Een opschrift op een Amsterdamse straat maant mensen om afstand te houden.

Canon

Dit is de canon van de coronacrisis: van elleboog tot lokalisme

Een opschrift op een Amsterdamse straat maant mensen om afstand te houden. Beeld ANP

Deze week werd de herziene canon van de Nederlandse geschiedenis gepubliceerd. In de schaduw van ’s lands historie bedacht Trouw, geheel op eigen titel, de ‘canon van de coronacrisis’.

Diederik Gommers

Met zijn onomwonden uitspraken werd Diederik Gommers (1964) in maart een van de bekendste Nederlanders op televisie. ‘De gezondheidszorg kan dit niet aan’, zei hij. En: ‘Ziekenhuizen staan met de rug tegen de muur.’

Gommers is de betrokken beschermheer van de ic’s, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care. Slecht nieuws brengen hoort bij zijn vak, de vooraanstaande intensivist voerde vermoedelijk honderden van zulke gesprekken.

Terwijl hij leiding gaf aan de intensive care van het Erasmus MC in Rotterdam stond Gommers vol in de schijnwerpers, met wekelijkse bezoekjes aan talkshows, de Tweede Kamer en gesprekken met het Outbreak Management Team.

Op politiek correcte zinnen was hij amper te betrappen. In de Tweede Kamer trok Gommers openlijk de steun van ziekenhuizen in het noorden van het land in twijfel. Het fors uitbreiden van het aantal bedden op de Nederlandse ic’s – een wens van het kabinet – bestempelde de intensivist als ‘paniekvoetbal’.

Gommers’ presentatie was zo succesvol dat achteraf werd gezegd dat meer sectoren een Diederik Gommers nodig hadden gehad, zoals de verpleeghuizen, waar zich een stille ramp afspeelde. Zelf bleef de intensivist bescheiden: “Ik heb me daar weleens schuldig over gevoeld.” Maar bovenal was hij opvallend openhartig. “Ik heb heel wat traantjes gelaten.”

Beeld Maus Bulhorst / Trouw

Lokalisme

Terwijl ons hamstergedrag grote supermarkten aanvankelijk duizelingwekkende omzetcijfers bezorgt en de pakjes van heinde en verre onze brievenbus bereiken, ontstaat er gaandeweg ook een andere trend.

Onder het mom ‘support your locals’ beginnen we kleine ondernemers in onze eigen buurt te steunen die het door de crisis moeilijk hebben. We kopen tegoedbonnen bij restaurants, brood bij de plaatselijke bakker en wijn bij de slijter op de hoek. Sommige producenten slaan de handen ineen en bieden zelfs hele pakketten met lokale producten aan.

De beperkte bewegingsvrijheid nodigt uit tot een frisse blik op de eigen haard. We steunen niet alleen onze plaatselijke ondernemers maar herontdekken ook de eigen buurt. In het park om de hoek blijkt ineens een pingpongtafel te staan en bij gebrek aan een weekendje weg bezoeken we een museum in eigen stad. Door dit noodgedwongen ‘lokalisme’ komen ook buurtbewoners nader tot elkaar, bijvoorbeeld door het organiseren van een balkonbingo of een plaatselijke hondenuitlaatservice.

Econoom Geert Noels noemt het lokalisme een van de ‘winnaars’ van de coronacrisis. Volgens hem is de globalisering sowieso al een tijdje op haar retour (neem de brexit en de handelsoorlog van Trump), en dat effect krijgt door de huidige pandemie een flinke zet. Corona toont de kwetsbaarheid en het economische besmettingsgevaar van de globalisering aan. Daarmee krijgen lokale productie en consumptie een nieuwe glansrol op het mondiale toneel. 

Beeld Maus Bulhorst / Trouw

De stille ramp

Als op 16 april Nienke Nieuwenhuizen, voorzitter van Verenso (de vereniging van ouderengeneeskundigen) voor het eerst de leden van de Tweede Kamer toespreekt, is het al te laat. Het aantal sterfgevallen in verpleeghuizen is dan verdubbeld ten opzichte van dezelfde periode normaal.

In Enschede en Zwolle, in Rotterdam en Amsterdam, in Uden en Sittard. Soms bezweek meer dan de helft van de bewoners van een verpleeg- of verzorgingshuis aan het coronavirus.

De tragedie in de verpleeghuizen wordt ook wel de stille ramp genoemd. Uiteindelijk stierven in verpleeghuizen zo’n 2800 mensen aan Covid-19, bijna de helft van het totale aantal geregistreerde coronadoden. In werkelijkheid ligt het aantal een stuk hoger omdat lang niet iedereen op corona werd getest.

De tragedie had tenminste deels voorkomen kunnen worden, bleek later uit publicaties. Oud-minister Henk Kamp, nu voorzitter van ouderenzorgkoepel Actiz, waarschuwde het kabinet al op 16 maart, toen er nog bezoek toegestaan werd in verpleeghuizen.

Het bezoekverbod kwam er op 20 maart en werd lange tijd verlengd, ondanks het verdriet van mensen thuis en de eenzaamheid onder ouderen. Bij sommigen overheerste die eenzaamheid boven de angst voor het virus. Inmiddels is bezoek weer toegestaan, maar sommige verpleeghuizen handhaven uit angst voor het virus nog altijd strenge voorschriften, waardoor de pijn blijft. 

Beeld Maus Bulhorst / Trouw

De Dam

De Dam was sinds 16 maart een icoon van leegte, isolatie en bevrijding. Leegte, nadat de lockdown inging en het anders door toeristen bevolkte plein in Amsterdam nog hooguit door duiven werd bezocht. Op sociale media circuleerden filmpjes van mensen die op de fiets de stad doorkruisten en niemand tegenkwamen. Amsterdammers verzuchtten dat ze eindelijk hun stad terug hadden, en nooit wilden terugkeren naar tijden dat Airbnb, luxe hotels en stroopwafelwinkels de stad beheersten. Aan die wens wordt gewerkt: hoteliers zijn woedend op de gemeente omdat zij na moeilijke maanden nu maar een beperkt aantal gasten mogen ontvangen.

De Dam bleef ook leeg toen de koning er op 4 mei sprak voor de 75ste Dodenherdenking. Nooit eerder oogstte Willem- Alexander zoveel lof voor zijn woorden. Maar het zal toch ook vooral dat beeld zijn geweest van die koning op dat enorme plein, die de moraal voor het hele land hooghield door in zijn eentje de oorlogsslachtoffers publiekelijk te herdenken.

Ten opzichte van de tegen wil en dank op de Dam geïsoleerde koning, was het contrast met de tienduizend sympathisanten die er op 1 juni stonden voor de racismedemonstratie, pijnlijk groot. Burgemeester Halsema greep desondanks niet in, wat haar flink in de problemen bracht. Behalve van racisme, groeide deze massademonstratie ook uit tot een symbool van bevrijding uit de lockdown. 

Beeld Maus Bulhorst / Trouw

Mark Rutte

Het lijkt eeuwen geleden dat Mark Rutte tijdens een van zijn coronapersconferenties verkondigde dat we geen handen meer mochten schudden, waarna hij pardoes RIVM-directeur Jaap van Dissel een hand gaf. De premier lachte. Het was begin maart, in Nederland sluimerde de crisis nog.

Exact een week later was heel het land in de ban van het virus. De minister-president sprak vanuit het Torentje de burgers toe. “We laten u niet in de steek.” Rutte, die zijn eigen rol jarenlang heeft gebagatelliseerd en het premierschap het liefst wegzet als ‘een baantje’, groeide uit tot het gezicht van de crisisbestrijding. Hij was de afgelopen drie maanden zichtbaarder als minister-president dan in alle negen jaren ervoor.

Met termen als ‘intelligente lockdown’ en ‘anderhalvemetersamenleving’ probeerde Rutte het land door de crisis te loodsen. Eind mei overleed zijn moeder. Diezelfde dag voerde hij kabinetsberaad en gaf hij ’s avonds, op het oog onverstoorbaar, een persconferentie.

De populariteit van de premier is tijdens de coronacrisis naar recordhoogte gestegen. Vele miljoenen mensen keken naar zijn persbijeenkomsten. De lege straten deden vermoeden dat Nederland een WK-finale speelde. Nu gaat ook het kabinet terug naar het ‘nieuwe normaal’. Rutte leidt de crisis meer op de achtergrond, maar ook dan zal hij de coronabestrijding aanvoeren, als onderdeel van ‘het baantje’.

Beeld Maus Bulhorst / Trouw

Het mondkapje

Ze zijn er in medische en niet-medische varianten. Hoogwaardig voor persoonlijke bescherming of van stof, gemaakt omdat ze nu eenmaal per 1 juni verplicht zijn in het openbaar vervoer. Bekende vormen zijn de eendebek, het cupmodel, de plooivormige kap en de platte met een vouw.

De mondkap is allerminst nieuw. Het pestmasker met de lange snavel dat eeuwen geleden werd gedragen zou men kunnen zien als een mondkapje. Het masker in zijn huidige vorm werd voor het eerst grootschalig gebruikt tijdens de uitbraak van de Spaanse Griep, ruim honderd jaar geleden. Later droegen mensen vooral in gebieden met luchtvervuiling een mondkapje.

Door het coronavirus werd het mondkapje plots weer belangrijk. Zo cruciaal zelfs, dat er enorme schaarste ontstond en er vermoedelijk zelfs doden voorkomen hadden kunnen worden als er meer van de beschermende kapjes op voorraad waren geweest. De noodkreten vanuit de verpleeghuizen dreunen nog steeds door. 

Er kwam een nieuwe mondkapjesindustrie. Hier in Nederland en in Europa, voornamelijk voor de zorg. En in Azië, waar fabrieken als paddenstoelen uit de grond schoten en mensen miljonair werden met de verkoop van de meest simpele kapjes.

Nu liggen er 6.313.000 medische mondkapjes en 4.696.000 hoogwaardige ffp-maskers op voorraad in de magazijnen van het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (stand 23 juni). Nog eens vele miljoenen zijn onderweg. Luxe, maar te laat.

Beeld Maus Bulhorst / Trouw

Thuiswerken

Misschien is nog wel het meeste motiverende van thuiswerken, dat werknemers zich vertrouwd voelen door hun baas. Nadat de stroming van Het Nieuwe Werken was weggeëbd, waarbij werknemers veel autonomie kregen om keuzes te maken waar en wanneer ze wilden werken en kantoren meer werden ingericht als ontmoetingsplaatsen, heeft de lockdown de arbeidsmarkt gedwongen eindelijk echt te onderzoeken of thuiswerken werkt. En dat doet het, vinden werknemers blijkens enquêtes van Intermediair en werkgeversorganisatie AWVN. 

Natuurlijk is het ongezellig dat je je collega’s niet ziet, en brainstormen gaat inderdaad beter met z'n allen bij elkaar, maar het prettige aan thuiswerken is ook om geen tijd kwijt te zijn aan files of treinstoringen, een betere balans te kunnen vinden tussen werk en privé en (voor werknemers die niet gestoord worden door jonge kinderen) ook bevorderlijk voor de concentratie. Met behulp van de razendsnel verbeterde technische middelen en thuiswerkportals hoeft de productiviteit niet te lijden onder thuiswerken. Werknemers zijn volgens onderzoek thuis eerder geneigd tot overpresteren dan raddraaien.

Na 1 september wil de helft van de door Intermediair geënquêteerden niet meer terug naar de oude situatie. Idealiter kom je nog een of twee dagen per week op kantoor, peilt AWVN. Dat is ook goedkoper voor de werkgever, die toe kan met minder oppervlakte. Maar vergeet ook niet de werknemers die echt op het werk moeten verschijnen. De AWVN voorziet een groeiende tweedeling tussen white collar-, en blue collar-beroepen, waarbij de werkplekgebonden collega's zich minderwaardig kunnen voelen. Ook voor hen moet nu zo veel mogelijk autonomie worden ingebouwd.

Beeld Maus Bulhorst / Trouw

Elleboog

Waar -ie al niet goed voor is, de elleboog. Met het gewricht geef je de meest hartelijke begroeting, nu zoenen en handen schudden niet meer mogen, het past op knopjes van het stoplicht of de lift en in de holte ervan is het veilig hoesten. De elleboog is de afgelopen tijd uitgegroeid tot een van de beter gewaardeerde lichaamsdelen.

Het was even wennen. Zelfs voor de premier, die tijdens zijn eerste coronapersconferentie toch de hand van RIVM-directeur Jaap van Dissel pakte. En zo vreemd was dat ook niet: het handen schudden is, zeker tussen mannen, een eeuwenoud gebruik dat ooit bedacht werd om een afspraak te bekrachtigen. Vrouwen doen er pas sinds de 19de eeuw aan mee, al is dit in sommige culturen nog steeds omstreden. Al met al wordt een hand geven beschouwd als een teken van respect en gelijkwaardigheid. En het ligt subtiel, want wie te vluchtig handen schudt of helemaal niet, geeft dan weer een signaal van het tegenovergestelde. In 2007 keurde de rechter zelfs een ontslag goed van iemand die op het werk zo demonstratief handen weigerde te schudden, dat het de arbeidsverhoudingen verstoorde.

Wanneer gaan we terug naar de hand, de boks en het duimworstelen? Hoe dan ook zal je na die begroetingen meteen je handen moeten wassen. Een elleboog is voorlopig een stuk praktischer. En misschien cultureel ook minder discutabel. 

Beeld Maus Bulhorst / Trouw

Lees ook:

Eindelijk vrij, maar wel onder voorbehoud

Nederland komt eindelijk van het slot. Maar waar de een feestviert, blijft de ander schuw. Hoe vrij zijn we nu eigenlijk? Reacties uit zes hoeken van de samenleving.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden