De ontruiming van een groot drugslab in Kerkrade, eind vorig jaar.

AnalyseDrugs

De twee gezichten van het Nederlandse drugsbeleid

De ontruiming van een groot drugslab in Kerkrade, eind vorig jaar.Beeld ANP

D66 vindt de oorlog tegen drugs een ‘heilloze weg’, maar volgens de ChristenUnie is de strijd nog niet eens begonnen. Eén ding is duidelijk: het Nederlandse drugsbeleid hinkt al decennia op twee gedachten.

Naast het klassieke dealen, is ‘drugshandel 2.0’ ­inmiddels ook een groot probleem, zegt de ­officier van justitie. In de beklaagdenbank zitten vier Limburgse mannen. Zij handelden met name in xtc via het darkweb, een anoniem deel van internet.

De mannen verstuurden naar schatting vijfhonderd kilo drugs vanuit Limburg naar veertig verschillende landen en verdienden zo miljoenen. Volgens de officier van justitie slokken onderzoeken naar dergelijke online-handel steeds meer aandacht op van politie en justitie. Het moet daarom ‘keihard’ worden tegengegaan. Om te beginnen met forse straffen.

De rechtbank Rotterdam gaat daar gedeeltelijk in mee. Waar het OM twaalf jaar cel eist tegen de hoofdverdachte, vindt de rechter zeven jaar voldoende. “Een gevangenisstraf van twaalf jaar is voor nog ernstigere delicten”, luidt het vonnis afgelopen zomer.

De mannen zijn samen met een handvol anderen de eersten die in ­Nederland zijn veroordeeld voor drugshandel via het darkweb. Het is een relatief nieuwe vorm van handel, maar wel uitermate populair, zag de recherche toen zij in 2017 een server kon overnemen van Hansa market, een van de drugsmarkten op het darkweb. Het verkeer naar de server was op een gegeven moment zo groot dat alles vast dreigde te lopen.

De slechte internationale reputatie van Nederland

De Limburgse zaak is ook nog om een andere reden interessant. Het wordt de mannen in het vonnis verweten dat ze met hun actie de toch al slechte internationale reputatie van Nederland als land waar je moet zijn voor drugs naadloos bevestigen.

Beschamend, noemde justitieminister Ferd Grapperhaus dat beeld van ­Nederland als drugsland eerder. En hij is niet de eerste minister die zich de kritiek aantrekt. Volgens het onderzoek van de politieacademie ‘Waar een klein land groot in kan zijn’, ging internationale druk vaak vooraf aan het besluit van de Nederlandse overheid om steviger in te zetten op de aanpak van drugs. Zo kwam er volgens de auteurs na druk uit Frankrijk in 1996 razendsnel een ‘Unit Synthetische Drugs’, waar de politie al langer op aandrong. En begin deze eeuw zorgde kritiek vanuit de Verenigde Staten op het lakse Nederland voor meer inzet van politie en justitie in de strijd tegen xtc.

Ook de laatste jaren spreekt de huidige justitieminister weer over ‘keihard’ ­ingrijpen en ‘krachtiger aanpak’ van de drugsproductie en drugshandel, online en offline. De moord op advocaat Derk Wiersum afgelopen september versterkte dat nog verder. Wiersum was raadsman van de kroongetuige in een megaproces dat draait om een reeks ­liquidaties, vermoedelijk gepleegd door een drugsbende.

Concreet betekent de extra inzet dat er 100 miljoen euro beschikbaar komt voor de strijd tegen de drugsindustrie. Ook is de opsporing van drugscriminaliteit en de daarmee samenhangende ­andere misdrijven als witwassen, ­wapenhandel en liquidaties, tot ‘topprioriteit’ benoemd voor politie en justitie. En ook gemeenten doen mee in de strijd, bijvoorbeeld door panden te sluiten waar handel in drugs gaande is.

War on drugs

Onlangs wakkerden coalitiepartijen D66 en ChristenUnie de discussie weer aan of die harde aanpak wel zin heeft. De eerste partij stelde dat de ‘war on drugs’ (een term die in de jaren zeventig door de Amerikaanse president Nixon werd geïntroduceerd) een heilloze weg is en dat reguleren beter is. Volgens de CU is de strijd nog niet eens echt begonnen.

Wat betekent de huidige inzet concreet? Een greep uit de beschikbare cijfers: de politie rolde in 2018 in totaal 82 drugslabs op, net als in 2017, maar wel een fikse stijging ten opzichte van de ­jaren ervoor. Het aantal onderzoeken van het OM naar de handel en productie van drugs neemt ook al jaren toe.

In 2018 ging het om 578 onderzoeken, terwijl dat er in 2017 nog 514 waren en het jaar daarvoor 476. Records in de ­onderschepping van cocaïne zijn er ook al jaren. Zo namen de autoriteiten in de Rotterdamse haven vorig jaar ruim 30.000 kilo cocaïne in beslag, tegenover 19.000 kilo in 2018.

Beeld Merlin Daleman

Je kunt die stijgingen op verschillende manieren interpreteren. Namelijk: de inzet van de autoriteiten loont, want blijkbaar weten ze steeds meer drugs te onderscheppen. Maar de vraag is of dat beeld klopt. Realiteit is ook dat ladingen cocaïne die criminelen per keer verschepen alleen maar groter zijn geworden, waardoor records snel worden verbroken. Was zo’n vijf jaar geleden een paar honderd kilo per keer nog heel normaal, nu begint het zo’n beetje bij duizend kilo, constateert Wilbert Paulissen, tot 2019 hoofd van de landelijke recherche, in een artikel in Cahiers Politiestudies waarin hij terugblikt op tien jaar omgang met het drugsvraagstuk.

Bovendien blijft Nederland, hoewel de aanpak topprioriteit is, hoog op alle drugslijstjes staan. Afgelopen november nog publiceerde het Europese monitoringscentrum voor drugs, EMCDDA, een rapport over de drugsmarkt in Europa. Nederland speelt nog altijd een centrale rol in de productie en handel van cannabis, xtc, heroïne en cocaïne. En waar België ook hoog scoort in de xtc-productie, concludeert het EMCDDA dat daar dan vaak Nederlandse criminelen achter zitten.

Is het een kwestie van nog strenger optreden, zoals CU-Kamerlid Stieneke van der Graaf maandag in Trouw suggereerde toen ze zei dat de strijd tegen drugs in Nederland nooit echt begonnen is? Het antwoord op de vraag of het strenger kan, is simpel: ja dat kan. Of het ook helpt, is een tweede.

Zerotolerancebeleid

Neem festivals. Hoewel er officieel een zerotolerancebeleid voor drugs geldt, is de realiteit dat een aanzienlijk deel van de bezoekers middelen gebruikt. Dan kun je festivals verbieden – zo besloot de gemeente Hellendoorn vanwege het drugsgebruik het Hard­shock Festival dit jaar geen vergunning te geven.

Je kunt ook denken aan een honderdprocentcontrole op festivalbezoekers. Dat is in het verleden al weleens geprobeerd. Ton Nabben, drugsonderzoeker van de Hogeschool van Amsterdam, schreef jaren geleden als eens over ‘Operatie Zero Tolerance’ van de politie bij een festival in Arnhem. De conclusie: nog los van de vraag of het de enorme inzet rechtvaardigt die dat vraagt van de politie, bleek een honderdprocentcontrole een illusie. Bezoekers verstopten hun drugs gewoon nog wat beter bij het betreden van het festivalterrein. Daarnaast hadden de strenge controles aan de deur nog een ander ­belangrijk effect: mensen gebruikten al voordat ze naar het festival gingen flink wat middelen, om niet gesnapt te worden met de drugs. Met alle gezondheidsrisico’s van dien.

Dat laatste punt legt de vinger op de gevoelige plek van het Nederlandse drugsbeleid. Tegelijk met termen als keihard aanpakken, blijft een belangrijk element van het beleid de volksgezondheid. Dat is de reden dat productie, handel en bezit van drugs wel strafbaar zijn, maar het gebruik ervan niet. Het moet voorkomen dat drugsgebruikers geen hulp durven te vragen omdat ze bang zijn voor sancties.

Beeld Merlin Daleman

Nederland wordt vanwege dit beleid in striktere landen als soft gezien, maar de aanpak wordt ook geprezen. Zo hekelt de Global Commission on Drug Policy, de denktank met onder meer oud-staatshoofden, de repressieve en harde aanpak van drugs in verschillende landen al langer. De angst voor straf op ­gebruik in een land als de Verenigde Staten, of het enorme geweld dat de ­Filippijnse autoriteiten inzetten in de strijd tegen drugs, resulteerden in duizenden doden, aldus de commissie.

Het belang van de gezondheid als onderdeel van het drugsbeleid, wordt ook nog steeds door het Nederlandse kabinet onderschreven. Wat wel opvalt, is dat de aandacht meer is komen te liggen bij de verantwoordelijkheid van de gebruikers zelf. Minister Grapperhaus gelooft dat het succes van het offensief tegen drugscriminaliteit afhangt van een mentaliteitsverandering bij mensen die gebruiken of mensen die onverschillig tegenover gebruik staan. Nog dit voorjaar moet een proef starten waarin gebruikers op hun verantwoordelijkheden gewezen worden.

Die onverschilligheid heeft ook oud-rechercheur Paulissen verbaasd, schrijft hij. ‘Liquidaties, afgehakte hoofden en bedreigde gezagdragers, we vinden allemaal dat het niet kan. Tegelijkertijd ­maken we ons om de productie en het gebruik van drugs niet erg druk in Nederland, als het maar ‘netjes’ blijft.’ Volgens hem wordt het tijd dat iedereen gaat inzien dat het geweld en de bedreigingen met die drugs samenhangen.

Ook in de Limburgse darkwebzaak lag de vraag op tafel of dealen via internet net zo erg is als ‘klassiek’ dealen. Volgens de advocaat van de hoofdverdachte moest de rechter er rekening mee houden dat er bij zijn cliënt geen sprake was van bijkomende overlast met wapens, ripdeals of witwassen. Maar de rechter was het daar niet mee eens. “Ook al vindt de handel in de beslotenheid van het darkweb plaats, de verdachte is een schakel in de drugketen die veel rand- en gevolgcriminaliteit veroorzaakt”, aldus het vonnis.

Lees ook:

Drugsgebruikers in Amsterdam, elke groep zijn eigen middel en motief

Door een kritisch rapport over het Amsterdamse antidrugsbeleid staan plotseling ook de gebruikers in de schijnwerpers. Wie zijn dat eigenlijk? Het smoelenboek van de grootste spelers uit de hoofdstedelijke drugsscene.

D66 en de ChristenUnie staan lijnrecht tegenover elkaar over hoe het drugsbeleid eruit moet zien

D66 noemt de harde aanpak een heilloze weg en wil regulering, terwijl ChristenUnie streeft naar een drugsloze samenleving

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden