Straatinrichting

De straat is nu vooral voor de auto, maar willen we dat wel?

Fietsprofessor Marco te Brömmelstroet op het schoolplein van zijn dochter.Beeld Bram Petraeus

Het nieuwe boek ‘Het recht van de snelste’ is een pleidooi om na te denken over ‘ons asociaal geworden verkeer’. Ga iets van je eigen straat vinden, roepen de auteurs op.

Eindeloos bakstenen en parkeerplaatsen. Niet direct wat je verwacht van het nieuwe bouwen. Toch woont juist in deze nieuwbouwbiotoop in Ede Marco te Brömmelstroet, hoogleraar mobiliteit aan de Universiteit van Amsterdam, die zichzelf labelt als ‘fietsprofessor’. Hij kocht dit huis omdat station Ede-Wageningen vlakbij ligt.

Te Brömmelstroet schreef het boek ‘Het recht van de snelste’, samen met Thalia Verkade van schrijverscollectief de Correspondent. Ze behandelen onderwerpen als het grote aantal slachtoffers dat auto’s maken en het vele belastinggeld dat naar groei van het autoverkeer blijft gaan. 

“Verkeerskunde is gestold. Het systeem is bijna niet omver te krijgen. Zelfs de Fietsersbond is ingekapseld”, vat Te Brömmelstroet het boek samen. “Zelfs corona heeft de taal niet veranderd. Alles is gebaseerd op automodellen en reistijdwinst. Wethouders en ministers volgen vaak klakkeloos het advies van verkeersdeskundigen. Die hebben ook maar drie jaar lang een vreemde taal geleerd.” 

Kenniscentrum CROW – ook al in Ede – stelt voor overheden praktijkrichtlijnen voor verkeer op. “Bewoners praten pas achteraf mee, via de rechter. Zij moeten eerder meedenken. Het gaat mij niet om het invoeren van 30 kilometer per uur of voorrang voor fietsen. Ik wil mensen mobiliseren en oproepen zélf te bedenken wat zij willen met hun straat.”

‘Belangrijke morele keuzes liggen nu op het bord van verkeerskundigen’

Hoofdregel is dat de auto moet doorstromen. Het is nu veel moeilijker een zebra of een drempel in je straat te krijgen dan in de jaren tachtig. “Een straat is in deze verkeersvisie een doorvoerpijp. Maar ik wil dat kinderen zelfstandig naar school kunnen. Steeds meer mensen willen leefstraten. Mensen moeten beslissen over het verkeer, niet het CROW.”

Om de hoek van Te Brömmelstroets huis komt de basisschool van zijn kinderen. “Ik ontdekte dat standaard een Kiss&Ride wordt ingetekend. Maar de ene ouder wordt bang voor auto’s en gaat het kind met de auto wegbrengen, waarop de volgende hetzelfde denkt, et cetera”. Wanneer is deze Amerikaanse oplossing in Hollandse nieuwbouwregels geslopen? “Geen idee. Er is geen discussie over geweest. Daarover gaat het boek. Dat belangrijke besluiten op het bordje liggen van verkeerskundigen terwijl het morele keuzes zijn. Wij willen de straat weer politiek maken.”

De fietsprofessor ging zich inzetten voor een groter speelplein in plaats van de Kiss&Ride. De schooldirecteur had verondersteld dat de CROW-regel verplichtend is. “Maar je mag afwijken. Bijvoorbeeld door autogebruik juist te ontmoedigen.” Daarvoor moest de vader een draagvlakmeting houden. En wat bleek? 84 procent van de ouders wil het graag anders. De buitenspeelnorm telt voor elk kind 3 vierkante meter, ‘minder dan een biologische kip’. Hij wijst op een klein pleintje: “Dat is alles. Toch is iedereen blij dat de norm is gehaald. Maar is dit wat we voor de kinderen willen maken?”

‘Leiders verwijzen liever naar experts’

Zo gaat het ook met stikstof- en klimaatdiscussies, stelt Te Brömmelstroet. “De politiek voert geen gesprek over het waarom van een maatregel, en welke morele keuzes eraan ten grondslag liggen. Leiders verwijzen liever naar experts.”

Dankzij oplettende ouders en veel vergaderingen extra krijgen deze kinderen in Ede straks als proef dubbel zo veel speelruimte. Rond de school loopt toevallig onderwijswethouder Leon Meijer (ChristenUnie). Hij is heel blij met het experiment dat twee jaar loopt. Hoe kan een christelijke partij haar visie vertalen naar de publieke ruimte? “Laat de kinderen tot mij komen, maar niet met de SUV”, grapt Meijer. Hij kent de verwarring die CROW-regels oproepen. “Die raden het aanleggen van drempels in een hardrijgebied af, maar toch liet ik in mijn vorige portefeuille daar veel drempels plaatsen voor de veiligheid.”

Fietsprofessor Marco te Brömmelstroet op het schoolplein van zijn dochter.Beeld Bram Petraeus

En, had de fietsprofessor gevraagd: waarom mogen de onderwijswethouder, een theoloog en een pedagoog niet meepraten over de inrichting rondom de christelijke Oranje Nassau-basisschool, in plaats van alleen de verkeerskundige? En wat zouden de kinderen willen? Wethouder Meijer moet schipperen met zijn groene idealen en coalitiepartijen VVD en CDA die overal met de auto willen komen. “Profietsmaatregelen heten al snel ‘autootje pesten’.” Hij heeft geleerd dat het beter is als bij de volgende school meer bewoners en kinderen van tevoren meepraten: “Zodat bewoners zich eigenaar gaan voelen van de openbare ruimte”.

Verplichte kost bij verkeersopleiding

‘Het recht van de snelste’ doet het goed met een eerste oplage van tienduizend exemplaren, en een tweede druk op komst. Bij verkeersambtenaren en wethouders in het hele land ligt het op de stapel. De kracht vormen de filosofische vragen die de auteurs opwerpen bij wat veel Nederlanders als vanzelfsprekend aannemen. Wie dit boek gelezen heeft, kijkt nooit meer op dezelfde manier naar haar of zijn straat. Neem de vraag waarom er bij stoplichten geen drukknop is voor automobilisten? Vanaf september gaat de hbo-verkeersopleiding Windesheim het boek gebruiken als verplichte lesstof. “Verkeerskunde is een belangrijk en nuttig vak. Je gunt het de verkeersambtenaren dat hun wethouders dit boek lezen”, adviseert mobiliteitshoogleraar Marco te Brömmelstroet.

NB: In een eerdere versie stond dat het Nederlandse fietsende schoolkind als immaterieel Unesco-werelderfgoed geldt. Dat is niet correct en is aangepast. 

Lees ook:

Amsterdamse voetganger eist meer plek op de stoep

De voetganger is vaak het ondergeschoven kindje. Daarom komt Amsterdam nu met de nota ‘Ruimte voor de voetganger’. Critici vinden de loopruimte voor voetgangers daarin te beperkt. ‘Zelfs de stoeprand telt mee.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden