brede waterweg naar zee, dik verdiende aan de slavernij. Volgens cultuurhistoricus Nancy Jouwe was slavernij lang ‘een grote blinde vlek’ in de stadsgeschiedenis.

Anders dan in Amsterdam of Rotterdam, waren er in Utrecht dan ook geen kamers van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) en de West-Indische Compagnie (WIC), zegt Jouwe, één van de achttien onderzoekers die het Utrechtse verleden bekeken. “Het zelfbeeld van de stad was lang dat er geen koloniale geschiedenis was, laat staat een link met de slavernij.”

42 procent van de stadsbestuurders had belangen in slavenhandel

Maar niets is minder waar. Zo had Utrecht een eigen compagnie die bijvoorbeeld de koffieplantage Utrecht in Suriname bezat. Het provinciale bestuur, gevestigd naast de Janskerk, zorgde voor Utrechtse vertegenwoordigers in de VOC en WIC, de handelsbedrijven die honderdduizenden tot slaaf gemaakten verscheepten.

Daarnaast bleek ook uit het onderzoek dat 42 procent van de leden van het stadsbestuur, waaronder burgemeesters, in de achttiende eeuw belangen hadden in het koloniale systeem en de slavenhandel. “Bijvoorbeeld als plantage-eigenaar, door investeringen of via familieleden in het koloniale bestel”, zegt Jouwe.

Utrecht is de derde stad die excuses maakt voor het slavernijverleden. Amsterdam en Rotterdam deden dit vorig jaar al. Ook Den Haag overweegt het. “De gevolgen van de koloniale slavernij laten zich tot op de dag van vandaag voelen”, zei Dijksma in de speech. Maar dat wil volgens haar niet zeggen ‘dat de nu levende Utrechters zelf schuld hebben aan het verleden.’

Tegemoetkoming voor nazaten die hun naam willen veranderen

Wel vindt de stad het belangrijk om de kennis over het eigen slavernijverleden te vergroten, met name onder jongeren. Daarvoor komt subsidie beschikbaar. De gemeente komt daarnaast nazaten van tot slaaf gemaakten financieel tegemoet als zij hun achternaam willen wijzigen.

Plantage-eigenaren of slavenhandelaren namen tot slaaf gemaakten vaak hun eigen naam af. Dijksma noemde in haar toespraak het voorbeeld van een Utrechtse VOC-werknemer die de naam van de 13-jarige Koenjapen veranderde in ‘Utrecht’. Er zijn nog tientallen andere tot slaaf gemaakten die zo heetten, blijkt uit archiefonderzoek.

Historica Nancy Jouwe kan zich goed voorstellen dat nazaten hun naam willen wijzigen om deze geschiedenis af te schudden. Ze noemt de regeling ‘een mooi gebaar’ van de gemeente Utrecht. Jouwe: “Als je iemands naam afneemt, zeg je eigenlijk: jij doet er niet toe als mens, ik heb jou nodig als product. Het was een belangrijk onderdeel was van het ontmenselijken van personen.”

Landelijke excuses

Opvallend is dat de gemeente in een persbericht laat weten dat Dijksma ook het kabinet oproept om haar te volgen met een landelijk excuus voor het slavernijverleden. De discussie daarover loopt al jaren. In het huidige regeerakkoord staat slechts dat het kabinet wil bijdragen aan een ‘dialoog over slavernijverleden en hedendaags racisme.’

Jouwe verwacht zo’n excuus niet op korte termijn. “Als er al excuses komt, zal dat op basis van grootschalig onderzoek naar het slavernijverleden zijn. We hebben er al heel lang over gedaan om te erkennen dat slavernijgeschiedenis óók Nederlandse geschiedenis is. Als je excuses maakt zonder onderliggende kennis, is het gratuit.”

Lees ook:

Onderzoek toont aan: ook Utrecht verdiende dik aan slavernij

Utrechtse bestuurders en zakenlieden hebben in de zeventiende en achttiende eeuw grootschalig geprofiteerd van slavenhandel en slavenarbeid, bleek eerder uit onderzoek.

Vijf experts over de zin en onzin van excuses voor de slavernij

Autochtone Nederlanders zien weinig heil in excuses voor het slavernijverleden, waar vooral de Surinaamse en Antilliaanse gemeenschap om vraagt. Wat is de zin van excuses als het draagvlak zo gering is? Vijf experts geven het antwoord.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden