Reportage Planologie

Dwergdorp Ouder-Amstel gaat verdubbelen, hoe wil het dat doen tijdens de stikstofcrisis?

Wethouder Marian van der Weele (D66) wijst waar welke woningen komen voor de enorme uitbreiding van Ouder-Amstel. Beeld Werry Crone

Ouder-Amstel is de gemeente die het hardste gaat groeien van heel Nederland. Het inwoneraantal gaat tot 2035 zelfs verdubbelen. Dat levert een enorme bouwopgave op, de stikstofcrisis komt bepaald niet gelegen. Op pad met de wethouder.

In haar Mini Cooper rijdt wethouder Marian van der Weele behendig door de mix van omgevingen die haar gemeente Ouder-Amstel vormt. Het trainingscomplex van Ajax, volkstuintjes, lage flats, kantoren, weilanden. In Duivendrecht staat een ‘net monument geworden’ boerderij vlakbij het moderne OV-knooppunt Duivendrecht, dat op de stoep de charmante Sint-Urbanuskerk heeft. “Het station heeft Duivendrecht geamputeerd. De weg houdt hier gewoon op.”

De gemeente Ouder-Amstel ontstond in 1105 uit de dorpen Ouderkerk aan de Amstel en Duivendrecht. Van der Weele (D66) heeft als taak tussen deze dorpen een nieuwbouwwijk van 4500 woningen uit het veen te stampen: De Nieuwe Kern. Dichterbij Amsterdam komen in het kantorengebied nog eens 3000 woningen. Een schijntje voor de hoofdstad die oprukt naar één miljoen inwoners in 2035. “Maar voor ons is dit een gigantische opgave.”

Daarbovenop komt de verwarring rond de stikstofuitstoot van nieuwbouw, en hoe die neerslaat op beschermde natuurgebieden. Voor Ouder-Amstel is dat De Botshol, een laagveengebied met veel vogels. “De verbreding van de A9 en bijbehorende bomenkap zijn niet stilgelegd door Rijkswaterstaat”, zegt de wethouder. De Nieuwe Kern ligt verder weg van De Botshol, reden waarom Van der Weele positief naar de toekomst kijkt. “Maar pas als het kabinet met heldere regels komt, weten we hoe we moeten anticiperen op uitstoot.”

Er zijn nu 13.915 inwoners. In 2035 zijn dat er wellicht 30.000. “Wij moeten zorgen dat de nieuwelingen zich thuis voelen en we moeten goed bouwen. Zodat het uitnodigt elkaar buiten te ontmoeten, dat er iets te beleven is.”

Beeld Louman & Friso

Van der Weele (D66) heeft er zin in. Ze woont zelf in Ouderkerk aan de Amstel, waar inwoners zich tevredener voelen dan elders in het land. Twee derde heeft een koopwoning, ze zijn hoger opgeleid, verdienen meer en doen vrijwilligerswerk in allerlei sportverenigingen. Een witte enclave dus, die profiteert van het groene Amstelgebied plus de nabijheid van Amsterdam? De wethouder sputtert: “Het is eerder een plattelandsdorp met als aanwas jonge gezinnen uit de hoofdstad. Duivendrecht is gemengder, heeft flats en een meer stedelijk karakter.”

Ouder-Amstel is 200 jaar ouder dan Amsterdam en is ontstaan in moerasgebied. Het verklaart de grillige gemeentegrenzen. Tijdens de autorit wisselen entreeborden voor Amsterdam en Ouder-Amstel elkaar onnavolgbaar af.

De wethouder: “Wij hebben wel het gezag over het gebied, maar a-typisch is dat wij slechts één van de 190 hectare grond in De Nieuwe Kern bezitten. Het meeste is van Amsterdam en NS. Ook Ajax en een ondernemersfamilie hebben een stuk. Wij overleggen nauw met ze en de landschapsarchitect ontwikkelt een stedenbouwkundig plan. Dat wordt heel mooi.”

Hoe zorgt de gemeente dat De Nieuwe Kern straks een fijne, leefbare wijk is? “Het wordt heel gemengd, met 30 procent sociale bouw en voor senioren voorzieningen op loopafstand.”

Trein en metro zijn ruim voorhanden. De wijk wordt groen en energieneutraal. De meeste volkstuintjes kunnen blijven, omdat naast A2, spoor en onder de aanvliegroute van de Buitenveldertbaan geen woningen mogen komen.

Tegen vlieglawaai is een geluidsexpert ingeschakeld. Maar, zegt Van der Weele: alles wat kwaliteit toevoegt kost geld. 

De planologie in Nederland met meer dan achttien miljoen inwoners

Reizen: Toekomst woon-werkverkeer zit in e-bike

Het is een illusie dat straks 18,3 miljoen mensen in Nederland vooral met de auto overal naar toe gaan. “Daar hebben we simpelweg de ruimte niet voor,” zegt Bert van Wee, hoogleraar Transportbeleid aan TU Delft. De Nederlandse autosnelwegen zijn al druk. Volgens hem moeten we het accent verschuiven naar fietsen en openbaar vervoer, willen we mensen voldoende bereikbaarheid bieden, en minder files hebben: “Meer werknemers zullen in de toekomst gebruik maken van de e-bike, die in opmars is. En wie maar af en toe een auto nodig heeft gaat vaker een autodeelsysteem inzetten met mensen uit de buurt.”

Het idee is ook dat nieuwe woningen voor het grootste gedeelte binnen de grenzen van de stad, en bij ov-knooppunten komen. “Daarmee heb je straks minder parkeerplekken nodig, en de stad wordt er prettiger van als de rol van de auto beperkt wordt,” vindt van Wee. Wie buiten de stad woont, is afhankelijk van de auto. “Daarom moeten we een deel van de inwoners verleiden om op een andere manier te gaan reizen, en dat gaat het beste als ze in de stad wonen.”

Om de drukte in treinen te verminderen moeten treinkaartjes ook duurder worden in de hyperspits, en goedkoper daarbuiten, volgens de hoogleraar. Zijn treinkaartjes niet al duur genoeg? “Dat is goedkoper dan dat we belastinggeld stoppen in nieuwe spoorwegen, stationsuitbreidingen, en meer treinen. Zo gaan we met z’n allen vooruit,” aldus Bert van Wee.

Wonen: Een nieuwe geografie van ongelijkheid

Justus Uitermark, hoogleraar Urban Geography aan de Universiteit van Amsterdam voorziet nieuwe vraagstukken bij de toekomstige huisvesting in Nederland. “Veel mensen willen graag in de stad wonen maar daar is nu al bijna geen plek meer. Mensen met een laag inkomen zullen naar suburbane gebieden moeten verhuizen, waar vroeger de middenklasse naartoe vertrok, zoals Purmerend en Badhoevedorp.”Dit soort steden komen volgens Uitermark in de toekomst in zwaarder weer door de toevloed van armen.

“Vroeger maakten we ons zorgen over achterstandswijken in de grote steden. Wie wil er nog wonen? Wie wil er een woning kopen?, was de vraag. Maar straks slaat het debat om. Dan is de vraag wie kan en mag nog in de stad wonen?” De woningprijzen zullen doorstijgen en het risico dat je moet vechten om schaarse ruimte blijft groot.

Het debat over wie waar komt te wonen, moeten we nog voeren, zegt Uitermark: “Je ziet dat een deel van de rijken nu al de stad verlaat. Naarmate het drukker wordt, zullen zij vaker naar buiten trekken.”

De hoogleraar ziet ook het idee van in de stad wonen veranderen. Wonen in haven- en industriële gebieden is in opkomst. “Dat is een fikse investering maar broodnodig om het leefbaar te houden. We kunnen prima die nieuwe ruimte daarop inrichten.”

Groen: Alleen bouwen in minder waardevolle groengebieden

De bevolkingsgroei in Nederland is een grote uitdaging voor de natuur, omdat we zoveel vervuilen. Hoe meer mensen, hoe groter de consumptie, hoe meer milieuvervuiling. “Als we niet opletten neemt de kwaliteit van drinkwater verder af, neemt de luchtvervuiling toe en vindt aantasting plaats van de natuurlijke omgeving,” aldus Pieter van der Heijde, directeur van Bureau Stedelijke Planning. En toch blijft hij positief over de toekomst: “We zijn goed op weg met technologische innovatie en duurzame oplossingen om onze samenleving in te richten. Zoals het produceren van energie in huis door middel van zonnepanelen en het benutten van warmte uit de aarde.”

Ook is het belangrijk dat we het bestaande groenblauwe karakter van ons land koesteren, vindt van der Heijde. Volgens hem is Nederland in de Randstad al een metropolitaan gebied aan het ontwikkelen, met uitlopers naar omliggende steden in het oosten en zuiden van het land. “Het groenblauwe karakter van deze Holland Metropool noemt hij het succes van de afgelopen halve eeuw.

Van der Heijde pleit radicaal voor het koesteren van waardevolle natuurgebieden zoals het Groene Hart. Waar uitbreiding nodig is dient vooral de groene omgeving met weinig kwaliteit gebruikt te worden, zoals aan de randen van grootstedelijke gebieden waar bedrijfsbebouwing toch al de horizon vervuilt. In ‘zijn’ compacte, duurzame steden moeten wonen, werken, winkelen en vrije tijd steeds meer in elkaar overlopen.

Zorg: Centraal gelegen specialistische ziekenhuizen

Het nieuwe Nederland met meer mensen heeft in de gezondheidszorg vooral gevolgen voor de gebieden waar straks juist minder mensen wonen. Het is nauwelijks rendabel om in een krimpgebied een groot algemeen ziekenhuis overeind te houden. De verwachting is toch al dat het aantal ziekenhuizen sterk zal dalen omdat de zorg ‘geconcentreerd’ wordt. In de oncologie bijvoorbeeld zijn zoveel ontwikkelingen, dat het voor een normaal ziekenhuis bijna niet te volgen is. Deze zorg wordt wellicht samengebracht in de academische centra. Dat betekent dus meer reistijd voor de Nederlanders die ver buiten de universiteitssteden wonen.

Nederland telt in 2030 en daarna meer ouderen. Dat betekent meer knie- en heupoperaties en ingrepen om staar te verhelpen. Het is veel goedkoper om dat soort geplande operaties in een of twee ziekenhuizen uit te voeren, in plaats van in vijftig. Die ziekenhuizen zullen niet in Sneek of Terneuzen staan, maar ergens centraal in het land.

Als de krimpregio’s verder leeglopen en de bevolking vergrijst, zal de grootste uitdaging liggen in de acute zorg. Nu al zijn op de eerste hulpafdelingen veel ouderen te zien. Dat zal toenemen, ook al omdat er meer eenpersoonshuishoudens komen. Maar zonder groot ziekenhuis, geen afdeling spoedeisende hulp. De uitdaging voor de krimpregio’s is dus een sterk netwerk van zorg in de wijk ontwikkelen. 

Lees ook:

‘We denken in Nederland over van alles na, maar niet over de bevolkingsgroei. Onbegrijpelijk’

Het aantal inwoners van Nederland groeit snel, zegt Jan Latten bij zijn afscheid van het Centraal Bureau voor de Statistiek, maar niemand denkt goed na over het bevolkingsvraagstuk. Frappant, vindt hij. ‘Niets doen is geen optie.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden