TerugblikDienstplicht

Een kwart eeuw geleden werd de dienstplicht opgeschort: ‘We waren het feestklasje dat ook nog even mee moest doen’

De laatste lichting dienstplichtigen tijdens hun laatste training in 1996. Beeld ANP
De laatste lichting dienstplichtigen tijdens hun laatste training in 1996.Beeld ANP

Vandaag is het 25 jaar geleden dat de laatste lichting dienstplichtige militairen opkwam. De beslissing van het kabinet om na hen niemand meer op te roepen kende een lange aanloop, maar kwam toch nog onverwacht.

Toen Frank van Weerlee, Bart Mulder en nog eens 531 jongens vandaag precies 25 jaar geleden aan hun dienstplicht begonnen, hadden ze geen idee dat ze de laatste lichting zouden zijn. Ze hadden er geen idee van dat zij de laatste niet-aspirant beroepsmilitairen waren die zich een paar maanden eerder hadden gemeld voor de keuring. Dat zich onder hen misschien wel de laatste jongens bevonden die tevergeefs doofheid veinsden, door te doen alsof ze de piepjes in de koptelefoon niet hoorden, in de hoop toch nog onder de dienstplicht uit de komen. Dat zij de laatsten van vele dienstplichtigen zouden zijn, die op dag twee, de blaren op de voeten lopend tijdens de zestig kilometermars, zouden concluderen dat ze de instructie om de legerkistjes van te voren goed in te lopen serieuzer hadden moeten nemen.

Nee, toen de jongens van lichting 96-2 zich 29 januari 1996 meldden op de Kromhoutkazerne in Utrecht of een van de andere opleidingslocaties, verkeerden zij, net als de rest van Nederland nog in de veronderstelling dat na hen nog twee groepen zouden opkomen. Pas een dag later, op 30 januari, kondigde toenmalig staatssecretaris van defensie Jan Gmelich Meijling aan dat de lichtingen 96-3 en 96-4 zouden worden vrijgesteld, waarmee er plotseling een einde kwam aan de Nederlandse dienstplicht.

Bart Mulder, dan 23, krijgt het te horen tijdens het welkomstwoord op de kazerne, van de dienstdoende commandant. “Jullie zijn waarschijnlijk de laatste lichting dienstplichtigen die ik toespreek”, zegt hij, volgens een artikel dat de Volkskrant erover publiceert. Datzelfde artikel beschrijft dat Mulder kwaad reageert. ‘Hij smijt zijn tas op de grond en trapt er tegenaan’, staat er. Vijfentwintig jaar later kan Mulder daar wel om lachen. “Ja, die journalist heeft er een mooi verhaal van gemaakt”, zegt hij aan de telefoon. “Zo erg was het niet, hoor.”

‘Achteraf heb ik een paar leuke maanden gehad’

Natuurlijk, hij had destijds, net afgestudeerd aan de HTS in Leeuwarden, een baan in Drachten die hij graag had gehouden. “Als je hoort dat je tot de laatste lichting behoort denk je wel even: shit ja, het had niet veel gescheeld of ik had daar kunnen blijven. Maar ik heb achteraf echt een paar leuke maanden gehad. En ik had me er toch al op ingesteld”, zegt hij.

Dat de aankondiging van Gmelich Meijling voor Mulder en alle andere betrokkenen als een verrassing komt, is eigenlijk wonderbaarlijk. De discussie over het noodzakelijke inkrimpen van de strijdkrachten speelt dan immers al sinds het einde van de Koude Oorlog. Hoe stabieler de situatie in Europa werd, hoe minder het leger aandacht hoefde te besteden aan het bewaken van de landsgrenzen. In 1993 ging de Tweede Kamer akkoord met de hervorming tot een beroepsleger. Gedurende een overgangsperiode van vijf jaar zouden nog jongens worden opgeroepen, maar per 1998 zou de opkomstplicht worden opgeschort. Dienstplichtigen werden vanaf dat moment nog wel ingeschreven, maar zouden niet op hoeven komen, tenzij de dreiging zodanig zou toenemen dat kabinet en parlement ze weer noodzakelijk zouden achten.

Sociale functie

Beroepsmilitairen waren nodig als Nederland mee wilde blijven doen aan internationale missies, vertelt historicus Christ Klep, daarover was iedereen het wel eens. “Toch lag de beslissing om de dienstplicht op te schorten bij met name het CDA en de PvdA behoorlijk gevoelig. Het CDA geloofde in de sociale functie van de dienstplicht. Het idee dat iedereen moest bijdragen aan het veilig houden van de samenleving. Het is niet voor niets dat het CDA tot op de dag van vandaag blijft pleiten voor een maatschappelijke diensttijd.”

De laatste lichting van dienstplichtigen kreeg met de dienstkleding het handboek soldaat. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
De laatste lichting van dienstplichtigen kreeg met de dienstkleding het handboek soldaat.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Bij de PvdA was men volgens Klep vooral bang dat een beroepsleger alleen een bepaald type militair zou aantrekken, mensen met een voorliefde voor geweld. “Ze hadden toch een wat stereotiep beeld van het leger. Ze vreesden dat er een soort ‘hooliganleger’ zou ontstaan, met alleen het uitschot van de maatschappij.”

Toch verliep de invoering van het beroepsleger voorspoedig. In 1994 werd daarom al besloten de einddatum van de dienstplicht met een jaar te vervroegen. Van het protest tegen het beroepsleger was een paar jaar later nog maar weinig over. “Ik denk dat Srebrenica een grote rol heeft gespeeld”, zegt Klep. “Dat was eigenlijk een overgangsmoment. Bij de eerste troepen die daar gestationeerd waren, zaten nog een aantal dienstplichtigen, maar de laatste troepen, in 1995, bestonden helemaal uit beroeps.” De discussie die ontstond over de rol van de Nederlandse militairen bij de val van Srebrenica, onderstreepte voor veel mensen nogmaals dat het toch echt beter was om beroepsmilitairen op uitzending te sturen, zegt de historicus. De risico’s konden immers groot zijn. De militairen op missie moesten daar zo goed mogelijk op zijn voorbereid.

Veel aandacht

Bovendien kregen de pechvogels die op de valreep nog wel hun dienstplicht moesten vervullen veel aandacht. Er werd geprotesteerd, en steeds vaker deden jongens die tegen hun zin moesten dienen hun verhaal in de media. Veel van de taken op de kazernes waren inmiddels overgenomen door beroepsrekruten, waardoor veel dienstplichtigen nauwelijks iets te doen kregen.

Hield staatssecretaris Meijling eind november 1995 nog vol dat het niet mogelijk was om in het begin van het nieuwe jaar al op te houden met jongens op te roepen, op 31 januari 1996 zwichtte hij dus toch voor de druk. De lichting die net was aangetreden was de laatste. Om hun pech te compenseren kregen ze iets meer betaald en eind augustus zouden ze al afzwaaien.

Sowieso had de lichting 96-2 het niet echt zwaar, schreef Trouw-verslaggever wijlen George Marlet destijds. In een serie over de laatste lichting dienstplichtigen in de geschiedenis van de Nederlandse krijgsmacht volgde hij onder anderen Frank van Weerlee, toen in opleiding bij de Verbindingsdienst in Ede. De laatste dienstplichtigen werden een stuk minder hard aangepakt dan de beroepsmilitairen, zei Van Weerlee toen al. 25 jaar later herinnert hij zich dan ook nog vooral het bier voor een kwartje, de grote kantine en het Amerikaanse casino op de Duitse basis waar ze op oefening gingen. “We waren het feestklasje dat ook nog even mee moest doen”, zegt hij. “Het was een beetje Center Parcs-achtig. De eerste weekeinden ging ik niet eens naar huis omdat we dan gezellig met een groep daar bleven.” Afzien moest hij vooral die keer dat hij achterin de verbindingswagen op weg naar Duitsland heel nodig moest plassen. Lachend: “Maar of je dat nou in de krant wil hebben...”

Weerstand

Maakt de dienstplicht in de toekomst nog een kansje? Het CDA heeft het nog wel­eens geopperd, maar stuitte daarbij toch vooral op weerstand. Toen toenmalig fractievoorzitter Sybrand Buma in 2016 zei dat hij wel wat voelde voor een verplichte diensttijd, in eerste instantie voor jongeren die met de politie in aanraking zijn geweest, werd hij van repliek gediend door onder meer de Vakbond voor Burger en Militair defensiepersoneel (VBM). “De krijgsmacht is geen jeugdbegeleidings- of jeugzorgorganisatie, maar een professionele militaire organisatie”, zei voorzitter Jean Debie destijds.

In augustus 1996 zwaaide de laatste lichting dienstplichtige mariniers in Den Helder af door hun petten in de lucht te gooien.  Beeld Hollandse Hoogte, ANP
In augustus 1996 zwaaide de laatste lichting dienstplichtige mariniers in Den Helder af door hun petten in de lucht te gooien.Beeld Hollandse Hoogte, ANP

Nog steeds vindt Debie dat er maar één reden kan zijn om de militaire dienstplicht opnieuw in te voeren, en dat is als de veiligheidssituatie erom vraagt. Debie: “Dan heb je het ook niet van vandaag op morgen geregeld. Je zult jarenlang forse investeringen moeten doen in infrastructuur, wapens en uitrustingen.”

Ook vrouwen

Voorlopig is er geen aanleiding om weer te denken aan de herinvoering van de opkomstplicht, zegt de vakbondsman. Maar mocht het ooit zover komen, dan zullen ook jonge vrouwen zich moeten melden voor de keuring. In 2018 besloot de Tweede Kamer dat het in het kader van de gelijke behandeling van man en vrouw achterhaald is om alleen mannen in te schrijven voor militaire dienst. Daarom krijgen sinds dit jaar ook meisjes van zeventien een brief waarin staat dat zij bij bedreiging van de veiligheid kunnen worden opgeroepen.

De mannen van lichting 96-2 lijken er niet echt rouwig om dat de dienstplicht niet meer bestaat. Mulder en Van Weerlee hebben een leuke tijd gehad in dienst, maar het is ook weer niet zo dat ze er dingen leerden waar ze tot op de dag van vandaag profijt van hebben, zeggen ze. Al vindt Mulder het wel waardevol dat jongens door de dienstplicht in aanraking kwamen met mensen met een heel andere achtergrond. “Onze groep was een typische smeltkroes. Er zaten mensen van Turkse, Marokkaanse of Surinaamse afkomst bij, jongens uit Groningen, ik uit Friesland, uit de Randstad, de Achterhoek, Limburg, alles bij elkaar”, zegt hij. “Je bent toch een beetje aan elkaar overgeleverd. Dat is eigenlijk wel een goed ding.”

Lees ook:

Nu de formele dienstplicht ook geldt voor vrouwen, hoopt Defensie hun aandacht te trekken

Nu de militaire dienstplicht ook voor vrouwen geldt, hoopt Defensie op meer vrouwen bij het leger. Gaat dat lukken? Twee vrouwelijke militairen vertellen over hun ervaring.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden