InterviewNavo-missie

De oorlog in Afghanistan zinloos? Niet volgens deze veteraan. ‘Het alternatief is niets doen’


Maartje van Spijker, veteraan die dienst deed in Afghanistan. Beeld
Maartje van Spijker, veteraan die dienst deed in Afghanistan.Beeld

Afghanistan-veteraan Maartje van Spijker (40) werd twee keer uitgezonden als onderdeel van de Navo-missie die nu zijn einde vindt. Ondanks het geweld en de kwetsbaarheid van alles wat de militairen opbouwden, heeft ze heimwee. ‘Ik zou zó morgen weer gaan.’

Als je in Afghanistan uit het vliegtuig komt, vóel je dat je een compleet andere wereld binnenstapt, zegt veteraan Maartje van Spijker (40). “De hitte, het stof, de bergen, de ruigheid van het landschap. Heel anders dan het groene, natte land waar je vandaan komt.”

Maar ook: het is er écht oorlog. “Ineens betekent een kind dat met een op afstand bestuurbaar autootje speelt iets heel anders. Want waar is die afstandsbediening precies voor? Langs de weg zitten gewoon mensen met een wapen op schoot. Je weet soms niet zo goed wie vriend of vijand is.” En er heerst armoede. “Ik was wel op reis geweest naar minder bedeelde landen, maar dit was echt anders. Je zag meteen waarom we daar waren.”

Twee keer is Van Spijker naar Afghanistan uitgezonden, in 2007 en 2010. Ze werd militair omdat het avontuur, het leiderschap en de sportiviteit haar aanspraken, en omdat ze anderen wilde helpen. “Ik popelde om op missie te gaan. Toen ik voor het eerst mocht, dacht ik echt: eindelijk.”

In Afghanistan hielp ze bij alle logistiek rondom de missie, eerst als plaatsvervangend hoofd logistiek, later als commandant. Ze ging dagelijks checklists af: wat hebben de militairen die buiten de poort op patrouille zijn nodig qua voeding, medische hulp en munitie? “Middelen zijn schaars, dus je moet alles heel goed overwegen.”

Erfenis van de missie

Tijdens haar tweede uitzending naar het land, in 2010, ging Van Spijker op missie om in te pakken; de Nederlanders maakten plaats voor Amerikanen en Australiërs. Het deed haar nadenken over de erfenis van de missie. “In drie jaar tijd was er wel wat veranderd. Er was een schooltje, een landingsbaan, wegen. Maar ik dacht wel: wat gebeurt hiermee, als wij dadelijk weg zijn?”

De prijs die voor de resultaten wordt betaald is hoog: vier collega’s uit de eenheid waar Van Spijker in 2007 deel vanuit maakte, zijn niet teruggekomen. Onder hen Jos Leunissen, een 44-jarig sergeant-majoor die tijdens hevige gevechten bij de verdediging van de Chora-vallei om het leven kwam.

Maartje van Spijker in Uruzgan. Beeld
Maartje van Spijker in Uruzgan.Beeld

Leunissen was een naaste collega van Van Spijker, maar het drama drong in eerste instantie niet tot haar door. “Op het moment dat dat gebeurt is er zoveel hectiek. De missie draait nog steeds op volle toeren, er zijn nog allemaal eenheden buiten de poort. Pas op het moment dat het rustiger is, word je met beide benen op de grond gezet: die collega die in het kantoor naast me werkte, is er niet meer.”

Nederlandse militairen in Afghanistan

Nederland stuurt vanaf 2002 militairen naar Afghanistan. Die moeten vooral helpen bij de wederopbouw van het land. Ook leiden ze in de noordelijke provincie Kunduz Afghaanse politiemensen op.

Van 2006 tot 2010 zijn Nederlandse militairen ook betrokken bij een missie in de Afghaanse provincie Uruzgan. Daar wordt stevig gevochten; er komen 25 Nederlandse militairen om het leven.

Op het moment zijn er nog zo’n 160 Nederlandse militairen in het land. Zij doen mee aan de Navo-missie Resolute Support.

Van Spijker heeft een ‘nuchtere’ persoonlijkheid, zegt ze. “Ik verzand niet in dat soort dingen. Hoe gek het misschien ook klinkt, dit soort dingen horen bij je werk als militair.” De dood van collega’s maakt de verbondenheid binnen de eenheid nog groter, zegt ze. Nog steeds heeft een groep militairen contact en wordt Jos onder hen herdacht. “Iemand laat op zo’n manier echt iets bijzonders achter.” Van Spijker bleef niet in de militaire wereld; tegenwoordig is ze communicatiemanager bij de Bas van de Goor Foundation, die mensen met diabetes helpt om te sporten.

Lange adem is nodig

Wat laat Nederland achter in Afghanistan? Van Spijker weet het niet. “Wat we daar hebben gedaan is kwetsbaar. Het is moeilijk te zeggen of ons werk blijft bestaan.” Een missie als die in Afghanistan vraagt om ‘een lange adem’. Is twintig jaar lang genoeg? Nee, zegt ze. “Zeker in een land als Afghanistan, met een complexe geschiedenis vol buitenlandse invasies, is het als westerse krijgsmacht heel moeilijk om het verschil te maken.”

Dat de oorlog als ‘doelloos’ of ‘niet te winnen’ wordt bestempeld, zet haar wel aan het denken. “Soms denk ik, misschien hebben de mensen die dat zeggen wel gelijk.” Maar, zegt ze, zinloos is de Nederlandse missie niet geweest. Daarvan is ze overtuigd: “Al heb ik maar één leven gered, of verbeterd, dan is het het al waard. En het alternatief is niets doen. Daar wordt de wereld ook niet beter van.”

Ze zou zó weer gaan. “Ik heb nog steeds heimwee naar Afghanistan. Naar de saamhorigheid die ontstaat op zo’n plek. Zo’n missie, dat is waarvoor je dat pak aantrekt.”

Lees ook:

Rust en vrede in Afghanistan zijn nog ver weg, ook na vertrek Amerikanen

De Amerikanen en hun bondgenoten vertrekken uit Afghanistan. Maar wat betekent dat voor de toekomst van het land?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden