ReportageStadsontwikkeling

Dit rommelige plein verbindt het oude en het nieuwe Utrecht


Greg Nottrot van het Nieuw Utrechts Toneel (links) en Donica Buisman van Stadslab Raum op het Berlijnplein in Leidsche Rijn.  Beeld Bram Petraeus
Greg Nottrot van het Nieuw Utrechts Toneel (links) en Donica Buisman van Stadslab Raum op het Berlijnplein in Leidsche Rijn.Beeld Bram Petraeus

De stad Utrecht creëerde naar het voorbeeld van Berlijn een rommelige creatieve plek in een verder keurige nieuwbouwwijk. Ook de aangrenzende oude wijken profiteren daarvan.

Wouter van Wijk

Eigenlijk is het een beetje een gekke plek, het Utrechtse Berlijnplein. Overal zand en aarde. Een bouwkeet. Een oude loods. Chaos. Typisch een bouwplaats in een grote nieuwbouwwijk. Tot je beter kijkt. Dan zie je dat de bouwkeet is volgehangen met klimplanten en steigerhout. Te midden van het zand ligt een grasveld met speelse kleurige kunstwerken en overal staan picknicktafels. Het heeft wel iets weg van De Parade, het populaire reizende theaterfestival dat ieder jaar de vier grote steden aandoet.

Onaffe hoort bij Berlijnplein

Deze chaos is precies de bedoeling. Het Berlijnplein in de Vinex-wijk Leidsche Rijn is een vrijplaats waar je cultureel en minder cultureel van alles mag, net als (ooit) in de Duitse hoofdstad. “Het onaffe hoort bij deze plek”, zegt Donica Buisman trots. Ze is directeur van het ‘stedelijk laboratorium’ Raum. De gemeente Utrecht is samen met Raum en buurtbewoners, kunstenaars en theatermakers al vijf jaar bezig om van het Berlijnplein een grote culturele ‘hotspot’ te maken. Die is niet alleen bedoeld voor mensen uit de wijk, maar ook voor bewoners van de oude stad en de regio. De gemeente spreekt zelfs over ‘landelijke allure’ en steekt 45 miljoen euro in het project.

Om de ‘landelijke allure’ moet Maarten van Ham, hoogleraar stadsgeografie aan de TU Delft wel een beetje glimlachen: “Dat is best een ambitie.” Maar helemaal onmogelijk is het ook weer niet, want steden veranderen snel. “Kernen kunnen tegenwoordig een grotere functie hebben dan alleen voor de wijk zelf.” Dat heeft alles te maken met de smartphone en reviews, bleek uit onderzoek van de universiteit. “Vroeger zat je als restaurant liefst in de binnenstad en dicht bij het station. Tegenwoordig gaan mensen online op zoek naar een restaurant. Dat hoeft niet per se meer in de binnenstad te zitten. Als de review maar goed is. Zo’n verschuiving kan ook bij de cultuur gebeuren.”

null Beeld Bram Petraeus
Beeld Bram Petraeus

Gespleten stad

Voor Utrecht komt dat goed uit. Want toen oud-premier Wim Kok vijfentwintig jaar geleden de eerste paal voor Leidsche Rijn sloeg, werd de stad gespleten. Terwijl de snelweg A2 tien jaar geleden onder de grond verdween, bleef het Amsterdam-Rijnkanaal als een honderd meter brede scheidslijn tussen de oude en de nieuwe stad bestaan. Aan beide kanten hadden bewoners het over ‘de andere kant van het kanaal’. Bewoners van de oude stad wilden ‘niet dood gevonden worden’ in Leidsche Rijn.

Greg Nottrot, artistiek leider van het Nieuw Utrechts Toneel (NUT) aan het Berlijnplein, kan erover meepraten. Hij is bijna de personificatie van de kloof tussen oud en nieuw. Eerst was hij verknocht aan de oude stad, maar inmiddels woont hij al elf jaar in de nieuwbouwwijk. “Ik kwam hierheen met een héél dubbel gevoel. Ik moest die enge gele brug over. Waar kom ik terecht, dacht ik?” Hoewel het flink ploeteren was, bleek het een gouden greep voor zijn theaterambities: “Er was helemaal niets. De behoefte aan cultuur was groot.”

Het Berlijnplein in Leidsche Rijn. Inwoners van de oude stad willen ‘nog niet dood gevonden’ worden in de nieuwbouwwijk, waar inmiddels een kwart van de Utrechters woont.  Beeld Bram Petraeus
Het Berlijnplein in Leidsche Rijn. Inwoners van de oude stad willen ‘nog niet dood gevonden’ worden in de nieuwbouwwijk, waar inmiddels een kwart van de Utrechters woont.Beeld Bram Petraeus

Inmiddels woont een kwart van de Utrechters, 90.000 mensen in het nieuwe stadsdeel. De gemeente verwacht dat Leidsche Rijn uiteindelijk 120.000 tot 130.000 inwoners zal tellen, meer dan bijvoorbeeld een stad als Alkmaar. Van Ham: “Leidsche Rijn is een onderdeel van Utrecht geworden waar het mooi wonen is. De ontwikkeling van het Berlijnplein past in een trend om functies te spreiden. Dan hoef je niet meer altijd naar de binnenstad voor cultuur. Dat is ook beter, anders krijg je te veel congestie in die binnensteden.”

NUT groeide mee met de wijk. Het gezelschap maakt al vijftien jaar voorstellingen over de Vinex-wijken, over de strijd tussen het heden en het verleden. Voor steeds meer mensen. In het begin alleen voor bewoners, maar inmiddels allang niet meer. “Van ons publiek komt grofweg een derde uit de wijk zelf, een derde uit de oude stad en een derde van buiten de stad.” Greg Nottrot, lachend: “In een voorstelling hoorde ik iemand roepen: moeten we ons niet gewoon afsplitsen van Utrecht?!”

Lees ook:

In het hart van Leidsche Rijn hangt de geur van belofte

Utrecht en de schaalsprong. De stad zette nog wat verder uit, na opening van het winkelcentrum in het hart van Leidsche Rijn. Of eigenlijk vloeide er nu openbaar leven in wat de kern van de twintig jaar oude uitbreidingswijk is geworden, een wijk die eindelijk zijn eigen binnenstad kreeg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden