Toerisme in eigen land

Dit zijn de eerste toeristen die Renesse binnendruppelen

Beeld Arie Kievit

Buiten de ijswinkel staat zowaar een rij. Op de campings klinkt zo nu en dan het geluid van een haring die in de grond wordt getimmerd. Nu de Zeeuwse Veiligheidsregio de lokale regels heeft versoepeld, komt het toeristenseizoen in Renesse eindelijk op gang. Heel langzaam, dat wel.

Eén. Welgeteld één kamer is dit weekend bezet in hotel De Logerij, voor een schamel nachtje ook nog. Normaal gesproken kan dat niet eens in deze periode. In mei geldt een minimum van drie overnachtingen, om een komen en gaan van toeristen te voorkomen. Die voorwaarde hebben de eigenaren dit voorjaar overboord gegooid. Ze zijn al blij dat er iemand komt.

Voor Hemelvaart, normaal een garantie voor een vol hotel, staan zes boekingen genoteerd. De andere zestien kamers waren ooit ook gereserveerd, maar de afgelopen maanden afgezegd. Als de telefoon gaat, houden de eigenaren al rekening met weer een annulering. Nieuwe boekingen komen al twee maanden niet binnen, ook niet voor later dit jaar.

Op papier is het toeristenseizoen opgestart, nu de Veiligheidregio de hotels en pensions heeft vrijgegeven. De praktijk is weerbarstig. Toch kan er bij campingeigenaar Kenneth Horst een lachje vanaf. Sinds vrijdag mag hij de helft van zijn plaatsen verhuren (was 15 procent per 1 mei), al is het gemeenschappelijke sanitair – conform de landelijke regels nog op slot.

En warempel, op camping International druppelen de seizoensplaatshouders binnen. Er is weer leven op zijn terrein. Ongeveer veertig van de 310 plaatsen zijn nu bezet. Vaak door Duitsers die hun eigen versoepeling van afgelopen week aangrijpen om eindelijk hun vaste vakantiestek op te zoeken. 

Horst: “Zeventig procent van de toeristen is hier Duits. Zij hoeven nu na 72 uur in het buitenland niet meer in thuisquarantaine. De versoepelingen daar zijn voor ons net zo belangrijk als de versoepelingen hier.”

Zandvoortse toestanden

Een paar honderd meter verderop is op het strand nog weinig te merken van de gestage aanloop. Wie in noordoostelijke richting tuurt, ziet de vele kitesurfers bij de Brouwersdam. Maar dat is daar, en hier heb je de kust bijna voor je alleen. Eén gezin heeft een tentje opgezet, zodat de kleintjes met emmer en schep in de weer kunnen.

Het uitgestrekte strand biedt ruimte genoeg voor een aangename wandeling. Er is behaaglijk zand, er is verfrissende wind, er is zilte lucht. Slechts een enkeling – vaak een hondenbezitter – gaat op de uitnodiging van de natuur in.

De aanblik doet pijn, zeggen Rob Rameau en Ron Schouwenaars, ondernemende buren en ‘partners in disaster’. De strandtenthouders – meer collega’s dan concurrenten – zouden nu zwaar in de weer moeten zijn, de mensen kibbeling of zeebaars moeten voorschotelen. Misschien na 1 juni, als de terrassen open mogen. 

Maar ze zijn sceptisch, ook vanwege het lege strand. Ze hoeven hier geen Zandvoortse of Scheveningse toestanden, dit is echter het andere uiterste.

Schouwenaars: “In Renesse is het altijd druk, kijk nu eens. De mensen mogen komen, maar ze doen het nog niet. Ik ben bang dat we een stuk achter de versoepeling aan zullen lopen en het nog wel even duurt voordat het seizoen echt op gang komt.”

Ondertussen bereiden de paviljoenhouders zich wel voor op de heropening van hun zaken. “We hebben gezamenlijk een plan ingediend bij de gemeente om ook op het strand een terras te maken, zodat we meer bezoekers kunnen bedienen. Vroeger mocht het niet uit commercieel oogpunt, nu is het kansrijk vanuit gezondheidsperspectief.” Het maakt hen niet meteen tot blije ondernemers, verzucht Rameau. “Daarvoor is de situatie te frustrerend.”

In het dorp schuifelen plukjes mensen langs boetiekjes en vliegerwinkels. Het koord is dun, want een volgend moment oogt de kern plots weer verlaten. Maar kijk, de fietsenverhuur heeft aanloop en halverwege de middag moet je zowaar even op je beurt wachten voor een ijsje. “Het lijkt een dag in maart”, zegt de verkoper. Voor Renesse is dat al winst. Want vorige week leek het nog januari.

Jan Maes en Lucia van den Donck, met hond Don

“Een probleem is pas een probleem als er geen oplossing is.” Jan Maes uit Heerde krijg je niet zomaar gek. Dat Lucia en hij geen gebruik van het sanitair op de camping kunnen maken, is wel de laatste reden om thuis te blijven. “Teiltje, emmer water, zo wasten we ons vroeger toch ook? Wij zijn nog van de generatie die dat gewoon was. En het chemisch toilet is ook een prima oplossing. Ik vind het niet erg om het elke dag even schoon te maken.” 

Zijn leeftijd bezorgt hem nu bergen van vrije tijd, Maes is net met pensioen. “We zouden eigenlijk op 21 maart al komen, we hebben een seizoensplaats. De caravan heeft een week op de oprit gestaan, maar we mochten niet.” Nu de regels zijn versoepeld, hoeven ze geen twee keer na te denken.

Ja, sommige kampeerders zullen pas komen als ook de horeca weer open gaat. Zelf houden ze ook van een terrasje. “Maar als dit het voorlopig is, is het ook goed. We hebben zelf een voorraadje wijn bij ons, dus wij vermaken ons wel.”

Renesse Jan Maes en Lucia van den Donck met hond Don.Beeld Arie Kievit

Jürgen en Roswitha Fuhrmeister, met dochter en schoonzoon Andrea en Oliver de Werth en hond Emmelie

“Wij staan al 31 jaar op dezelfde plek. Vroeger was dit veld 8, nu veld Vuurtoren. Er staan alleen Duitsers, wij zijn nu pas de eersten. We komen uit Duisburg, onze dochter uit Düsseldorf. Bijna drie uur rijden. We dachten dat het nu vier uur zou zijn, doordat we maar 100 kilometer per uur mogen. Maar wat denk je? Nog steeds drie uur. Komisch, toch?

“In Renesse is nog weinig te doen, op het strand zie je geen mens. De Grevelingendam? Ook leeg. Dat is ook wel weer mooi, je ziet de natuur op zijn best. Verder hebben wij weinig wensen. We wassen ons een beetje met de tuinslang, meer is niet nodig. Ja, één wens hebben we toch. Dat iedereen die hier onderneemt, het redt. Zodat we hen ook volgend jaar weer tegenkomen. Want uiteraard reizen we dan ook weer af naar Renesse. Dit is onze tweede heimat.”

Jürgen en Roswitha Fuhrmeister en Andrea en Oliver de Werth.Beeld Arie Kievit

Nicky, Christien, Levi en Maty Strunze

Het shirt van Borussia Mönchengladbach zit strak om het lichaam van de twaalfjarige Levi. Vanmiddag hervat zijn club de Duitse voetbalcompetitie, iets wat zijn moeder Christien maar niet kan begrijpen. “De kinderen mogen nog niets, zelfs de opvang is dicht. Dan is het toch gek dat de profs alweer mogen voetballen?”

Hier op de camping kunnen haar zoons wel lekker met de bal aan de gang. Samen met een vriendje passen ze elkaar de bal toe. Eindelijk ontspanning, ze hebben er lang op gewacht. “Door de versoepeling in Duitsland kunnen we nu de grens over. De lange weekenden van Hemelvaart en Pinksteren kunnen we straks lekker hier doorbrengen in plaats van thuis. Hier hebben we alles: strand, vreugde. Ja, ook corona. Natuurlijk zit dat in mijn achterhoofd. Maar ik merk op de eerste dag al dat ik daar minder aan denk dan thuis. De ontspanning doet goed, ook al moet het nog een beetje drukker worden.”

Nicky, Christien, Levi en Maty Strunze.Beeld Arie Kievit

Lees ook:

Een half miljoen Nederlanders krijgt geen vakantiegeld, CNV start onderzoek

Betalen bedrijven hun werknemers nog wel vakantiegeld uit, nu op vakantie gaan er voor de meeste werknemers deze zomer waarschijnlijk niet in zit?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden