Rechtspraak

De zeer bekritiseerde OM-straf werkt beter dan voorheen

Procureur-generaal Rinus Otte presenteert nieuw onderzoek naar OM-strafbeschikking, waarbij de Officier van Justitie op de stoel van de rechter zit. Beeld Phil Nijhuis

Het Openbaar Ministerie heeft de omstreden strafbeschikking verbeterd, zo blijkt uit eigen metingen. Een belangrijke ontwikkeling, want officieren van justitie gaan vanaf nu vaker zelf straffen om de rechter te ontlasten. Ruimte voor verbetering is er nog steeds.

Het Openbaar Ministerie zegt dat het zorgvuldiger omgaat met het opleggen van straffen dan voorheen. Nu rechtbanken vanwege corona een achterstand moeten inlopen, zal het OM dit vanaf 1 juli vaker moeten doen. Eerder klonk er veel kritiek op de zogeheten strafbeschikking, waarmee officieren van justitie sinds 2008 eenvoudige zaken zelf afdoen zonder tussenkomst van de rechter. Zo legde het OM niet goed vast waarom het tot een bepaalde straf kwam en was de officier van justitie geneigd strenger te straffen dan de rechter.

Uit eigen onderzoek van het OM, dat gisteravond naar buiten kwam, blijkt dat dat nu beter gaat. Ook krijgen verdachten vaker dan voorheen de kans om hun verhaal te doen bij de officier van justitie en concludeerden herbeoordelers van zaken dat er in 98 procent van de gevallen wettig en overtuigend bewijs was voor het gepleegde feit. Eerder lag dat percentage lager. Tegelijk zullen critici nog genoeg reden zien om huiverig tegenover de OM-straffen te staan.

Geen gevangenisstraf

Nog geen week geleden kwam de rechtspraak met plannen om de uitgedijde voorraad strafzaken weg te werken. Door de coronapandemie liggen er zo’n 17.000 extra zaken op de plank. Eén van de oplossingen is om veelvoorkomende delicten als vandalisme, winkeldiefstal en bedreiging vaker af te handelen met een strafbeschikking. Het OM mag geen gevangenisstraf opleggen, maar wel een geldboete, taakstraf, of rijverbod, veroordelingen die een strafblad opleveren.

Strafrechtadvocaten vinden dat het OM niet op de stoel van de rechter moet plaatsnemen, en bovendien bleek er in het verleden nogal eens iets mis met de strafbeschikkingen. Zo schreef de procureur-generaal bij de Hoge Raad de afgelopen jaren kritische rapporten over de gang van zaken bij die OM-straffen.

In 2018 ontbrak in de helft van de dossiers bij strafbeschikkingen nog steeds een duidelijke motivering van de strafmaat. Waarom verdachten een bepaalde straf krijgen is achteraf dus niet te achterhalen voor de gestraften, noch voor de officieren die de zaak later nog eens willen bekijken. Ook was het registratieformulier waarop officieren van justitie moeten invullen wie wat heeft gedaan en welk bewijs daarvoor is, in drie van de tien gevallen niet (goed) ingevuld.

Alsnog naar de rechter

Wie een strafbeschikking krijgt en niets voelt voor een afhandeling van zijn zaak bij het OM, kan alsnog naar de rechter. Althans, als diegene binnen twee weken in ‘verzet’ gaat. Het aantal verdachten dat dit volgens de steekproef deed, was in 2018 met bijna 14 procent iets hoger dan de jaren daarvoor. Van de in totaal 32.000 mensen die dat jaar een strafbeschikking kregen, gingen er ongeveer 4400 in verzet.

In het onderzoek schrijft het OM het aantal verzetten graag terug te willen dringen. Advocaten adviseren vaak de strafbeschikking aan te vechten, merkt het OM, omdat zij denken dat zich verzetten meestal voordeliger uitpakt voor verdachten.

Dat is vaak het geval, zo blijkt uit de meting. In 2018, het recentste complete jaar waarover cijfers beschikbaar zijn, kwam 18 procent van de verzetszaken uiteindelijk niet eens bij de rechter terecht, omdat het OM de zaak liet vallen. In de zaken die wel doorgingen, sprak de rechter uiteindelijk nog eens 20 procent van de verdachten vrij. Legde de rechter wel een straf op, dan viel die in iets minder dan een op de drie gevallen lager uit dan de straf die het OM had opgelegd. Het jaar daarvoor lagen deze percentages hoger.

Met het oog op de bulk strafzaken die zijn kant op komt, wil het OM het aantal zaken dat op de plank ligt en doorlooptijd terugdringen. Uit de meting blijkt dat de gemiddelde tijd die het afdoen van een strafbeschikking in beslag neemt, is toegenomen. Bij een kwart van de strafbeschikkingen die in 2018 werden opgelegd, was de doorlooptijd meer dan drie maanden.

Lees ook:

Procureur-generaal Otte: Kwaliteit van de strafbeschikkingen door het OM is goed

Rinus Otte, procureur-generaal van het Openbaar Ministerie, is tevreden over de resultaten van intern onderzoek naar straffen die het OM mag opleggen. ‘Het zit goed met de kwaliteit van de strafbeschikking. Al kan het natuurlijk altijd nóg beter.’

Gepensioneerde rechters aan het werk en avondzittingen om achterstand weg te werken

Door de pandemie liggen er pakweg 17.000 extra strafzaken op de plank. Om die bulk weg te werken, heeft de rechtspraak donderdag allerlei maatregelen aangekondigd. Strafrechtadvocaten zijn kritisch.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden